Ode aan Brussel

Deze galerij bevat 2 foto's.

Is het een mooie stad? Hooguit voor de helft. Word je overal vriendelijk bediend? Nee, op sommige plekken is het humeurigheid troef en zijn de prijzen belachelijk. Is het een aangename stad voor voetgangers en fietsers? Niet echt, want als je niet kijkt waar je je voeten neerzet, struikel je beslist over losse stoeptegels en … Lees verder

Verliefd

Vandaag werd ik opnieuw verliefd.
Verliefd op mijn jeugd.

De populieren langs het kanaal.
Kijken naar wat de mens heeft gegraven.
Luisteren naar het geluid van de zee.

De verrassende koelte onder de brug.
Bloeiende bermen vol zespotig leven.
Het bos altijd op de achtergrond.

Het monotone gebrom van tractoren en dieselboten.
Als baslijn onder de melodieën van de vogels.
Tussen mens en natuur een verbond.

 

 

Genieten. Nu!

Nu! Alles moet nu. Of in elk geval morgen. Vandaag besteld, morgen in huis! Of zelfs ’s morgens besteld ’s avonds in huis. Zin in aardbeien in februari? Ze liggen rood en glimmend te pronken in de supermarkt. Op vakantie? Wacht niet tot je alles uitgezocht en bij elkaar gespaard hebt, maar boek het nu met vroegboekkorting.

Ik doe er zelf aan mee. En word er soms een beetje opgefokt van. Hoe alles in een muisklik dichtbij is.

Ik vond het leuk om naar een reisbureau te gaan, daar door de boeken te bladeren. Om traveler cheques te gaan halen. Om in een trein te stappen met op een blaadje gekrabbeld waar ik eruit moest. En het volgende vakantieavontuur was dan het zoeken van een telefooncel om het thuisfront te informeren dat ik was aangekomen.

Ik had vakantievriendinnen die penvriendinnen werden. Schreef brieven. Wachtte. En was super blij als het antwoord kwam.

Niets meer van dat alles. We consumeren onmiddellijk. Omdat het kan.

Was het vroeger beter? Dat denk ik niet. Maar toen ik gisteren twee mensen interviewde over hun jeugd in de jaren ’50 van de vorige eeuw (er komt een boek), viel het me op hoe veel ze toen genoten van kleine dingen. Met vader wandelen op de hei. Een snoepje bij de kruidenier. De melkboer die langs kwam. Elke zomerdag kijken of de aardbeien en tomaten in de tuin al rood waren. Dansen op zaterdagavond. Sparen voor een uitstapje naar zee. Verkleden als clown, cowboy of Indiaan met carnaval. Hand in hand lopen. Kleding werd gedragen en doorgegeven en hersteld (kniestukken!) en nog een keer vermaakt, dus iets nieuws krijgen was een feest.

Ik denk dat ik daar het meeste naar verlang. Ergens écht heel blij mee zijn. Kunnen we dat even regelen? Nu. Meteen!
Loesje genieten

Een week en een halve dag

Zo lang ben ik terug uit Benin. Het lijkt alweer maanden geleden. De snelheid waarmee mijn leven hier voorbij raast, ik vind het niet normaal. De snelheid waarmee ik me alweer aan dingen erger (het uitvallen van een trein of het uitlopen van een vergadering) is zelfs ronduit beangstigend.

Genieten, daar ben ik toch ook best goed in? Al helpt een bepaalde omgeving natuurlijk wel:

DSCN2542DSCN2405[1]DSCN2512[1]DSCN2515[1]
Voor de verhalen bij deze zonnige foto’s, lees mijn wereldblogs.

Toch is het fijn om terug te zijn. Om mijn leven weer te delen met mijn lief. Om met vrienden op een terras te zitten en de wereld om ons heen van commentaar te voorzien. Om een goede kop koffie te drinken (daar snappen ze in Benin echt niets van, van koffie) en de krant te lezen.

Ik heb in Benin genoeg vitamine D opgesnoven om er weer een tijdje tegenaan te kunnen.

Afrika is geen land. En het is ook niet eng.

Mart Hovens schreef een tijdje geleden op Afrikanieuws.nl het artikel dat ik ook wilde schrijven. Een soortgelijk verhaal zat al een tijdje in mijn hoofd. Maar wat andere mensen beter kunnen, moet je gewoon erkennen. Dus heb ik een beetje leentjebuur bij Mart gespeeld, omdat hij sommige dingen zo mooi formuleert dat ik het niet beter kan zeggen. Dankjewel Mart.

Benin 2 001
Nu ik op het punt sta voor de derde keer naar Benin te gaan, merk ik weer hoe veel mensen spookbeelden in hun hoofd krijgen als het over Afrika gaat. Waar komt deze angst vandaan? Komt het doordat onze media vooral aandacht besteden aan negatief nieuws en niet aan positieve ontwikkelingen? Of leidt onze welvaart tot de illusie dat het leven maakbaar is en we geluk zelf in de hand hebben? Begrijpen we de minder fortuinlijken daarom niet? Volledige veiligheid of bescherming tegen onheil bestaat niet en daar moeten we ons bij neerleggen. Risico’s zijn te verminderen maar niet uit te sluiten. Ook niet met de steun van religie, inlichtingendiensten, (reis)verzekeringen, heuptasjes, credit cards, veiligheidscamera’s, desinfecterende zeep, gekookt water of steriele naalden.

Heel Afrika wordt als eng en gevaarlijk beschouwd. Waarbij veel mensen standaard vergeten dat Afrika geen land is en dat de verschillen tussen Marokko en Botswana minstens even groot zijn als tussen Spanje en Letland. Waarbij de meeste mensen ironisch genoeg wel een positief beeld hebben van Zuid-Afrika, waar de criminaliteitscijfers tot de hoogste van de wereld behoren. Nagenoeg alle Afrikaanse landen krijgen van Buitenlandse Zaken code geel (let op, veiligheidsrisico’s) of erger. Maar wat zijn de feiten?

Ja, de ‘leden’ van Al Shabaab en Boko Haram vermoorden onschuldige mensen. Joseph Kony is nog steeds niet gevonden. Kindsoldaten worden nog steeds geronseld. Verkrachting wordt soms ingezet als oorlogswapen. Maar in het grootste deel van het continent heb je even weinig kans om een terrorist in de ogen te kijken als in een Nederlandse polder. Kreeg Parijs code geel na de aanslag op Charlie Hebdo? Natuurlijk niet.

Ja, ebola is een dodelijke ziekte. Tegelijkertijd zijn er maar een paar landen door getroffen en is het risico voor toeristen nihil. De afstand tussen Liberia en Benin is pak ‘m beet 1334 km. Vergelijkbaar met de afstand tussen Maastricht en Barcelona. Malaria komt in veel meer landen voor, is vele malen besmettelijker en eist veel meer slachtoffers, zowel onder de plaatselijke bevolking als onder reizigers, maar je leest er zelden iets over. Tegen beide ziekten had wellicht al lang een afdoende en betaalbaar medicijn op de markt kunnen zijn, als er maar genoeg aan te verdienen zou zijn geweest.

Ik snap er maar weinig van hoe “wij” denken. Hopelijk kan ik met mijn reis naar Benin en de verhalen die ik erover ga schrijven, de angst voor het onbekende bij een paar mensen wegnemen. Of misschien moet ik het houden bij een paar mooie foto’s van kleurrijke mensen, goudgele stranden en mangrovebossen in vijftig tinten groen. Want een beeld zegt meer dan 1000 woorden:
DSCN2579[1]

Topvakantie!

We zagen alleen het zuidoosten van het eiland, maar ik durf stellig te beweren dat Corsica een prachtig eiland is.

De bergen en dalen, de ruige rotspartijen, het vakantiefolderblauwe zeewater waarin je tot aan je tenen en verder kunt kijken, de baaien, de havens, de bossen, de historische stadjes. Wauw/wow! De leuke jongen en ik hadden er een heerlijke week. Dat de creditcard dienst weigerde was een geluk bij een ongeluk, want daardoor werden we vriendjes met een Frans stel dat de omgeving kende, waardoor we op plekken kwamen die we zelf nooit gevonden zouden hebben. La plage de Santa Giulia staat in de top-3 van mooiste plaatsen waar ik ooit een pilsje dronk. Corsicaans bier, uiteraard.

DSCN2160
We waren allebei héél hard toe aan vakantie, de leuke jongen uit de trein en ik. We hadden ons allebei een beetje ondersteboven gewerkt. Mijn lief maakte hele lange dagen op kantoor (hoezo ambtenaar?). Ikzelf maakte lange dagen overal en nergens, want ik wil altijd zo veel en vergeet wel eens nee te zeggen. Ik wil telkens blijven leren en pieker over welke cursus de volgende gaat zijn, ik wil van alles ondernemen met de leuke jongen uit de trein, ik wil minstens twee keer per week sporten, ik wil (nou ja, wil…) het huishouden niet laten versloffen en af en toe nieuwe recepten uitproberen en uitgebreid koken, ik wil elke week afspreken met vriendjes en vriendinnetjes, ik wil regelmatig aan tafel met (schoon)ouders, zus en broer, ik mis mijn lievelingsnichtje al na een week en ben de favoriete oppas van kinderen van vrienden, ik wil elke dag de krant lezen en het journaal kijken en ik heb lijsten met boeken die ik wil lezen en films die ik wil zien. Naast dat alles wil ik vooral mijn schrijfopdrachten zo goed mogelijk uitvoeren. Ik wil mezelf blijven uitdagen en met elke letter die ik schrijf beter worden in wat ik zo graag doe. Ik haal mijn deadlines koste wat kost. En ook als ik meer dan genoeg werk heb, blijf ik naar netwerkbijeenkomsten gaan, want perioden zonder werk kan ik me niet veroorloven. Dan wil het dus wel eens voorkomen dat een vakantie in het buitenland voor mij een absolute noodzaak is.

Corsica kwam als geroepen.
Ik heb genoten!

DSCN2102

Terugblik op de zomer

Nog een paar nachtjes slapen, ongeveer 10, en dan stappen we als het goed is in een vliegmachientje richting Corsica. Ik kijk er al maanden naar uit. Maar wie denkt dat we dus ook al maanden geleden geboekt hebben, heeft het mis. Reserveren is laatste moment werk, net zoals alles in mijn leven pas gebeurt als de deadline me op mijn hoofd slaat.

De zomer is nog niet voorbij, maar dat voelt wel een beetje zo. Nu de zon nog slechts sporadische pogingen doet om te bewijzen dat het echt nog geen herfst is. Nu zelfs de mensen uit het onderwijs weer zijn begonnen en iedereen het drukker lijkt te hebben dan ooit. Inclusief ikzelf. Dus vind ik dit een mooi moment om terug te kijken (lees: om werkontwijkend gedrag te vertonen). Daartoe aangespoord door Tales from the Crib:

Genoten van: twee uitstapjes naar Brussel. De eerste keer met de leuke jongen uit de trein. Vijf nachten in het Sheraton (dat een stuk minder decadent is dan het lijkt, wie op het allerlaatste moment boekt, heeft soms geluk) waardoor we de dag begonnen met zwemmen op de 30e verdieping. We aten elke dag de lekkerste dingen, van een ordinaire puntzak frietjes tot een uitgebreid verjaardagsmenu. Als ik aan die dorade op een bedje van bladerdeeg en tomatensaus denk, loopt het water me in de mond. Of gepocheerde peer met amandelmelkijs. Mjam! Het Brussels Summer Festival was wederom een feestje, ook al snappen ze er nog steeds niet hoe je een bar effectief moet bemannen. 
Het tweede uitstapje naar Brussel was met de voltallige schoonfamilie. Ik heb de leukste schoonfamilie van de wereld, dus dat moest wel gezellig worden. We sliepen in een hotel dat door de leuke jongen uit de trein zeer zorgvuldig gekozen was en dat uitstekende bedden en een smakelijk ontbijt afleverde. Dankzij de schoonouders die een ‘hop on hop off bus’ een ideale manier vinden om een stad te zien, ontdekten de leuke jongen uit de trein en ik weer stukken van Brussel die we nog niet eerder hadden gezien en waar we de volgende keer zeker naartoe gaan, te voet of met de metro. 

IMG_0013

Volop bezig met: schrijven, schrijven en nog eens schrijven. Twee nieuwsbrieven over schoenen, een persbericht over schoenen (gevaarlijk, want daardoor zie ik ook voortdurend leuke schoenen), een aankondiging voor een bootcamp, een voorstel voor een fairtradeproject en notulen van een bestuursvergadering. Dat ik stiekem ook nog een schoolopdracht voor een vriendin uitwerk, ssssjt. 
In augustus zat ik aan de telefoon bij een gemeente op de perfecte fietsafstand van Maastricht (elke dag in totaal 27 kilometer afgelegd op mijn roestige tweewieler, door het mooie Zuid-Limburgse land: genieten!). Ik verwachtte er niet veel van, maar werd er best blij van. De werkplek was prima in orde en de collega’s waren zeer de moeite waard. Leuke, gezellige vrouwen die ook bij de meest bizarre telefoontjes kalm en correct bleven. Ik voelde me er snel thuis. Jammer dat het na vier weken weer voorbij was. Uiteraard heb ik wel even mijn visitekaartje op de communicatieafdeling achtergelaten, je weet maar nooit…

Uitkijken naar: vakantie op Corsica. Het is er mooi. Het is er warm. De zee is er altijd dichtbij. En het allerbelangrijkste: er moet niets.

Lezen: Een Varken in het Paleis van Tessa de Loo. Ik weet verdomd weinig van Lord Byron, maar de reis die Tessa de Loo in zijn voetsporen maakt, zou ik meteen over willen doen. Onverwachte ontmoetingen, gastvrijheid met ongemakkelijke kantjes, overvallen worden door het donker of een onweer, genieten van adembenemende landschappen. Ik teken ervoor! 
Het was op boekengebied sowieso een Nederlandse zomer. Ik las Volmaakte Verdwijning van Derwent Christmas en Het Grote Baggerboek van Ilja Pfeijffer. Die laatste kostte me erg veel moeite vanwege het afschuwelijke taalgebruik van de hoofdpersoon. Toch moest het boekje uit. Ik had me verheugd op een zomer van boekjes lezen in de zon, het werd vooral boekjes lezen in bed. 

Luisteren naar: de eerste handeling die hier ’s morgens wordt verricht, na het met veel tegenzin terugslaan van de deken, is het aanzetten van de radio. Afhankelijk van het tijdstip is dat 3 FM of Studio Brussel. Maar tijdens het poetsen, heb ik behoefte aan het hardere werk. Deze week gingen Ill Nino en Watcha op vol volume, ik moest ze tenslotte nog boven de stofzuiger uit kunnen horen. Ik was verbaasd hoe veel van Ill Nino nog kon meezingen (brullen), had die cd al jaren niet meer opgezet. Aangezien onze buren Duitste studentes zijn die nog nooit een woord tegen ons hebben gezegd, zelfs niet als wij ze vriendelijke goedemorgen wensen, durfden ze nu ook niet te klagen.

Kijken naar: ik ben niet echt een televisiekijker in tegenstelling tot de leuke jongen uit de trein. Ik zit net zo lief met een boek of een tijdschrift op de bank, of aan de keukentafel bij een vriendin. Maar voor ‘dooie mensen’ heb ik meestal wel tijd, ook in de zomer: Criminal Minds, Law and Order, NCIS. Favoriet van het moment heeft vooral met ‘dooie dieren’ te maken, The Taste. Ik ben groot fan van het programma No Reservations waarin Anthony Bourdain in de meest obscure restaurantjes de meest obscure dingen in zijn hoofd stopt. Dus toen ik een aankondiging zag waarin hij samen met de vrolijke lekkerbek Nigella Lawson gerechten proeft, wist ik dat ik moest kijken. Een heerlijk programma. 

Ik hartje avontuur in den vreemde

Nu ik met hart en ziel uitkijk naar onze vakantie, droom ik weg bij vakantieherinneringen. 

Een plastic achterbank, kinderslot op de deuren en een paar handboeien bungelend aan de achteruitkijkspiegel. We voelden ons op niet zo op ons gemak achterin de politieauto die ons naar het hoofdbureau moest brengen. De oude Lada met rood zwaailicht op het dak reed snel door de drukke straten van Havana. Het politiebureau zag eruit als een middeleeuws slot waarin je donkere kerkers vermoedt, wat ons er niet geruster op maakte.

“Yes we have been stupid”, moesten we toegeven toen we na uren wachten een Engels sprekende ambtenaar tegenover ons vonden. Eerder die dag hadden we vijf (!) lifters meegenomen in ons huurautootje. Onderweg stapte dit bonte gezelschap uit, terwijl wij doorreden naar Havana. Daar aangekomen ontdekten we dat de koordjes van onze hoedenplank waren doorgesneden en er een tas uit de kofferbak ontbrak. De tas van mijn reisgenoot S, met daarin gelukkig vooral makkelijk vervangbare spullen zoals kleding en toiletspullen. Het opnoemen van de waarde van de vermiste spullen, zorgde nog wel even voor een ongemakkelijk moment. In de tas zat onder andere Hugo Boss-deodorant die €40,- had gekost. De ambtenaar spreidde zijn armen en zei “That must have been a bottle this big!”

Dit was niet het enige avontuur dat S en ik beleefden op Cuba, waar we logeerden in de leukste casas particulare, salsa dansten bij zonsondergang en (te) veel mojitos dronken. We zagen de prachtigste landschappen aan ons voorbij trekken. Vooral de Sierra de los Organos, met zijn mogotes (grote, groene, losstaande kalkstenen bergen) die oprijzen uit de platte tabaksvelden van de Viñalesvallei, maakten indruk. We beklommen zelf een berg en daalden af in een kloof (beide keren totaal onvoorbereid zonder water en op slechte schoenen). We probeerden boodschappen te doen in een winkel die alleen voor Cubanen bedoeld was. Dat mislukte. Wel waren we de enige toeristen bij een bokstoernooi in een grote sporthal. 

Met de leuke jongen uit de trein zal het er iets beter georganiseerd en minder sportief aan toe gaan, Maar ik twijfel er niet aan dat het bijzonder en avontuurlijk wordt. Nog even volhouden…