Brief aan mijn papa

Lieve papa,

Je luchtgitaar al gestemd? Je krijgt alweer bezoek daarboven.

Eén voor één vallen onze gezamenlijke muzikale helden om. Ik ben nog niet bekomen van Tom Petty, nu ineens Dolores O’Riordan voorgoed het podium verlaat. Pas 46 jaar. Nog jonger dan dat jij geworden bent.

Weet je nog? Je vond Zombie eigenlijk iets te stevig, maar je speelde toch mee met de harde, logge gitaren. De oerschreeuw In Your Head klonk geregeld door de woonkamer. Ik denk vanaf een cassettebandje dat je kreeg van Hans. Later kocht ik de cd Bury the Hatchet voor je, maar hield zelf de poster die erbij zat.

Je genoot het meest van de luisterliedjes. Cordell was favoriet. We voegden het op het laatste moment toe aan de setlist van je crematie. Maar iemand vergat op play te drukken.

Cordell, 
Time will tell, 
They say that you’ve passed away, 
And I hope you’ve gone to a better place.…

Als het nog even zo doorgaat met omvallende artiesten (en met machthebbers die hel en verdoemenis preken en er graag persoonlijk aan bijdragen de wereld om zeep te helpen), zit jij binnenkort zéker op een betere plaats dan wij hier beneden.

Wat zou ik dat graag geloven.

I have always kept my faith in love
It’s the greatest thing from the man above

Doe Dolores de groeten van me.

Liefs,
Lieke

Advertenties

2017

15147313675511675004233.jpgWat was je goed voor mij, voor ons 2017.

Dat voelde niet altijd zo, bijvoorbeeld toen de klusjesman voor de zoveelste keer niet kwam opdagen om de badkamer te betegelen, toen de douche voor de tweede keer lekte, of toen ik huilend naar huis reed van een opdracht omdat ik echt te veel werk had aangenomen.

Maar wat zijn we een bofkonten. Niemand werd ziek, niemand ging dood. Vrienden en familie bleken wederom goud waard. We verhuisden naar een fijne plek waar mijn schoonouders zich het licht uit de ogen werkten om van ons huis een paleisje te maken (nog steeds work in progress). En als 100% zelfstandig ondernemer schreef ik mooie verhalen en schreef ik mezelf in de zwarte cijfers. Na een jaar waarin ik net het minimumloon aantikte, bracht 2017 ademruimte en nog meer. Nee, geld maakt niet gelukkig, maar is toch verdomde handig. Het voelt zo goed om overal de helft van te kunnen betalen. Het was één van de beste beslissingen uit mijn leven om te stoppen in loondienst.

En vandaag sluiten we het jaar af in mijn geliefde stad Parijs (al is Brussel inmiddels een serieuze concurrent). Straks proosten we bij de Sacre Coeur met een plastic beker vol bubbels op wat nog komt, terwijl we neerkijken op miljoenen lichtjes. De leuke jongen uit de trein is hier voor mij, de schat, want hij was liever thuis gebleven.

Dankjewel aan wie er met en voor ons was in 2017. Zonder jullie was het jaar niet half zo goed geweest. Ik wens jullie een fenomenaal fantastisch fijn 2018!

Liefs -xxx-
Lieke

P.S. Op mijn zakelijke pagina verpakte ik mijn nieuwjaarsboodschap in een blog over cijfers.

Avontuurlijke eters

Een uitstapje. Bedoeld als kerstborrel en jaarafsluiting voor collega’s. Gelukkig voor mij tellen vrijwilligers en freelancers ook mee als collega.

sushi

Vier van de zes mensen vragen om bestek. Nummer vijf eet vooral met zijn handen. Ik houd dapper stand met mijn stokjes. En beleef een avontuurlijke avond met avontuurlijke eters. Wat de boer niet kent, stopt hij zéker in zijn mond.

“Getverdemme. Ik snap wel waarom wij zulke bonen niet eten.”
“Je had de bonen uit hun jasje moeten halen.”
“Oh, en dat zeg je nu pas!”

Over de wasabi: “Is dat kruidenboter? Waar is het stokbrood?”
Over de gember: “Die plakjes zalm zijn wel heel dun gesneden.”
Over de bakjes voor de sojasaus, terwijl de serveerster afruimt: “Waar waren die eigenlijk voor?”

Afgeladen vol, licht aangeschoten en uiterst tevreden rollen we het restaurant uit. Altijd leuk om mensen op een andere manier te leren kennen. Dat er nog maar vele avontuurlijke avonden mogen volgen.

 

 

Eergisteren was het weer papadag

papa.png

Lieve papa,

Op jouw sterfdag wilde ik een blog schrijven over gemis en doorgaan en hoe snel de tijd voorbij gaat. Dat kwam er niet van. Net als die ‘brieven aan mijn nichtje’ die al in geen maanden meer het licht zien. In mijn leven loopt namelijk maar weinig volgens plan. Werkontwijkend gedrag, daar ben ik in ieder geval goed in. Dus vertrouw ik mijn gedachten nu toe aan ‘de wereld’ terwijl ik eigenlijk een verslag zou moeten schrijven over een onderwerp dat jou zeer geboeid zou hebben: jongeren die niet naar school gaan en niet werken.

Op 9 december huilde ik, zoals gewoonlijk.
Niet omdat jouw dood op die dag meer pijn doet dan anders.
Ik vraag er op 9 december altijd een beetje om.
Door de muziek te draaien waar jij van hield.
En dan komt ‘Have I told you lately’ voorbij en is er geen houden meer aan.

15 jaar zonder jou.
Zonder wandelingen over de dijk en door het bos.
Jij met je handen op je rug net als je vader.
Zonder luchtgitaaroptredens.
Zonder gekke fratsen.

Zoals die keer dat beste vriendin B belde:
“Met Fransiscus van Assisie”
“Oh, dan ben ik verkeerd verbonden.”
“Ken je mij niet? Ik ben al een 750 jaar dood!”

Of die keer dat jij je zus belde, toen we terug waren van vakantie:
“Ik bel je even om te zeggen dat het slecht weer was in Frankrijk. We zijn doorgereden naar het zuiden. Staan nu op het punt om over te steken naar de Sahara. Het kan dat je een tijdje niets van ons hoort.”

Steeds vaker vraag ik me af hoe anders mijn leven zou zijn als jij er nog was. En of ik mijn verleden bekijk door een roze bril. De werkelijkheid botst namelijk met hoe mijn leven zou moeten zijn.

We konden overal over praten, benadrukten mama en jij steeds. Maar we zijn geen praters. Althans, niet met elkaar. Vier leden van een gezin vol liefde, maar ook een gezin van broze verstandhoudingen en elkaars keuzes niet begrijpen. Een gezin waar de koude kant soms echt in de kou staat. Vier mensen die van elkaar houden, maar dat zelden tegen elkaar zeggen.

Ik denk dat je het daar moeilijk mee zou hebben. Verbeeld me dat alles gemakkelijker zou gaan, als jij er nog was geweest. Zie voor me hoe je samen met de leuke jongen uit de trein in de tuin staat en een sigaretje rookt, een pilsje drinkt en praat over muziek. Hoe jullie samen filosoferen over incompetente ouders en wat er van hun kinderen moet worden. In mijn verbeelding is alles mogelijk. Maar de optie dat jullie elkaar niet aardig zouden vinden, wil ik niet verkennen.

(Brrrr, ik haat het woord ‘zouden’ en nu strooi ik ermee).

Ondertussen baan ik mij struikelend een weg door het leven.
Bang om een slechte dochter en zus te zijn.
Bang voor belangrijke beslissingen of daarmee al te laat te zijn.
Onzeker over de toekomst.
2017 is een zakelijk succes, maar er zijn geen garanties voor 2018.

Jij gaf ook nooit garanties, onderstreepte onze eigen verantwoordelijkheid en leerde ons discussiëren op basis van argumenten. Mama en jij vulden elkaar perfect aan. Jullie waren een liefdevol voorbeeld van elkaar knuffelen en kussen in ons bijzijn. En soms maakten jullie ruzie. Meestal op momenten dat jullie (te) weinig tijd hadden voor elkaar. Hoe herkenbaar.

Het is vooral dankzij jullie opvoeding, dat ik ben wie ik ben. Een vrouw met angsten en onzekerheden die er soms dingen uitflapt die ze beter voor zich kan houden. Maar ook een vrouw met een machtig mooi leven. Met een liefdevolle relatie en een grote groep vrienden. Met een bedrijf dat zonder kruiwagens en startkapitaal is geworden wat ik wilde. Met een grote nieuwsgierigheid en de drang om altijd te blijven leren.

Maar verdomme, wat zou ik je graag nog eens tegen mama horen zeggen “Dat hebben we toch goed gedaan.”

Ik blijf papa’s kleine meisje. Verlangend naar bevestiging.

Ik hou van jou.

Liefs,
Je oudste dochter

 

Roetveegpiet

Mijn vorige blog ging over het uiterlijk van de over het dak buitelende pieten die ervoor zorgen dat veel kinderen in Nederland voor of op 5 december worden bedolven onder een stapel cadeaus. Ik was er daar één van afgelopen zaterdag.

Van mij mogen pieten dus best van uiterlijk veranderen. Als tradities nooit zouden veranderen, aten ik iedere dag aardappelen, mocht ik niet buitenshuis werken of stemmen en was de dominee of pastoor al tientallen keren komen vragen waarom ik nog geen kinderen heb. Ik moet er niet aan denken!

Dus vroeg ik, gesteund door ‘mijn’ Sinterklaas, aan de mensen van de schmink om van mij een roetveegpiet te maken. De mensen van de schmink zijn hele aardige mensen die iedereen vriendelijk ontvangen en die zich met schminken en verhuren van pakken vrijwillig inzetten voor enkele lokale verenigingen.

Maar aardig of niet, de mensen van de schmink vonden mijn vraag absurd en dus kreeg ik commentaar in de vorm van: ‘Wat een onzin. Die hele discussie zou niet eens gevoerd moeten worden. Het is ons feest. Het was nooit een probleem, dus waarom moet het dan veranderen…’

Na nog wat gesputter dat een roetveegpiet veel moeilijker te schminken is dan een ‘gewone’ piet, kreeg ik wel mijn zin. Volgens de mensen van de schmink had nog niemand anders erom gevraagd, terwijl ze toch al tientallen roze gezichten hadden getransformeerd. Benieuwd of dat volgend jaar anders is.

Roetveegpiet

 

 

 

 

Gewetensnood

Even werkontwijkend gedrag vertonen door op Facebook te kijken wat mijn vrienden en bekenden zoal bezig houdt, is in deze tijd van het jaar een pijnlijke confrontatie met denkwijzen die niet de mijne zijn.

Wat een dramatische filmpjes van huilende Pieten met sentimentele muziek eronder. Wat een uitroeptekens. Deel dit en deel dat en teken de petitie zodat Piet zwart blijft. Bron van dit soort berichten zijn vaak pagina’s met enge titels zoals ‘Nederland is mijn land’. Brrrrr. Laat Piet toch lekker van kleur veranderen.

Van de andere kant. Komende zaterdag speel ik Piet. Een diepdonkerbruine. Om de simpele reden dat de organisatie die voor de kleding en de schmink zorgt over niets anders beschikt. En omdat een aantal kinderen mij zonder schmink misschien herkent. Maakt dat me laf? Of nog erger? Want ik weet dat de verschijning van Zwarte Piet mensen kwetst en ik wil niemand kwetsen.

De familie die Sinterklaas en mij inhuurt is een warme, gastvrije familie waarvoor ik mijn hand in het vuur durf te steken dat ‘iedereen is gelijk, iedereen is welkom en behandel iedereen met respect’ één van de belangrijkste familieovertuigingen is.

Drie generaties zijn bij het jaarlijkse feest, waarvan een stuk of tien kinderen in de ‘gelovige’ leeftijd. Ik heb de grootste lol als ze mij op zolder vinden, waar ik zogenaamd in slaap ben gevallen tijdens het inpakken van de cadeautjes. Ik zing enthousiast mee met alle liedjes en ik dans op het Pietenlied.

Maar het is met buikpijn en in gewetensnood dat ik mij zaterdag in een zwarte maillot wring en in een groenpaars velours pakje hijs.

Waarin ik er uiteraard allercharmanst uitzie, dat dan weer wel:
Lieke is Piet

#ikweethetniet

Ik merk dat ik heel dubbel in het #metoo verhaal sta, om het maar even met een kromme zin te zeggen.

Ja, ik vind het een goed idee om te laten zien hoe groot het probleem is. Nee moet voor iedereen NEE zijn, met een kort rokje vraag je er niet om, seksuele handelingen in ruil voor promotie, onderdak of wat dan ook is altijd machtsmisbruik en in en in slecht. Maar ik krijg kromme tenen van allerlei vingerwijzen en geroep om strengere straffen en hele groepen of systemen ergens de schuld van geven, allemaal onder dezelfde hashtag.

Toen ik 10, 11, 12 was werd ik ieder weekend betast door een man die qua leeftijd mijn opa kon zijn. Handen onder mijn shirt en alles. Toch ging ik het volgende weekend weer. Want hij had een boerderij waar ik mocht paardrijden en met de hond wandelen en in het hooi spelen en fruit plukken. Ergens wist ik wel dat het niet klopte, juist daarom hield ik mijn mond. Als het uit zou komen, zou ik niet meer mogen gaan. En zo geschiedde.

Toen ik 16, 17, 18 was gingen jongens vaak verder dan ik eigenlijk wilde. Maar ik liet ze begaan, ik gaf mijn eigen grenzen niet aan en die jongens zullen dus niet eens geweten hebben dat ik het niet prettig vond. Al hadden ze het aan mijn verstijfde lichaam misschien wel kunnen merken.

Daar staat tegenover dat ik vaak mijn vrouwelijkheid heb ingezet om iets voor elkaar te krijgen. In het studentenhuis waar ik als enige vrouw woonde, deed ik mezelf vaak hulpelozer voor dan dat ik was, waardoor ik nooit zelf mijn banden hoefde te plakken. En ik flirtte in de kroeg met jongens waarvan ik verwachtte dat ze met gratis drankjes zouden reageren. Waar ligt de grens? Wanneer is het manipulatie?

Ik realiseer me dat steeds meer mannen bang zijn om te ver te gaan bij vrouwen. Dat ze niet meer durven te flirten en wel uitkijken om de eerste move te maken. En ondertussen klagen vrouwen dat er geen ‘echte mannen’ meer bestaan.

Ik voel me ongemakkelijk onder het gesis en de opmerkingen over mijn borsten en billen van de drugsdealers om de hoek van ons oude huis. Terwijl een ‘goedemorgen schoonheid’ van de vuilnisman of de hovenier mijn dag goed kan maken. Een opmerking die een andere vrouw misschien als zwaar ongepast ervaart.

Iedereen is anders. Voor iedereen ligt de grens ergens anders. Elke situatie is anders.

En ik denk dat kwetsbare, onzekere vrouwen (en mannen) die middenin (de verwerking van) een traumatische ervaring zitten, zich nog steeds niet uitspreken onder #metoo. Want actie kan reactie betekenen. Dat je over je ervaringen moet spreken, waar je nog helemaal niet aan toe bent. Dat de kans bestaat dat je uit je familie wordt verstoten of erger nog, iets van eerwraak op je hals haalt. De echte omvang van seksuele intimidatie zullen we nooit kennen.

Maar ik hoop wel dat #metoo mensen aan het denken zet. En misschien een kleine gedragsverandering veroorzaakt bij sommige mensen.

Om 8 uur in het winkelcentrum

lunch-e1507881562267.jpgOké, het is officieel, ik begin een oud zeikwijf te worden dat de jeugd van tegenwoordig niet snapt.

“Mevrouw, kom maar aan deze kassa”, roept de caissière achter de servicebalie in de supermarkt. “Dit is een betere plek”, knipoogt ze erachteraan.

Waarschijnlijk zag ze me met mijn ogen rollen achteraan in de rij voor de enige open kassa. Voor me staan acht identiek geklede meiden van een jaar of 12, die allemaal apart hun blikjes energiedrank, zakken chips en kaascroissantjes willen afrekenen. Om 8 uur ’s ochtends!!!

Het hele winkelcentrum wemelt op dat tijdstip trouwens van de brugklassers. Ze stoppen hun rugzakken vol met energiedrankjes en andere gezonde producten. De ‘stoerste’ jongens en meiden staan buiten te roken en sturen ‘ondergeschikten’ naar binnen.

“Het kwam echt niet in me op”, antwoord ik de caissière. “Om voor schooltijd langs de supermarkt te gaan en dan chips mee te nemen. Ik had mijn broodtrommel met zelf gesmeerde boterhammen en een appel.”

Die heb ik nog steeds. De beker ranja is inmiddels wel vervangen door koffie.

 

 

Vakantie

IMG-20170930-WA0000Wie mij een beetje kent, weet dat ik een aanbidder ben van vakanties ‘in den vreemde’. Ik wil daar naartoe waar de wind onbekende geuren naar mijn neus stuurt, waar ik mijn ogen uitkijk, waar de lichtinval zachter is en de kleuren feller. Naar waar ik de omgangsvormen niet altijd begrijp en waar ik soms handen en voeten nodig heb om iets voor elkaar te krijgen. Struinen door smalle steegjes waar ‘de koekjes om de hoekjes liggen’.

Toch is het grotendeels mijn schuld dat we deze vakantie niet verder weg gaan dan een paar dagen naar het mooie, groene en frisse Zeeuwse land. Er was geen plek in mijn hoofd om me in verre bestemmingen te verdiepen, want ik moest blijven watertrappelen om niet kopje onder te gaan in mijn -super leuke en gevarieerde- opdrachten.

Met enige verbazing kan ik zeggen dat het fijn is. We slapen uit. We rommelen wat in huis. We gaan uiteten, bestellen iets, of besluiten juist om uitgebreid te koken ‘want daar is nu tijd voor’. Ik negeer vakkundig mijn mailboxen, LinkedIn, mijn zakelijke Facebookpagina’s en websites van netwerkverenigingen en communicatiegroepen die ik normaal nauwgezet volg.

Ook al komen buiten vijftig tinten grijs voorbij en giert de wind om het huis, ook al loopt het huishouden gewoon door, ik kan oprecht zeggen: ik geniet ook van vakantie in Nederland 😀

Maar de volgende keer gaan we naar…

 

Gisteren begon de zomer en vandaag is het alweer bijna herfst

20151102_130543_resizedDe weken gaan zo snel de laatste tijd. Plotseling is het 19 september en wat heb ik nou helemaal gedaan?

Oké, ik heb natuurlijk heel veel gedaan. Behalve het fijne intermezzo in Brussel, bestond dat ‘veel’ vooral uit werk en het werk bestond vooral uit reistijd naar opdrachtgevers toe. Een project leiden dat zich in alle uithoeken van Parkstad afspeelt, is eigenlijk niet te doen zonder auto. Die auto komt er deze vakantie. En ondanks dat ik een hekel heb aan autorijden, is dat een zegen.

Maar jee wat vliegt de tijd. Ik durf bijna niet met mijn ogen te knipperen, bang dat als ik ze open doe Sinterklaas alweer voor de deur staat. Sinds een paar weken liggen de winkelrekken vol met pepernoten en gevulde speculaas. Daar ben ik echt nog niet klaar voor!

Eerst de herfst nog. Ik wens iedereen een kleurrijke herfst vol wandelingen, warme chocomel en fleecedekentjes.