Dwalen door Lille

Nee, deze blog is niet gesponsord door de stad in kwestie, evenmin als mijn blogs over Brussel of Parijs. Ik heb gewoon een zéér grote liefde voor steden waar ik Frans mag praten, waar de historie van de kasseien ketst, waar het wemelt van de boekwinkels, waar niet alles is schoongepoetst en waar zoet, hartig en alle soorten drank goed vertegenwoordigd zijn. Daarom togen we naar Lille. En omdat ik niet zo goed ben in de hele vakantie thuisblijven. De leuke jongen uit de trein vindt het gelukkig prima, zo lang we volgend jaar maar naar ‘zijn’ stad Vancouver gaan.

Lille_1

Een beetje geschiedenis

Lille heeft een rijke en bewogen geschiedenis, voor het eerst op schrift genoemd in 1066. Vanwege de ligging tussen Antwerpen, Londen en Parijs werd het snel een belangrijke handelsstad waar de rijken der aarde graag hun gezicht lieten zien. De stad kreeg het zwaar te verduren in beide Wereldoorlogen en kreeg nog eens op zijn kop toen de mijnbouw, textielindustrie en staalindustrie onderuit gingen. Maar door in te zetten op de dienstensector, inclusief het toerisme, ziet het er weer zonnig uit.

Katten en bedelaars

Die zon hadden we sowieso mee op reis, wat alles nóg beter maakte. We logeerden in een buitenwijk met veel hoogbouw, maar er stonden geen saaie flats. De gevels hadden knallende kleuren en veel balkons hadden mooie houten balustrades. Tussen de flats veel groen en heel veel katten. Zodra wij een voet op ons terras zetten, kwamen nieuwsgierige miauwerds kopjes geven. Overal in de wijk stonden bakjes met brokken en bakjes met water. Een pijnlijk contrast met de vele bedelaars langs de grote weg. Moeders met kinderwagens klopten op de ramen van de auto’s voor het stoplicht en ook kinderen waarvan de ouders nergens te bekken waren, maakten kommetjes van hun handen en trokken grote vraagogen. Zij kregen niets.

Lille_4

Schoonheid

De oude stad, Vieux Lille, is prachtig. Rijkversierde gevels met meer ornamenten dan je in één oogopslag kunt zien. Hoe dichterbij je komt, hoe meer je ontdekt. Zoals charmante houten luiken en indrukwekkende houten deuren met leeuwenkoppen en complexe motieven. Beelden in nissen, inscripties in gevelstenen. La Place du Général de Gaulle, meestal Grand Place genoemd, heeft dezelfde uitstraling als de Grote Markt in Brussel of in Leuven. Sowieso doet de stad heel Belgisch aan. Iedere kroeg schenkt vele Belgische bieren en in de eetcafés staan ‘potjevleesch’ en ‘waterzoï’ op de kaart. Die eetcafés lieten we grotendeels links liggen, want we kozen een avond voor Marokkaans, een avond voor West-Afrikaans en een avond voor thuis op de bank met een zelf samengestelde vlees- en kaasplank.

Schone kunsten

Bij het Palais des Beaux Arts vonden we een portemonnee van een Nederlands meisje. Haar hele leven zat erin, van rijbewijs en autopapieren tot bankpassen, spaarkaarten en identiteitsbewijs. Na wat speurwerk van de leuke jongen uit de trein kreeg hij haar via haar werkplek in Nederland te pakken. In de bijzondere hal van het Palais troffen we elkaar. Ze had haar spullen nog niet gemist, dus ook nog niets geblokkeerd en dankzij ons ging ze haar bus naar Ieper ook nog halen. Wat een mazzel. Ze raadde ons aan vooral de schilderijen te bekijken. Dat deden we. Het waren er veel, ontelbaar veel. Soms twee of drie stuks boven elkaar. De belichting was helaas matig, waardoor we telkens de juiste hoek moesten zoeken om te zien wat op de doeken stond. Na twee uur struinen, begon langzaam kortsluiting te ontstaan door de hoeveelheid kunstwerken. Of zoals de leuke jongen uit de trein het verwoordde: “Error, error, system overload.”

Lille_2

La Gare Saint Sauveur

Eerder die dag liepen we binnen bij La Gare Saint Sauveur. Een eigenzinnig cultureel centrum met een leuke sfeer in en rondom een voormalig station. Een deel van de sporen ligt er nog en de industriële stalen en betonnen constructies van het gebouw zijn goed zichtbaar. Hier kun je met Lego bouwen aan de stad van de toekomst, wandelen door de biologische tuin, naar de film, naar concerten en naar telkens andere tentoonstellingen. Toen wij er waren, was dat een (gratis!) fototentoonstelling over wielrennen en de Olympische Spelen. Er liep super vriendelijk personeel rond, dat graag tekst en uitleg gaf bij het gebouw en de foto’s en ook tonnen geduldige aandacht besteedde aan de vele schoolklassen die binnenkwamen. Op de foto “zie” je het wereldrecord hoogspringen. Het stationsrestaurant met de vrolijk gekleurde stoelen waar we rond lunchtijd de laatste tafel wisten te bemachtigen, is een aanrader. Ik had beurre blanc aux fruits de la passion bij mijn gebakken zalm. Mjam.

Lille_3

Nog zo veel te zien

We zagen nog veel meer, zoals het gigantische winkelcentrum Euralille (niets gekocht, behalve bij de Carrefour), de Porte de Paris in het midden van een rotonde en het stadhuis met zijn enorme toren. We zagen ook heel veel niet. Lille heet Lille omdat het op een eiland in de rivier Deule ligt. We hebben die hele rivier niet gezien, evenmin als de haven, die bij de grootste binnenhavens van Frankrijk blijkt te horen. We liepen langs het fotogenieke beursgebouw, maar sloegen het kleurrijke binnenplein over waar regelmatig boekmarkten zijn, schaak wordt gespeeld en tango gedanst. We negeerden het grote park rondom de citadel en we misten de markante marmeren voorgevel van de Notre Dame de la Treille, wat bijna knap is.  Omdat we ons al ongans hadden gekocht bij de reusachtige Carrefour, sloegen we de veel authentiekere Halles de Wazemmes over. Geen van de fonteinen was in werking en de voorgevel van het Palais stond in de steigers.

Hè wat vervelend, nu moeten we nog een keer terug!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s