Voor een dubbeltje op de eerste rang

Lunch“Lieke, je uurtarief is echt te laag, verhoog je prijzen nu eens”, hoor ik vaak van vrienden, vakgenoten en ex-collega’s. Ik blijf dat moeilijk vinden, zeker bij bestaande opdrachtgevers. Terwijl dat eigenlijk raar is, want juist de mensen waar ik al lang voor schrijf, weten wat ik kan.

Vandaag stelde ik een (voorzichtige) daad. Vandaag vertelde ik aan een opdrachtgever dat ik niet meer voor hem wil werken. Iets wat ik een jaar geleden nog niet durfde, bang voor te weinig werk. De opdrachtgever biedt een prijs per verhaal die ik van andere opdrachtgevers per uur krijg (en zoals gezegd vinden anderen mijn uurprijs al aan de lage kant).

Een verhaal betekent: naar een evenement gaan, daar één of meerdere mensen interviewen en een foto maken, verhaal uitschrijven, verhaal afstemmen met de geïnterviewden en eventueel nog iets aanpassen, verhaal en foto doorsturen naar opdrachtgever, factuur sturen. Als het allemaal meezit, het evenement in de buurt is en de geïnterviewde in één keer akkoord gaat, is dit ongeveer drie uur werk. Gemiddeld ben ik vijf uur met zo’n verhaal bezig. Waardoor een bedrag per uur overblijft dat minder is dan het minimumloon.

Eigenlijk is dat uitbuiting, toch? Maar hele volksstammen blijven akkoord gaan, om dezelfde reden als dat ik tot nu toe akkoord ging. Gelukkig is er veel ten goede veranderd sinds #tegendebakker. Het ontbreekt me alleen nog vaak aan lef.

 

Op dit moment #7

In de chaos waar ik eergisteren over schreef, komt langzaam structuur. Gisteren een tandje bijgezet en terwijl de interieurverzorgster als een razende Roeland door het huis ging, tikte ik twee interviews bij elkaar, plande ik een paar afspraken en betaalde ik een rekening die eigenlijk al betaald had moeten zijn. Ik ben er nog niet, maar de weg naar meer overzicht en minder stress is weer ingeslagen.

Genieten van: de lente. Het frisse groen aan de bomen. Het gezoem van hommels en bijen. De merel die op het hoogste punt van de hoogste boom het hoogste lied zingt. Zonder jas naar buiten. Leuke potten kopen bij Dille & Kamille en ze vullen met kleurrijke planten. Zaadjes die nu komkommer- en tomatenplanten worden. Ik zit soms als een blij ei in de tuin, heerlijk!

Blij met: mijn vrienden die altijd zo begripvol zijn, met me meedenken, me aanmoedigen, maar me ook wel eens door elkaar rammelen. Vrienden die zeggen dat ik attent en geïnteresseerd ben en vinden dat ik trots op mezelf mag zijn omdat ik van droevige sollicitatiebrievenschrijver een voltijds werkende ‘allesschrijver’ ben geworden. Die bevestiging heb ik soms nodig. Dankjewel lieverds.
Blij ook met de leuke jongen uit de trein, die mij het allervaakst door elkaar rammelt. Dat is goed, want dat heb ik nodig. Armen om me heen slaan, doet hij ook heel vaak. Net als vragen hoe mijn dag was, nieuwe muziek opzetten en lekker koken. Ik bof.

Balen van: bh’s die zo ver versleten zijn dat ik echt nieuwe moet. Ik HAAT het om nieuwe bh’s te kopen. Met mijn maat (80F) is dat altijd een dure aangelegenheid. En de keuze is niet reuze. Het liefst zou ik bh’s een beetje anoniem passen, bij de H&M of de C&A, maar dat hoef ik niet te proberen. Dus wordt het altijd een speciaalzaak met een verkoopster die om de drie minuten vraagt hoe het gaat.

Aan het lezen in: Kom hier dat ik u kus van Griet Op de Beeck. Vannacht las ik de eerste twee hoofdstukken en ik moest moeite doen het boek weg te leggen. Ik herkende veel uit de gedachtewereld van de zesjarige hoofdpersoon: het buitenspelen en geen idee hebben hoe die scheur in mijn broek komt, of enthousiast aan het tekenen slaan en per ongeluk een stuk tafelkleed kleuren. Gelukkig hoefde ik niet voor straf over dat soort dingen na te denken opgesloten in een donkere kelder. Ik kwam er vaak met een ‘het geld groeit niet op onze rug’ vanaf.

Aan het kijken naar: alle drie de variaties van NCIS. Niet op de momenten dat ze worden uitgezonden, maar de ene week niets en de andere week zes afleveringen. Als ik weer eens geen idee heb hoe veel ik achterlig en of er iets is opgenomen, vraag ik aan de leuke jongen uit de trein: “Heb ik nog vriendjes?” NCIS is niet per se heel hoogstaand en soms weten we in de eerste tien minuten al wie het heeft gedaan, maar ik houd van de karakters. De briljante wetenschapper en liefhebber van doodskisten en vleermuizen Abby uit ‘Washington’, de gortdroge, neurotische spraakwaterval Deeks uit ‘LA’ en de complotdenkende nerdy held tegen wil en dank Sebastian uit ‘New Orleans’.

We hadden plannen en begonnen aan Dance around the World en Dream School, maar kwamen in beide gevallen niet verder dan twee afleveringen. Puur uit tijdgebrek. We zijn niet vaak tegelijkertijd thuis. En als dat wel zo is, moeten we ‘mijn vriendjes’ al terugkijken.

Aan het luisteren naar: mijn tienertijd. In de auto naar Roermond draaide ik deze week het eerste album van K’s Choice, eind 1993 opgenomen. Het jaar dat ik 13 werd en me net begon te interesseren voor muziek. Al had ik als dertienjarige nog niet echt door hoe grappig en/of pijnlijk sommige teksten zijn.
Op de terugweg zette ik een verzamelaar van PUR op. Een band waar veel naar geluisterd werd in de Duitse tak van onze familie. Toen alles nog ‘goed’ was en wij daar kind aan huis waren. Duits heb ik altijd makkelijker verstaan dan Engels en bij PUR-liedjes moet ik vaak hardop lachen of luidkeels huilen. Nooit houd ik mijn ogen droog bij Wenn sie diesen Tango hört en dan vooral dit stukje:

ein ganzes Leben lang zusammen
gelitten, geschuftet, gespart
jetzt wär’ doch endlich Zeit für mehr
jetzt ist er nicht mehr da

Dat heeft deels te maken met mijn papa en mama, die hard werkten, drie kinderen en hobby’s hadden en daardoor soms geen tijd voor elkaar. Dat zou binnenkort verbeteren, als de toneeluitvoeringen die papa regisseerde plus de feestdagen achter de rug waren… Gelukkig komt even later Drachen sollen fliegen voorbij en daar zit een stukje in dat keihard meegezongen moet worden. Huilen en zingen gaat niet tegelijk, dus hoppa:

laß mich endlich fliegen
kapp die Nabelschnur
denn Drachen sollen fliegen
ohne feste Spur

Eten: is misschien wel mijn grootste hobby. Ik kan bijna net zo hard genieten van eten als van in de zon zitten met een boek. De laatste tijd hangen we van buiten de deur eten aan elkaar. Met vrienden, (oud-)collega’s, netwerkverenigingen. Allemaal super lekker en gezellig. Turks restaurant Mandalin was het hoogtepunt. Op de weegschaal betekent dat helaas een dieptepunt. Maar we zijn weer op de goede weg. De leuke jongen uit de trein maakte vorige week een overheerlijke goulash en ik bouwde er een smakelijke salade bij. Afgelopen weekend maakte ik een prima quiche boordevol verse groente.  Voor vanavond twijfel ik nog tussen witlof en puree of pittige boontjes en zilvervliesrijst. Gezonde zaken.

Sporten: lukt nauwelijks. Nog steeds geblesseerd. Hielspoor. Gelukkig zijn de nieuwe steunzolen onderweg. Rennen zou dan geen pijn meer moeten doen. Het zal mij benieuwen. Ik ben bang dat het te laat is om de 10 kilometer succesvol af te leggen bij Maastrichts Mooiste in juni. Zwemmen ben ik trouw blijven doen, maar deze week kan ik niet gaan vanwege bereikbaarheidsdienst. Die bereikbaarheidsdienst is overigens best fijn, want ik krijg er goed voor betaald en ik leer er ontzettend veel van, maar het is ook onhandig voor een chaoot als ik. Voortdurend controleren of ik mijn pieper en telefoon bij de hand heb. En dus niet naar de sportschool of het zwembad kunnen.

Leuke dingen om naar uit te kijken: zijn er altijd. Ik verheug me nu al op vanavond en dat ik dan verder mag lezen in mijn boek. Ik heb zin in het Bevrijdingsfestival in Roermond waar ik als interviewer, gastvrouw en verslaggever rondloop. Grote kans dat ik daarvoor nog minimaal één nieuwe klant binnenhaal, dat is ook fijn. Ik kijk uit naar de vakantie tussen Hemelvaart en Pinksteren. Hoewel vakantie een wat groot woord is. Door mijn ongeorganiseerde bestaan, heb ik het plan om zeep geholpen om echt op vakantie te gaan. In ieder geval ga ik een dag of tien niet schrijven. Wel (fairtrade) lunchen met een burgemeester en twee wethouders. Hopelijk veel tijd met de leuke jongen uit de trein.

Wat een leven.

Zomaar een ochtend

DSCN3076Ik nam mezelf voor mijn mail nog even niet te openen, Facebook en LinkedIn te laten voor wat het was en direct aan de slag te gaan met de eindredactie van die nieuwsbrief. Dat deed ik. Om 8.20 uur verbeterde ik de eerste spelfouten.

Maar ja, die naam van die verzekeraar die in de tekst voorkomt, moet die niet met twee hoofdletters? Daarvoor moet ik echt even het internet op. Meteen even checken of er reacties zijn op die andere nieuwsbrief die ik laatst schreef.

En daar ga ik…

Ach, nu ik toch online ben, kan ik ook wel even:

  • Op Facebook kijken
  • Mijn werkzaamheden delen op LinkedIn
  • Mijn mail checken
  • Kijken of er nog iets is gebeurd in de wereld
  • Die spijkerbroek bestellen
  • Controleren of mijn wachtdienstrooster klopt
  • Mijn favoriete blogs lezen

Het gevolg?

Het is ineens 9 uur. Dan is het ook weer tijd voor koffie. Ik haal meteen koffie voor de andere flexwerkers, maak een praatje bij de automaat, zwaai naar een kennis die voorbij fietst. Nu moet ik écht weer aan het werk. Of wacht, nog even vriendin M appen of het zwemmen vanavond doorgaat. En mijn broer vragen of hij een idee heeft voor een verjaardagscadeau voor ons nichtje dat zaterdag 6 jaar wordt. In plaats van terug te appen, bellen ze allebei terug. Super gezellig, meteen even bijkletsen.

En zo is het 10 uur voordat ik de nieuwsbrief afrond. Ik kan er natuurlijk wel even over bloggen en die blog moet ik dan weer delen op Facebook.

Stel je voor dat ik meteen door zou gaan met de volgende opdracht…

 

Raadselachtig huishouden

Het huishouden is voor mij al 37,5 jaar een raadsel. Iedere twee weken schone lakens op bed vind ik een goede frequentie, dus dat zit al jaren in mijn systeem. Dat je niet met een schuurspons je auto moet wassen, snap ik sinds ik dat een keer gedaan heb (geen zorgen leuke jongen uit de trein, het was mijn vorige auto). Maar verder doe ik maar wat.

Welk doekje?

Als er op de fles schoonmaakmiddel een plaatje van een glanzend fornuis staat, is het geschikt voor de hele keuken. Staat er een blinkend toilet op dan kan ik er de hele badkamer mee doen. Toch? Maar met welk doekje dan? Die hele zachte, die iets minder zachte, of die vaatdoek? Of gewoon schoonmaakmiddel spuiten en daarna afdrogen? Met een theedoek, of juist niet? En waarom heet dat eigenlijk een theedoek? Waarvoor mag ik wél die schuurspons gebruiken? En hoezo blijven er altijd strepen op de spiegel staan?

spons

Collateral damage

Bovendien ben ik onhandig. Zeg maar gerust lomp. Een hoeslaken opvouwen, dat probeer ik niet eens meer. Een stofzuigerzak vervangen ook niet, nadat ik iets afbrak in het binnenste van de stofzuiger. Soms probeer ik ons huis grondig aan te pakken. Dan til ik de vazen op die op de keukenkast staan om de hele bovenkant van de kast te soppen en stoot ik met die vazen tegen het plafond. Dan schuif ik de bank van de muur om erachter te zuigen en struikel over de stofzuiger als ik weer achter de bank uit kruip. Dan lig ik op mijn buik om de convectorput uit te zuigen en laat de roosters uit mijn handen vallen… op de plint, op onze mooie vloer, of tegen de muur.

Doe mij maar groen

Het enige aan het huishouden wat ik leuk vind en waar ik talent voor blijk te hebben, is ‘het groen’. Zowel binnen als buiten doen onze planten het fantastisch. Sommige planten verhuizen al sinds Tilburg met me mee! Van het voorjaar tot ver in het najaar hadden we frambozen in de achtertuin. De aardbeienplant is in een jaar tijd in omvang verdubbeld. De Japanse sierkers in de voortuin kan ieder moment in uitbundige roze bloesem uitbarsten, als de vorst geen roet in het eten gooit. Ook in de tuin ben ik onhandig, maar de schade die ik daarmee veroorzaak, is vooral schade aan mezelf. Een stuk uit mijn vinger knippen met de snoeischaar bijvoorbeeld…

VoortuinWie een geschikte hulp in de huishouding voor ons weet, mag het zeggen!

Om 8 uur in het winkelcentrum

lunch-e1507881562267.jpgOké, het is officieel, ik begin een oud zeikwijf te worden dat de jeugd van tegenwoordig niet snapt.

“Mevrouw, kom maar aan deze kassa”, roept de caissière achter de servicebalie in de supermarkt. “Dit is een betere plek”, knipoogt ze erachteraan.

Waarschijnlijk zag ze me met mijn ogen rollen achteraan in de rij voor de enige open kassa. Voor me staan acht identiek geklede meiden van een jaar of 12, die allemaal apart hun blikjes energiedrank, zakken chips en kaascroissantjes willen afrekenen. Om 8 uur ’s ochtends!!!

Het hele winkelcentrum wemelt op dat tijdstip trouwens van de brugklassers. Ze stoppen hun rugzakken vol met energiedrankjes en andere gezonde producten. De ‘stoerste’ jongens en meiden staan buiten te roken en sturen ‘ondergeschikten’ naar binnen.

“Het kwam echt niet in me op”, antwoord ik de caissière. “Om voor schooltijd langs de supermarkt te gaan en dan chips mee te nemen. Ik had mijn broodtrommel met zelf gesmeerde boterhammen en een appel.”

Die heb ik nog steeds. De beker ranja is inmiddels wel vervangen door koffie.

 

 

In herhaling

RELAX-1
Een paar weken geleden schreef ik iets over een vork en te veel hooi. Over huilend naar huis rijden van een klant, omdat ik door de deadlines het bos niet meer zag. Gelukkig leer ik altijd van mijn fouten. NOT!

Nadat we terugkwamen uit Brussel had ik even niet zo veel te doen, ik sliep nog een dagje uit, ging met een vriendin koffiedrinken, maakte een wandeling. Toen begon ik me zorgen te maken. Want als ik niet werk, komt er geen geld binnen.

Gelukkig kwamen toen de aanvragen weer. Ja, natuurlijk wilde ik projectleider worden van die leuke opdracht. En ja, natuurlijk kan ik acht personen op één dag interviewen zodat alle portretten in één keer op de website kunnen. Als ik dan toch bezig ben, die presentatie knutsel ik ook nog wel even in elkaar. Facebook bijhouden voor dat fijne documentairefestival, dat kan tussen de bedrijven door. En wat is nu twee vergaderingen in een week? Oh moeten daar ook notulen van gemaakt en een afsprakenlijst? Past makkelijk naast 16 uur op de communicatieafdeling van gemeente Landgraaf.

Waarom ik dacht dat het haalbaar was? Geen idee. Omdat tot nu toe uiteindelijk alles goed komt? Het is maar goed dat ik bijna vakantie heb. Nog nét niet overspannen aan een vakantie beginnen, het is weer eens wat anders.

Bouwen zonder vertrouwen #2

Er is altijd iets te doen. Kammajaja jippie jippie jee.

Ja, daar zorgen jullie wel voor, dat er altijd iets te doen is. Alsof een compleet huis verbouwen naast voltijds werken nog niet genoeg ‘te doen’ oplevert, zonder dat complete bestellingen spoorloos verdwijnen.

In mijn slaap hoor ik jullie wachtmuziekje nog, want niet alleen bestellingen ook mensen naar wie je doorverbonden wordt, zijn soms ineens verdwenen. Het is me al twee keer gelukt om zo lang in de wacht te hangen, dat het muziekje weer een keuzemenu werd. ‘Voor afdeling bouw, kies 1.’

Soap

Na een lange reeks van kleine en grote miskleunen – van een fout ordernummer en een verkeerd gespelde straatnaam op de orderbevestiging, tot de onmogelijkheid om via iDeal te betalen- is het volgende deel van de soap aangebroken.

Vandaag wordt ons laminaat geleverd. Of niet. Of toch wel. Misschien morgen. Of volgende week. Of alleen het deel dat via de online shop is besteld en niet het deel dat in de vestiging staat.

En onze vaste klusjesman met zijn mooie belofte dat 1 februari de badkamer en het toilet klaar zouden zijn, hebben we ondertussen ook al een week niet meer gezien.

Falkor en het orakel

Als kind was ik dol op The NeverEnding Story. Ons huis is hard op weg om zo’n oneindig verhaal te worden. Maar waar is Falkor om me naar het orakel te vliegen? Veel wijsheid heb ik de afgelopen weken nog niet gehoord. ‘Voor afdeling klantenservice, kies 5.’

Die vanzelfsprekendheid

money
“Iedereen kan 10% van zijn inkomen beleggen.”
“Ik zou die auto nemen, lekker ruim, mooi design.”
“Heb jij een studieschuld? Had je dat niet anders kunnen regelen?”
“Waarom heb je niet een deel van je hypotheek bij je ouders geleend?”

Een aantal opmerkingen uit de afgelopen weken, gemaakt door mensen die zich nog nooit een seconde hebben afgevraagd of de maand misschien langer zou duren dan hun geld.

Wij anderhalfverdieners zonder kinderen hebben het ab-so-luut niet slecht. Integendeel, ik schrijf dit vanuit een gehuurde werkplek, die ik me als zzp’er sinds een jaar kan veroorloven, terwijl ons nieuwe huis ondertussen voor veel geld wordt verbouwd. Ik moet in deze tijden van dubbele lasten bezuinigen op etentjes en dagjes weg, maar het feit dat we momenteel voor twee huizen kúnnen betalen, zegt al hoe goed we het hebben.

Maar die vanzelfsprekendheid waarmee mensen ervan uitgaan dat je ouders je een smak geld kunnen lenen, omdat ze toevallig toch een bedrag over hebben met minimaal vier nullen, daar kan ik niet zo goed tegen.

 

Over sifons en wc-doorspoelknoppen

Al ontelbare keren schreef ik erover: keuzes maken is niet mijn sterkste punt. Van wat ik ’s morgens aantrek tot wat ik ’s avonds wil eten en alles daar tussenin: moeilijk, moeilijk. Een grote verbouwing, waar we nu middenin zitten, is een ware keuzehel.

keuzesAannemer of zelf regelen? Structuurverf of stucwerk? Bad of douche? Twee, drie, zes of tien offertes? En dan heb ik het nog niet over de oneindige keuzemogelijkheden voor badkamertegels, laminaat en deurklinken. Wist je dat er tig mogelijkheden zijn voor knoppen om het toilet mee door te spoelen? Of sifons, die dingen die je niet of nauwelijks ziet en waar je al helemaal niet op let, zelfs daar bestaan tien varianten van.

Pas een paar maanden bezig en nu al spijt van een aantal beslissingen. Waarom hebben we in hemelsnaam maar bij twee aannemers aangeklopt, terwijl we een lijst hadden met een stuk of tien namen? Dom, dom, dom. Waarom niet even doorgereden naar Duitsland, waar veel dingen een stuk goedkoper zijn? En wiens briljante idee was het om voor de kleur ‘geordend groen’ te kiezen? Mijn idee natuurlijk. Die verf was niet voor niets in de aanbieding, want pas dekkend na drie keer aanbrengen…

Toch vind ik het nog steeds leuk. Af en toe lichamelijk werk doen, zoals slopen, schuren en verven bevalt me goed. Ons huis wordt ongeveer zoals we dat in gedachten hebben en het valt me tot nu toe mee hoe weinig onze smaken verschillen. Ons huis krijgt frisse kleuren, veel lichtinval en een gezellige bar. Stopcontacten op handige plekken, dankzij mijn schoonpapa. En een aantal elementen waar ik geen seconde over na hoefde te denken; metrotegeltjes in de keuken en een grote oven. Ik ga me er thuis voelen, daar twijfel ik geen moment aan.

Tot die tijd kruipen we van grote beslissingen naar puntjes op de I’tjes. Ik ben dol op puntjes en I’tjes. Vandaar dat ik beter ben in eindredactie dan in het zelf verzinnen van verhalen.

Brief aan mijn nichtje #16

Smultocht in Meerssen. Na een eerste etappe door het bos, jij voorop op je knalroze laarzen, komen we aan bij de pauzeplek. Het is gelukkig droog (redelijk wonderbaarlijk deze dagen) en het is er goed toeven.

In een wijngaard met prachtig uitzicht nestelen we ons aan een houten picknicktafel. Jij met stukjes fruit op een stokje en een zakje snoep. Je mama en ik met een glas wijn en plakjes Italiaanse ham. Een mevrouw van ongeveer dezelfde leeftijd als jouw oma vraagt of ze bij ons mag komen zitten. “Ja, natuurlijk.”

“Wat een leuke krullen”, zegt de mevrouw tegen jou. En in één adem komt er achteraan “Mijn dochter heeft ook van die zwartjes. Twee dochters. Veel werk, dat haar.”

Ik doe mijn mond open om te protesteren tegen de term zwartjes. Maar bedenk me dan dat de mevrouw vast van haar kleinkinderen houdt en het dus niet denigrerend bedoelt. Of hoop ik dat gewoon heel hard? Ik houd in elk geval mijn mond en neem nog een slok.

De vluchtelingencrisis, etnisch profileren, toenemende ongelijkheid, mensen met een niet-Nederlandse naam die moeilijker een stageplek of baan vinden, een Brits referendum over het verlaten van de EU dat zo is neergezet dat het een referendum voor of tegen immigratie lijkt. De kranten staan er vol mee. Er wordt razendsnel een stempel op mensen geplakt. Gelukszoeker. Verkrachter. Crimineel. Terrorist. Zwartje.

Ik hoop natuurlijk dat je nooit ‘anders’ behandeld wordt, gebaseerd op je prachtige bos krullen. (Anders dan wie?) Maar als het wel zo is, hoop ik dat je stevig genoeg in je roze laarzen staat om er niet ontmoedigd of gefrustreerd door te raken.