Van de druppel en de emmer

Afgelopen weekend overstroomde de emmer.

Ben ik een slechte dochter omdat ik maar 1 x op bezoek ben geweest in de 2 weken dat mama ziek was, terwijl haar vriend dagelijks voor haar kookte? Ben ik een slechte dochter omdat ik gister pas voor het eerst naar mama’s nieuwe huis ging kijken? Ben ik een slechte dochter omdat ik eerst gretig in ging op mama’s voorstel om in de zomermaanden bij haar te komen werken en ik pas later bedacht dat het geen goed idee is? Ben ik een slechte vriendin omdat bij het idee van samenwonen, zelfs voor maar 2 maanden, me het zweet uitbreekt? Ben ik een slechte vriendin omdat ik dingen liever oprkrop dan met hem te praten? Ben ik een slechte vriendin omdat ik me soms stoor aan zijn (best normale) gewoontes?

Daar bovenop die eeuwige twijfel aan alles wat ik doe. Waar is mijn vastberadenheid gebleven om in 2 jaar deze master af te ronden? Als ik dat zo graag wil, waarom loopt mijn bachelorscriptie dan mijlenver achter? En wat is er met het goede voornemen gebeurd om aan het begin van een nieuw blok (afgelopen maandag) meteen alle literatuur te verzamelen? Mijn studie is mega interessant. Een enkele docent heeft de uitwerking van een nagel op een schoolbord, maar de meeste leraren zijn enthousiast en weten hun vak goed te brengen. Ik haal goede punten. Ik heb leuke studiegenoten. En toch die twijfel. Ga ik ‘later’ wel iets doen met wat ik nu leer? En ben ik dit echt alleen maar gaan doen om iets aan mezelf te bewijzen? Zo ja, wat voor zielige reden is dat dan?

De consequenties van het weer studeren vallen bovendien vies tegen. Supertof dat ik die stage heb binnengehaald, maar het betekent ook een half jaar studievertraging. Wat dan weer betekent een half jaar langer met weinig geld in een kleine kamer in een niet zo fijn huis wonen. Het zit tegen gruwelen aan wat ik voel als ik bedenk dat ik na ‘Brussel’ terug moet naar een studentenhuis. Ik word dan verdomme 30! Ik kan me nog herinneren dat ik mijn allerliefste oud-huisgenoot uitlachte toen het ernaar uitzag dat hij op zijn 30e nog in een studentenhuis zou wonen…

Bovendien wees studiegenoot C me vandaag op het volgende: "Je moet al je studiefinanciering gebruiken binnen 10 jaar nadat je voor het eerst studiefinanciering hebt ontvangen." Dat betekent dat ik na dit schooljaar niets meer kan lenen. Wat dan weer betekent dat ik me als deeltijder moet inschrijven, omdat het collegegeld dan lager is, wat weer een hele bureaucratische papierwinkel met zich meebrengt. En wat ook betekent dat ik in Brussel een probleem heb. De stagevergoeding is met 600 euro prima, maar als dat mijn enige inkomsten zijn, blijft er na aftrek van huur en ziekenfonds nog precies 0 euro over om van te leven. 

Van de ene kant vind ik nergens rust in mijn kont, wil ik nergens lang blijven. Van de andere kant wil ik niets liever dan een eigen huisje en een vaste baan. Een strijd die ik al jaren voer, zonder dat er ooit een winnaar uitkomt.

Toen ik gister ‘thuis’ kwam bij de leuke jongen uit de trein, was het dan ook tijd om te janken als een klein kind dat net van d’r fiets is gevallen.

Vandaag ziet de wereld er een tikkeltje beter uit. Het is de hoogste tijd om creatieve oplossingen te gaan bedenken voor problemen die misschien veel minder groot zijn dan ze nu lijken. Wordt vervolgd…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s