Ik zit gelukkig niet waar ik een jaar geleden zat. Omdat ik het een hele tijd qua werk vrij rustig had. Omdat ik bijna elke dag met een wandeling begin. Omdat ik gezonder leef, althans zeker in de zomer als het een minder grote opgave is om water te drinken en fruit te eten. Omdat ik weet dat bepaalde mensen het beste voor me willen, hoe onaardig sommige dingen ook uit hun mond komen. Omdat ik me er (bijna) bij heb neergelegd dat ik mijn familie nog vooral op begrafenissen zie en dat de band die ik graag had willen houden met sommige ooms, tantes en nichtjes er niet meer is of misschien zelfs nooit is geweest. Jammer dat er daardoor minder mensen overblijven om mee over papa te praten, maar het is wat het is.
Mijn coach leerde me om af en toe bewust aan papa te denken op een plek die of met een voorwerp dat ik met hem associeer. In mijn hoofd had ik een vijver of een haardvuur nodig. Tot ik de link legde tussen de enorme platanen in de speeltuin tegenover mijn huis en de vakanties in Frankrijk met mijn ouders. Zo simpel kan het zijn. Daar stond ik laatst, op het pad in de speeltuin, starend naar een boom, denkend aan hoe mijn papa net zo kon staren vanaf zijn campingstoel. Nu is het soms al genoeg om even te knikken naar de bomen. Ik denk dat ik ‘dit’ redelijk onder controle heb.
Kennen jullie dat boekje uit de brugklas nog? A l’ombre des platanes.
Toch begon ik de dag vanmorgen met huilen. Ik heb het op dit moment druk met werken, drukker dan ik had verwacht. Blijkbaar gaan mijn klanten niet meer in het hoogseizoen op vakantie, maar net als ik daarna. Het zijn vooral leuke opdrachten waarvoor ik enthousiaste mensen mag interviewen, dus dat is fantastisch. Laatst plande ik zes interviews achterelkaar en de een kon nog smakelijker vertellen dan de anders. En wat een fijne en onderwerpen! Zoals het terugdringen van plastic afval en het verbeteren van werkplekken. Maar het zorgt ervoor dat ik weinig vrije tijd heb. En dan komt dat knagende gevoel de kop weer opsteken. Dat gevoel op alle fronten tekort te schieten.
Dan word ik wakker en weet ik het zeker:
Ik ben geen goede dochter.
Geen goede zus.
Geen goede partner.
Geen goede vriendin.
Dan voel ik een soort paniek over hoe lang ik sommige mensen niet meer heb gezien. Dan voel ik me schuldig omdat ik zo weinig deel met mijn directe familie. Dan krijg ik kortsluiting omdat ik mijn verjaardag wel-niet-wel-niet wil vieren en het in mijn hoofd nooit voor iedereen goed kan doen. Dan denk ik dat de leuke jongen uit de trein beter af is met iemand anders.
Dan schiet me ineens te binnen dat ik ben vergeten te vragen hoe de operatie van haar vader is gegaan, dat ik alweer geen kaartje naar haar jarige zoon heb gestuurd, dat ik te weinig belangstelling heb getoond in haar samenwoonplannen en in zijn zieke moeder. Dan breekt mijn hart omdat F geen visum kreeg. En oh ja, die dag dat ik naar die ene vriendin zou gaan, is dat niet diezelfde dag dat ik met die andere vriendin naar dat festival zou gaan? Weer iemand teleurstellen…
Dus huilde ik vanmorgen toen de leuke jongen uit de trein vroeg om alles eruit te gooien. En zoals niemand anders dat kan, was hij praktisch en lief tegelijkertijd. Toen zag de dag er meteen iets beter uit.
Voel jij je wel eens schuldig omdat je te weinig tijd aan mensen besteedt? En hoe los je dat op?