Kaartenhuizen

kaartenhuis-blog.pngVervelende incidenten met werkgevers die gouden bergen beloofden maar hun afspraken niet nakwamen, hebben mij veel mensenkennis opgeleverd. Collega’s die met zo’n soort baas de beste positie hadden zonder hard te werken, waren eveneens een eye opener. Ook positieve gebeurtenissen waarbij vage kennissen in goede vrienden veranderden, leerden mij veel. Bepaalde karaktertrekken en denkwijzen heb ik tegenwoordig snel in de gaten en mijn eerste indruk van iemand, blijkt vaak juist.

Voor de buitenwereld

Maar soms laat ik me blijkbaar voor de gek houden door het picture perfect life dat vrienden delen via social media en tijdens etentjes en feestjes. Zonder dat ik ooit een barstje zag, gaan twee stellen uit elkaar. Koppels waarvan ik beide ‘helften’ een beetje dacht te kennen. Partners die in mijn beleving voor elkaar waren gemaakt. Gezellige mensen die het leven vierden op festivals en in restaurants, op verre vakanties en in de kroeg om de hoek. Levensgenieters waarover ik regelmatig tegen de leuke jongen uit de trein zei: ‘zo tof wat die twee allemaal doen’.

Bij elkaar horen

Ik vind het verschrikkelijk voor de ‘scheiders’ en hun kinderen. Ik sla armen om schouders, bied schouders om op te huilen en een huis om in te schuilen. Ik deel zakdoekjes uit zo lang de voorraad strekt en geef advies of houd juist mijn mond. Zoals dat in de bepalingen van het vriendschapscontract is vastgelegd.

Maar ik ben me dus ook rotgeschrokken. In mijn hoofd wonen nog een paar koppels die bij elkaar horen zoals krant & ontbijt, gin & tonic, rijstepap & kaneel. Het zal toch niet dat zij ook ineens gaan scheiden?

Hoezo liggen?

Waarom heet het eigenlijk in scheiding liggen? Omdat je leven op dat moment overhoop ligt? Maar ook in dat tweede geval vraag ik me af waarom we het woord liggen gebruiken. Misschien omdat de betrokken het liefst in bed gaan liggen met de deken over hun hoofd?

 

Brief aan mijn nichtje #18

Lieve dondersteen,

Jij doet op dit moment wat je het liefste doet. Kamperen met je mama. Van de ene camping met zwembad naar de andere. En als je mama wel eens naar iets anders wil kijken dan dor gras en gespetter, bezoeken jullie een stad. Waar altijd een terras aan te pas komt en een ijsje. Of een bossche bol, in het geval van Den Bosch.

Terwijl jij de tijd van je leven hebt, ging het neefje van vriendin I dood. Na maanden in het ziekenhuis was zijn kleine lijfje op. Hij werd maar drie jaar. Met tranen in mijn ogen dacht ik aan zijn familie. Daarna dacht ik meteen aan jou en hoeveel levens een onherstelbare deuk op zouden lopen als jij ernstig ziek zou worden. Wrakhout zouden we zijn.

En dan kijk ik naar het filmpje dat je mama stuurde. ‘We gingen eigenlijk tandenpoetsen’, staat erbij. Jij rent en glijdt in volle vaart over een springkussenachtige waterglijbaan met een lach van oor tot oor. Zo moet het leven zijn. Voor alle kinderen.

Blijf nog maar even lekker op vakantie.
Liefs,
Tante Lieke

Op dit moment #8

Genieten van: de zomer. Toegegeven, het is misschien wat aan de hete en droge kant, maar ik krijg zó veel energie van zon en ijsjes. Ook als het zweet in straaltjes over mijn rug loopt. En met een steeds groter schuldgevoel als ik mijn planten alwéér water geef.

Blij met: mijn bedrijf. Toegegeven, ik begon mij langzaam zorgen te maken vanwege weinig werk en daarmee weinig inkomsten, terwijl er in de zomer meer geld uitgaat dan in de winter. Aan mensen kijken op een terras. Aan het zwembad. Aan ‘ach we kunnen die salade ook op restaurant eten’. Die zorgen zijn inmiddels achterhaald. Ik mag bijzondere, uitdagende nieuwe dingen doen. Een duurzaamheidsverslag schrijven. Een storyboard maken voor een animatie. En -als alles meezit – de samenwerking aangaan met een nieuwe opdrachtgever. Een opdrachtgever waarvan ik denk dat die mij goed past. Een technische en ingewikkelde omgeving voor een alfa zoals ik, maar dat is precies wat ik leuk vind. Chocolade maken van dingen die ik in eerste instantie niet begrijp. En het vervolgens zó opschrijven dat iedereen het snapt.

Balen van: het moment dat ik ‘ja, is goed’ antwoordde op de vraag of ik twee weken achter elkaar calamiteitendienst wilde draaien. Omdat ik daarmee de vakantie van de leuke jongen uit de trein alweer voor een deel om zeep help. Omdat ik daarmee heel vaak nee moet antwoorden op vragen als ‘wil je ook een wijntje?’, ‘ga je mee zwemmen?’, ‘zullen we vanavond gaan wandelen?’ Ik kan alleen de deur uit met pieper, telefoon en laptop op zak en heb een actieradius van 10 minuten bij mijn auto vandaan en 30 minuten bij mijn opdrachtgever vandaan.

Aan het lezen in: De verrekijker van Kees van Kooten. Daar wil ik het nog niet over hebben. Het boek dat ik hiervoor las, was Homegoing van Yaa Gyasi. Daar wil ik het wél over hebben. Ga dat lezen! Kippenvel en buikpijn als één van de vele hoofdpersonen beschrijft hoe ze met honderden andere slaven in de kelder van een Brits fort ligt. Bovenop haar ligt een vrouw die haar urine laat lopen en naast haar sterft een andere vrouw. Hoe ze zich daarbij voelt, wordt niet beschreven. Ik kan en wil het me ook niet voorstellen. De invloed van slavernij op het leven van meerdere generaties in Ghana en in Amerika wordt pijnlijk duidelijk gemaakt. Indrukwekkend.

Aan het kijken naar: niets. Dat maakt de leuke jongen uit de trein ruimschoots goed met het consumeren van de Tour en een hoop andere sport. Morgen begint mijn favoriete serie weer: The Bridge. Briljante serie. Ik ben mee vanaf de eerste noten van het beginmuziekje. Is het al bijna morgen?

Beren op de weg: hebben het uiterlijk van blauwe enveloppen. Het is natuurlijk een goed teken dat ik zo veel moet betalen, maar het doet nogal pijn op dit moment. Zie punt 2 van dit lijstje waar ik weinig inkomsten en veel uitgaven noem.

Leuke dingen om naar uit te kijken: Brussels Summer Festival half augustus. In de voortuin van de koning genieten van een aantal bekende en een heleboel onbekende bands. En voordat de muziek begint een enkel museumbezoek en héél veel eten. Iedere keer dat we in Brussel zijn, komt er weer een restaurant bij waar we terug naartoe willen. Met als gevolg dat we nu drie keer per dag zouden moeten gaan eten om ze allemaal af te vinken. Kill your darlings 😉
En aan het eind van dezelfde maand een kort weekend naar Parijs met twee vriendinnen die er nog nooit zijn geweest. Ik heb reis en hotel geboekt en word ter plaatse gids én woordvoerder. Denk dat we een terrasje nemen ergens op de heuvel van Montmartre en ik vanaf daar de bezienswaardigheden aanwijs.

Lieke Schrijft_Facebook

Niet perfect

Om mij heen hoor ik het ene na het andere verhaal van en over mensen die gebukt gaan onder het label ‘perfectionisme’. Ze mogen van zichzelf niets fout doen, schieten voortdurend in een kramp en zijn nooit tevreden. Ze zijn eigenlijk een week voor de deadline al klaar, maar blijven finetunen tot de laatste minuut. Bang en onzeker tot aan in foetushouding op de keukenvloer liggen huilen aan toe. Wat een ellende.

En toch zou ik graag een beetje meer last hebben van perfectionisme. Ik haal altijd mijn deadlines, verdiep me in de doelgroep waar ik voor schrijf en baal als een stekker als er nog een typefout blijkt te staan in een afgeronde opdracht, maar een perfectionist kun je me niet noemen.

Terwijl deze maand de perfecte maand is voor perfectie. Met maar zo’n 20 uur in de week werk in plaats van de gebruikelijke 40, blijven er zeeën van tijd over.

Zeeën van tijd om een verhaal te schrijven, het door een vakgenoot te laten nakijken, er zelf nog een tweede en derde keer naar te kijken en het vervolgens pas naar de klant te sturen. Met nog een voorstel voor een alternatieve titel en een samenvatting voor social media erbij, als extraatjes.

Zeeën van tijd om een zoekwoordenanalyse los te laten op mijn website en een lijstje aan te leggen met blogonderwerpen waarmee ik mijn vindbaarheid vergroot. En als ik toch bezig ben, ook professionele foto’s laten maken waarop ik van mijn beste kant te zien ben.

Zeeën van tijd om van een offerte meer te maken dan een droge opsomming van werkzaamheden met bijbehorend uurtarief. Door een gedetailleerd plan toe te voegen over hoe ik de klus ga aanpakken en hoe een eventueel vervolg van de opdracht eruit kan zien.

Niets van dat alles.

Ik lees de krant, dwaal rond op Facebook, maak een wandeling en zoek online naar een televisiekast, een hotel in Brussel, een vakantiebestemming voor september. Ik haal nog maar eens koffie, staar naar buiten en verdwijn in een dagdroom. En ja, ik haal mijn deadlines, verdiep me in de doelgroep en probeer geen enkele taal- of tikfout te maken. Mijn klanten zijn tevreden.

Maar ik niet. Want ik weet dat het perfect had kunnen zijn.

Perfection

Kwetsbare ondernemer

2016-04-21 13.04.47Dat ik in augustus 2008 voor mezelf begon, was een goed idee. Dat ik op 1 januari 2017 helemaal gedag zei tegen werken in loondienst, was een nog veel beter idee.

Het gaat goed met Lieke Schrijft, met een omzet die is verdubbeld sinds ik van 3 naar 5 dagen als zelfstandige ging. Toch twijfel ik soms nog aan mezelf als ondernemer. Vooral nu de zomer begint. Een rustige periode qua werk waardoor er minder geld binnenkomt, terwijl mijn uitgaven juist stijgen (festivals, terrasjes, zomerjurkjes).

Niet goed genoeg

Toen ik begon met Lieke Schrijft, dacht ik vooral ‘ik ben niet goed genoeg’ en ‘ik heb niet veel toe te voegen aan het bestaande aanbod’. Ik had het ook altijd over mijn bedrijfje. Nu ik bijna 10 (!) jaar bezig ben, twijfel ik nauwelijks nog aan mijn schrijfkunsten, maar des te meer aan mijn ondernemerskwaliteiten. Een cursus verkooptechnieken heeft me niet veel geholpen bij het commerciëler zijn en het kansen grijpen. En alle goede voornemens ten spijt, loop ik alweer hopeloos achter met mijn boekhouding. Soms, als ik niet lekker in mijn vel zit, lijken dat genoeg redenen om op zoek te gaan naar een baan in loondienst.

Niet opvallen

Ik ben altijd hard geweest voor mezelf. Wilde tot een bepaalde leeftijd niet teveel opvallen. Waarom? Het is toch stom om een soort grijze muis of Truus doorsnee te zijn? Ik voelde al heel jong de drang om mezelf te zijn, maar durfde meestal niet. Alhoewel, toen ik echt jong was blijkbaar wel. Er bestaan foto’s van mij, afgezonderd op mijn eigen kinderfeestje, spelend in mijn eigen wereld. Dat de andere kinderen er speciaal voor mij waren en liever wilden springtouwen of hoelahoepen, maakte me blijkbaar niet veel uit.

Waarom sloop de angst erin om mijn eigen weg te gaan? Waarschijnlijk omdat ik bang was dat anderen mij dan niet meer leuk zouden vinden. Omdat ik ergens bij wilde horen. Omdat ik wel bijzonder wilde zijn, maar niet zo speciaal dat ik alleen over bleef. Als ik mijn oude dagboeken teruglees, zie ik dat het in de pubertijd een bange chaos was in mijn hoofd.

Niet durven

Op de middelbare school en tijdens mijn studie journalistiek keek ik enorm op naar de individuen die zichzelf durfden te zijn (of waarvan ik dacht dat ze zichzelf waren). Zij waren vaak alleen, zoals het in het zwart geklede meisje dat soms haar rat mee naar school nam. Of ze waren enorm populair en voortdurend omringd door anderen. Zij durfden wat ik niet durfde: hun kop boven het maaiveld steken.

Direct na mijn eindexamen deed ik overigens iets wat anderen niet durfden. Ik vertrok voor drie maanden naar Benin, een land waar ik nog nooit van had gehoord, laat staan dat ik iets van de plaatselijke normen en waarden wist. Toch verdween ik op het HBO weer een beetje naar de achtergrond.

Toen ik ging werken en later toen ik mijn tweede studie communicatie- en informatiewetenschappen deed, keek ik veel minder tegen anderen op. Ik vond het ook veel minder erg om op te vallen, getuige allerlei kleuren in mijn haar en in mijn jurkjes. En inmiddels spreek ik wekelijks mensen die wel willen maar niet durven wat ik wel durfde: een eigen bedrijf beginnen.

Een bedrijf dat tien jaar later nog bestaat en waar het goed mee gaat. Dus *schop onder mijn kont* doe die zorgen de deur uit en vier de zomer!

Het zijn de kleine dingen…

… waar je hart van gaat zingen.

20180613_195557

Elkaar leren kennen door iets persoonlijks te vertellen aan de hand van mooie plaatjes. Aan de andere kant van de tekst, stond een hand met een pen boven een vel papier.

 

20180615_131117

Vrijdagochtend om 7.30 uur. Hollandse Nieuwe als ontbijt. Met uitjes en augurk. Traditie zolang het seizoen loopt.

 

IMG-20180613-WA0003

Een dappere komkommer. Hopelijk volgen er meer.

Blij met kleine dingen

Op mijn zakelijke pagina schreef ik onlangs een blog over dankbaarheid. Maar het zijn niet alleen ‘grote dingen’ waar ik dankbaar voor ben (of zou moeten zijn). Er is zó veel om blij van te worden. Niet verkeerd om daar af en toe bij stil te staan, toch? In willekeurige volgorde tien dingen waar mijn hart van gaat zingen:

  • Schone lakens
  • Nieuwe sokken
  • De leuke jongen uit de trein (al is dat eigenlijk een ‘groot ding’)
  • De leuke jongen uit de trein als hij ‘dankjewel voor het lekkere eten’ zegt
  • Een vers boek
  • Iets bestellen in een restaurant dat nog beter blijkt te smaken dan verwacht
  • Taken doorstrepen op mijn to-do-lijst
  • Een compliment van een klant
  • Naar buiten zonder jas
  • Een avondwandeling maken en dat het nog net licht genoeg is om de bloemenpracht van dit seizoen te zien

bloemen

bloemen 2

Een sprookjesleven

Terwijl ik naar buiten kijk, waar ik tegelijkertijd blauwe lucht en regen zie, dwalen mijn gedachten af. Ik zoek naar de regenboog en denk aan potten met goud. Was dat geen sprookje, Dodo en de pot met goud?

De afgelopen weken klopte het leven confronterend hard op onze deur. De schoonvader van een vriendin, een oud-klasgenoot van de leuke jongen uit de trein, de moeder van een vriendin en de moeder van de man van mijn nichtje stierven. Er kwam geen regenboog aan te pas. Ook geen pot met goud. Ziekte, lijden, dood. Verdriet bij de achterblijvers.

We willen allemaal een sprookjesleven. Dus gaan we op zoek. Want als we de pot met goud, het glazen muiltje, de prins en het witte paard hebben gevonden, leven we nog lang en gelukkig. Onderweg trotseren we gemene stiefmoeders, vergiftigde appels en boze wolven. Een sprookjesleven is dus niet hetzelfde als een zorgeloos leven.

Het zou fijn zijn als ieders zoektocht wordt beloond met ‘en we leefden nog lang en gelukkig’. Of op zijn minst met de zon die altijd terugkomt na de regen.

DSCN3088

 

 

Hoe anderen mij zien

Etiketten plakken, of hokjesdenken, het maakt de wereld zo lekker overzichtelijk. Maar soms kloppen die etiketten niet. Deze drie etiketten plakken denk ik het meest hardnekkig op mij:

Lieke is een stuudje

Op de basisschool stond mijn rapport vol met ‘goedjes’. Daar kon ik weinig aan doen. Huiswerk hadden we niet, maar ik hield toen al enorm veel van lezen. Verder speelde ik vooral buiten. Er was geen competitie. Het was gewoon zoals het was. In de brugklas werden de goedjes (en de onvoldoendes, matigs, voldoendes, en ruimvoldoendes) vervangen door cijfers. Vaak goede cijfers.
De eerste twee jaar van de middelbare school was ik ronduit braaf. Ik maakte altijd mijn huiswerk, kwam altijd op tijd en spijbelde nooit. Maar een stuudje was ik niet; ik besteedde niet meer tijd aan mijn huiswerk dan strikt noodzakelijk, maakte geen oefenexamens of extra opgaven, nam nooit bijles. Ik moest tijd overhouden om naar vriendinnen te gaan of anders uren met ze te bellen. Toen de klassendocent vroeg of ik naar het gymnasium wilde, bedankte ik vriendelijk.
Na de tweede klas werd ik minder braaf en werden de cijfers lager, maar ik werd nooit brutaal. Het eerste uur Frans op dinsdag voor dat nutteloze tussenuur, daar was ik niet vaak. Bij de les lichamelijke opvoeding (oké, we zeiden gewoon gym) liep ik wel eens stiekem door de achterdeur naar buiten nadat mijn naam was voorgelezen en ik ‘present’ had geroepen. Bij het zevende uur economie op vrijdag, ná een tussenuur, kwam ik wel eens te laat omdat ik met een vriendin en een zak autodrop in het park zat. Op mijn eindlijst stonden uiteindelijk twee vijven, twee zevens en verder zessen. Geen nerd-cijfers.
Een tijdje geleden kwam ik een oud-klasgenoot tegen. “Jij was écht een studiebol”, zei hij. “Zo’n hele brave die altijd keihard leerde, hoge cijfers haalde, nooit te laat kwam en al helemaal nooit een les miste. Ik had verwacht dat je nu bij een groot bedrijf zou werken.” Van zichzelf vond hij dat hij op de middelbare school een brutale relschopper was. Grappig, want in mijn gedachten was hij een lieve, verlegen jongen, die soms per ongeluk meeliep met de ‘stoere jongens’.

Lieke is niet goed met kinderen

Dit vooroordeel werkte ik vroeger zelf in de hand, door overal te verkondigen dat ik geen kinderen wilde, niets met baby’s kon en bloedsjachreinig werd van babygehuil. Daar was geen woord van gelogen. Maar ik was onder de 30, niemand had kinderen en niemand tilde zwaar aan die uitspraken. Op één vriendin na die zich nog net niet verontschuldigde dat ze zwanger was en beloofde ‘dat er niets zou veranderen en we heus nog wel op stap zouden gaan’.
Inmiddels zou ik best een kind willen en staan mijn haren niet meer automatisch overeind als ik een baby hoor huilen, al heb ik nog steeds een voorkeur voor exemplaren die kunnen lopen en praten. Ik heb de grootste lol met kinderen. Kinderen zijn bovendien vaak dol op mij, al zeg ik het zelf. Van verhaaltjes voorlezen probeer ik altijd een Oscar-waardige voordracht te maken. Ik speel mee met de meest onnozele spelletjes, sta als eerste op de trampoline en hang als eerste ondersteboven aan het klimrek. Ik ben hartstikke goed met kinderen, vooral als ze vies mogen worden.

Lieke is arrogant

Bij de eindevaluatie van mijn laatste stage hoorde ik dat ik in het begin (6 maanden daarvoor) arrogant overkwam, uit de hoogte deed tegen de andere stagiaires en te weinig vragen stelde. Gaandeweg was het goedgekomen met me en bleek ik heel benaderbaar, sympathiek, empathisch en soms zelfs onzeker. “Maar als je stage maar een maand geweest zou zijn…” Ik schrok ervan. Sindsdien let ik veel beter op hoe ik overkom.
Tijdens mijn studie journalistiek hoorde ik (achter mijn rug) ook al eens iemand verkondigen dat ik arrogant was. Die conclusie werd getrokken door iemand die mij helemaal los had zien gaan op de dansvloer. Voor mij had dat totáál niets met arrogantie te maken, ik vermaakte me gewoon en het kon me echt niet schelen wat anderen daarvan vonden.

Zelf plak ik ook vaak etiketten op mensen. Die trek ik er soms later -hopelijk vlug en pijnloos- weer vanaf. Je kunt je al eens vergissen of iemand verandert. Krijg jij ook wel eens etiketten opgeplakt die niet kloppen? Welke?etiket-22469

Brief aan mijn nichtje #17

Lieve, kleine actrice,

Donderdag bleef je slapen, vrijdag was ik ‘hulp-volwassene’ op je kinderfeestje en zaterdag vierden we je echte verjaardag. Drie drukke maar mooie dagen. Het lijntje tussen vrolijk lachebekje en boze dramaqueen is dun, is mijn conclusie. En je blijft een goede actrice.

Dolenthousiast kwam je donderdag binnen. Je liet je mama en de mama van je beste vriendinnetje het hele huis zien en vertelde honderduit. Om even later te huilen, omdat je geen spruiten wilde eten. De vorige keer dat je kwam eten, bestelde je zelf spruiten, nu lustte je ze ineens niet meer.

Het logeerpartijtje was heel gezellig. Ik houd ervan om je voor te lezen. Ik houd ervan dat je gewoon gaat slapen met de gordijnen dicht en de deur dicht, zonder gezeur over lampjes die aan moeten blijven. Ik houd ervan dat je de volgende ochtend bij me in bed kruipt. Ik vind het iets minder dat je dan de dekens van me aftrekt, brrrrr koud.

Je had ontzettend veel zin in je feestje, maar op weg naar Bunde was je heel erg stil. Ik denk dat je zenuwachtig was. Ik vroeg of je huis versierd was, jij antwoordde dat je daar al over had gedroomd. Je was hyper toen het eerste vriendinnetje aan de deur stond, was aan het springen en aan het roepen met een lach van oor tot oor. Iedere keer dat de bel ging, gilde jij de naam van het vriendje of vriendinnetje dat binnen zou komen. Je griste de cadeautjes uit hun handen, maar wachtte wel heel netjes met uitpakken tot iedereen er was. Even waren er tranen en stond je te stampvoeten, omdat de jongens iets met jouw Duplo bouwden waar jij het niet mee eens was. Om vervolgens weer de grootste lol te hebben bij het versieren van de cake. Je deed er zo veel slagroom op, dat er geen cake meer te zien was.

Het feestje was een succes. Enthousiast ging je voorop bij de speurtocht, op de hielen gevolgd door de twee jongens. Je rende het grootste deel van de route. Stond te stuiteren bij iedere vondst. Klom in recordtijd tegen een steile helling omhoog en trok je niets aan van doorns en kiezels. Het was ijskoud, maar dat voelde je niet. De andere meisjes hadden het moeilijk. Die sloften achteraan, waren moe en durfden niet overal op en in. Ik nam er één op mijn rug. Toen het feestje was afgelopen, was het weer even huilen. Dat bevestigt natuurlijk alleen maar hoe leuk het was.

Het grotemensenfeest, daar had je ook al zo’n zin in. Nog meer cadeaus! Niet normaal hoe snel jij dingen uit kunt pakken, trouwens. Het was gezellig. De leuke jongen uit de trein bouwde je Lego-pakket van Frozen. Met mij deed je een spelletje dat ik je moest kietelen telkens als je een koprol maakte “maar alleen als mijn voeten daar zijn en als ik nog niet terug aan het kruipen ben en…” een hele rits eigen spelregels. Ook dit feest was een succes. Geen drama toen we naar huis gingen. Volgens mij was je moe. Of je vond het toch niet zo leuk met de grote mensen 😉

Het was me al vaker opgevallen dat jij met je huidskleur bezig bent, maar ik weet nog steeds niet zo goed hoe ik ermee om moet gaan. Kinderen zijn niet kleurenblind, mocht iemand dat nog denken.

Vrijdagochtend bij het ontbijt kwam een nieuwsitem voorbij op de radio, over Thierry Baudet en de uitspraak dat donkere mensen minder intelligent zijn dan lichte mensen. “Ik ben donker, want ik ben bruin”, zei jij. De leuke jongen uit de trein en ik keken elkaar verbaasd aan. “Lieke is ook bruin, heb je haar wel eens gezien in de zomer bij het zwembad?”

Zaterdag was je mama frietjes halen en zaten wij even op de bank naar Sesamstraat te kijken. “Dat is een *jouw naam*”, zei je over een jongetje met kroeshaar. “Nee joh, er is maar één *jouw naam*”, zei ik. “Niet waar.” “Nou, oké, er zijn wel andere mensen met dezelfde naam, maar er is maar één persoon zoals jij. Op televisie is een jongen en hij ziet er heel anders uit.”

Ik weet niet of het erg is dat je verschillen ziet. Ik heb ook geen idee in hoeverre jij je huidskleur aan bepaalde eigenschappen koppelt. Ik hoop met heel mijn hart dat je niet gelooft dat je dommer bent dan je vriendjes en vriendinnetjes. En ik hoop dat domme uitspraken van anderen niet te veel krassen op je ziel zetten.

Je bent mooi en slim en mijn favoriete nichtje.

Dikke kus,
Tante Lieke

Dubbele regenboog