Vermist, kwijt, verstopt

Ik heb nauwelijks meer hoop. Maar aan het einde van de werkdag liggen ze ineens wel op de balie bij het zwembad: mijn jas en mijn sjaal.

Spullen kwijtraken is een van mijn slechte eigenschappen. Ik verlies al dingen zo lang ik me kan herinneren. De keren dat ik van de basisschool thuiskwam met nog maar één handschoen of zonder broodtrommel zijn niet te tellen. Op de middelbare school raakte ik vooral pennen en schriften kwijt. Mijn ouders werden er gek van. Soms werden ze boos (en dat snapte ik dan ook nog). Soms moest ik van mijn eigen geld nieuwe spullen kopen. Of dat hielp? Nee, geen zak.

Inmiddels ben ik 44. Verbetering? Noppes. Gisteren liet ik mijn jas en sjaal in het kleedhokje bij het zwembad hangen. Ik merk na het zwemmen dat die spullen dus niet in mijn kluisje liggen en ga zoeken. Ik maak alle kluisjes en kleedhokjes open. Geen jas. Ik ga naar de balie waar de gevonden voorwerpen liggen. Geen jas. Ik kijk bij de wasbakken en föhns. Geen jas. Ook al weet ik zeker dat ik mijn jas mee naar binnen nam, ik controleer voor de zekerheid mijn fietstas. Geen jas.

Eén meevaller: mijn sleutels en mijn telefoon zitten niet in mijn jas. Al helpt dat mijn humeur verder niet. Dus vertrek ik verdrietig naar een klant. Extra verdrietig dit keer omdat het een hele fijne jas is, gekregen van mijn lieve schoonmama.

Op de terugweg, rond 18.00 uur, besluit ik nog even langs het zwembad te rijden. Met weinig hoop, ik heb immers overal gekeken.

Ik loop door de schuifdeur en zie ze meteen op de balie liggen: mijn jas en mijn sjaal.

Na 44 jaar snap ik nog steeds niet hoe ik het voor elkaar krijg. Meestal is kwijt ook echt kwijt. Dit keer word ik op wonderbaarlijke wijze herenigd met mijn bezittingen. Pjiew!

Kwijtraken en vergeten liggen dicht bij elkaar. Toch gaat het zakelijk gezien bijna nooit mis. Ik kom 99 van de 100 k eer op tijd bij afspraken en haal mijn deadlines. Maar vraag me niet waar mijn sleutels liggen. Ik moet dus wel eerder beginnen met me klaarmaken voor een afspraak dan een ‘normaal’ mens, omdat ik al weet dat ik iets moet gaan zoeken.

Ben jij team super georganiseerd en nooit iets kwijt? Of ben jij team chaos?

Overweldigend Onhandig

Ik ben Lieke en ik ben onhandig.

Onhandig klinkt iets vriendelijker dan lomp, wat zo’n vijf jaar geleden de titel van één van mijn blogs was.

Mijn onhandigheid beperkt zich niet alleen tot struikelen, verdwalen, te laat komen wegens totaal gebrek aan logische- & logistieke vaardigheden, in de knoop zitten met kabels, huishoudelijke blunders, iets kwijtraken, of tegen een deurpost/tafel/kast aanlopen. Onhandig ben ik met volle overgave: Overweldigend Onhandig.

Twee weken geleden wilde ik zo onopvallend mogelijk aanschuiven bij een vergadering die al een tijdje bezig was. Ik moest een stoel meenemen, wat het onzichtbaar binnenkomen sowieso al iets lastiger maakte. Maar het had nog gekund, want alle ogen waren op dat moment gericht op het scherm. Dan moet je dus niet met die stoel tegen de glazen deur aanlopen…

Ik ben iemand die in een lawaaiige ruimte luidruchtig meekletst en die dan net op vol volume iets sufs zegt als de muziek even stopt.

Ik ben iemand die snel associeert en daardoor stappen in haar hoofd overslaat waardoor het voor een ander totaal hak-op-de-tak is wat ik vertel en ik een ongeïnteresseerde gesprekspartner lijk.

Ik ben iemand die op een feestje heel enthousiast iemand op zijn schouder tikt. Draait die iemand zich om, blijkt het een totale onbekende te zijn.

Ik ben iemand die altijd verkeert gokt met begroetingskussen. Ik gok op de verkeerde wang of op het verkeerde aantal. Met botsende hoofden of vol op de mond als gevolg.

Ik ben iemand die even moet broeden om met een grappige opmerking een duit in het zakje te doen. Heb ik eindelijk iets bedacht, blijkt het zakje al vol. Waardoor mijn grapje met veel lawaai op de grond klettert.

De leuke jongen uit de trein is een knoeierd bij het eten, maar verder is hij nooit onhandig. Hij plaatst krachtige one liners in ieder gesprek, krijgt de lachers op zijn hand en weet de beste oplossing voor ieder logistiek probleem. De keren dat hij in de afgelopen 10,75 (!) jaar botste, struikelde of viel kan ik op de vingers van één hand tellen.

Niet iedereen kan de olifant in de porseleinkast zijn.

 

Over chronische klunzigheid en altijd de weg kwijt

Ik brand mijn vingers aan pannen, deksels of de oven. Ik bots dagelijks tegen de bank, de salontafel of een deurpost. Ik stoot glazen wijn om op feestjes. Bij voorkeur op hele chique feestjes, zoals toen die keer in de residentie van de ambassadeur. 

Ik doe mijn best om geen kostbaarheden uit mijn handen te laten vallen, zoals fototoestellen. Vervolgens blijf ik bij het naar buiten rennen met de mouw van mijn trui achter de deurklink haken, zodat de camera alsnog een duikvlucht maakt. Wat ik wilde fotograferen is ondertussen al lang gevlogen.

Ook mijn telefoon houd ik angstvallig vast, maar vervolgens blijf ik achter het snoertje haken waarmee het ding in het stopcontact zit. Mijn baksels worden graag gegeten, maar als de cake eindelijk in de oven staat, ziet de keuken eruit alsof er een bom is ontploft. De mixer doet namelijk altijd wat ie zelf wil. Met stokjes eten kan ik verrassend genoeg best goed, maar ik laat de sushi op een onbewaakt moment dan wél in het schaaltje sojasaus vallen. En een pak of zak (melk, nootjes, yoghurt, crackers) openmaken… daar hebben we het maar helemaal niet over.

Toch is mijn chronische klunzigheid niets vergeleken met mijn totale gebrek aan richtingsgevoel en ruimtelijk inzicht. Ik stel er het geduld van de leuke jongen uit de trein regelmatig mee op de proef. “Waarom vertrouw ik in hemelsnaam op jou!?”, riep hij geërgerd toen we het hostel in Brussel probeerden te vinden dat ik geboekt had. Ik had thuis op een kaartje gekeken en dacht dat ik er blind naartoe zou kunnen lopen.

We hadden uiteraard twee heerlijke dagen in de Belgische hoofdstad. Er is (bijna) niets leuker dan met de leuke jongen uit de trein op een Brussels bankje zitten en mensjes kijken. Maar het zou nog leuker zijn als ik de weg van A naar B onthoud.

Brussel