Goddelijke interventie # 1

De leuke jongen uit de trein en studiegenootje M hadden gelijk. De een zei het en de ander schreef het. "Lekker slapen dan gaat het morgen beter." Morgen is dus vandaag. En ik ben er een stuk beter aan toe. Met dank aan studiegenootje C die me een scherm vol positieve energie stuurde.

Gister tijdens een bijeenkomst over mijn bachelorscriptie -die van 13.00 tot 15.30 duurde zonder pauze- zag ik het absoluut niet meer zitten. De deadline waarop de onderzoeksvraag, het theoretisch kader en alle transcripten klaar moeten zijn, werd vastgesteld op 30 maart. Dezelfde dag als waarop we tentamen ‘Communicatiewetenschappen’ hebben en waarop de groepsopdracht van ‘Publiceren’ en het werkstuk van ‘Gespreksanalyse’ af moeten zijn. Een week eerder heb ik twee andere tentamens en in de tussentijd gaan colleges en werkzaamheden gewoon door.
Toen ik gister thuis kwam, wist ik zeker dat ik het niet ging redden. Vandaag heb ik nog steeds geen idee hoe ik het ga doen, maar de paniek is wel iets gezakt.

De frustratie blijft. Ik heb een borrel met een vriendin afgezegd die gepland stond voor vanavond. Het eet-, uitgaans-, en logeerfeestje wat ik dit weekend met mijn nichtje in Aken zou hebben, is gereduceerd tot alleen het eten. Een housewarming volgend weekend waar ik zou blijven slapen zodat ik de volgende dag meteen door kon naar het verjaardagsfeestje van vriendinnetje M heb ik drastisch in tijd ingekort. Net als die verjaardag dus, waar ik snel ’s avonds even naartoe op en neer trein, in plaats van er de hele dag te blijven hangen. Dat allemaal met de bedoeling om zo veel mogelijk van die nagenoeg onmogelijke deadlines te halen (en ook met de bedoeling om mijn weekendje in de Ardennen overeind te kunnen houden). En, en, en het moet echt niet gekker worden: in de pauze van mijn werk vandaag zat ik een artikel voor school te lezen, omdat ik niet wist wanneer ik dat anders moets doen!!! Pffffffft.

"Ik hoop op goddelijke interventie", zei studiegenootje T vlak voor ons tentamen ‘Methodologie’. Dat hielp, want we tikten het tentamen allemaal met een goed cijfer binnen. Ik denk dat ik haar wens overneem: als er een god bestaat, dan is zijn/haar interventie op dit moment bijzonder welkom. Alvast bedankt.

Te vroeg gejuicht

Onlangs schreef ik een blog dat het bewijs dat mijn relatie goed zit, blijkt uit het feit dat ik ook samen met de leuke jongen uit de trein niets kan doen. Ik weet nog steeds 100% zeker dat de leuke jongen uit de trein en ik elkaar superdepuper lief vinden, maar de euforie over samen niets kunnen doen, bleek eenmalig.

De afgelopen twee zondagen ben ik tegen een uur of 4 zijn huis uitgevlucht. Een huis waarin we allebei plaats genoeg hebben, maar dat tegen die tijd voor mijn gevoel een benauwd hok begint te worden, waar je je kont niet kunt keren. Tegen die tijd is de hoofdpijn niet meer te harden, zeker als dat hoofd voor een beeldscherm, boven een wetenschappelijk artikel en in een boek heeft gehangen. Tegen die tijd begint ook een soort van schuldgevoel een hoogtepunt te bereiken. Op die lamme zondagen waarop niet meer dan vier passen tussen de koelkast en de bank worden afgelegd en nog eens vier tussen de bureaustoel en het toilet zie ik mijn buikje vanzelf in een flinke horecaspoiler veranderen.

De leuke jongen uit de trein kan een hele dag (en als het aan hem ligt het hele weekend) op de bank liggen en tv kijken en ondertussen met regelmatige tussenpozen in slaap vallen. Daar ben ik jaloers op, want ik kan dat dus absoluut niet. En die jaloezie draagt net als de hoofdpijn en het schuldgevoel dramatisch bij aan het daaruitvolgende pokkenhumeur. Dus vlucht ik het huis uit. Wat nauwelijks helpt. Waardoor de leuke jongen uit de trein alsnog de volle laag krijgt. Wat hij natuurlijk helemaal niet verdient.

Gelukkig is hij heel goed in mij vermandend toespreken en dat helpt dan weer wel.   

Daarna hadden we een heerlijke avond met eerst op de tong smeltende sushi toen Slumdog Millionaire in mijn favoriete filmhuis en tot slot heel veel knuffelen in bed. 

Schaamte en spijt

"Hoe heb ik ooit…?!?"

Geen idee hoe het komt, maar die gedachte overvalt me de laatste tijd steeds vaker. Hoe sneller de tijd lijkt te gaan, hoe groter mijn behoefte om de tijd terug te draaien.

Mijn vader was pas twee weken dood, mijn familie had me nodig en ik hen, toch vierde ik de kerstdagen met vriendje J in Instanbul. Hoe kon ik?!

"Gaan jullie al?" Was de laatste vraag die mijn vader me stelde. De laatste vraag ooit. Een vraag waar hij geen antwoord op verwachtte. Ik had graag het hele weekend bij mijn ouders willen blijven, maar vriendje J vond het op zaterdagmiddag alweer genoeg. Dus gingen we op zaterdagavond. Maandag ging papa dood. En nee, tuurlijk had ik het niet kunnen weten, maar die ene dag dat ik langer bij mijn papa had kunnen zijn, als ik vriendje niet alweer zijn zin zou hebben gegeven, zou bijzonder waardevol zijn geweest.

Datzelfde vriendje vond het een jaar later volkomen normaal om nieuwjaarsnacht met mijn vrienden verre van te verblijden met zijn aanwezigheid. Integendeel, met zijn gemok en gepruil wist hij de stemming aardig te verpesten. Toen had ik moeten bewijzen dat mijn vrienden belangrijker waren dan hem en hem voorgoed de deur uit moeten schuppen. Maar ik gaf hem nog een kans. En nog een. En nog een…

Ik had trouwens al veel eerder afscheid van vriendje J moeten nemen. Die zomer ervoor. We gingen voor het eerst camperen zonder mijn vader. Vooral mijn mama had het moeilijk. Ik wilde er voor haar zijn. De dingen met haar doen die we op vakantie graag doen. Ook wilde ik een leuk nichtje zijn voor de familie van mijn oom die op dezelfde camping stond. Zo vaak zagen we elkaar tenslotte niet. Vriendje J wilde mij daarentegen niet delen met de rest van de wereld. De rest van de wereld bestond nauwelijks voor hem. De enige keer dat ik hem wist over te halen iets met de familie te gaan doen, stapte hij samen met mijn broertje in een kano. Binnen een paar minuten verdween hun bootje uit zicht. Pas uren later, toen wij doorweekt (enorme plensbui) en deels gehavend (mijn neefje en nichtje waren omgeslagen en mijn tante was hard in aanraking gekomen met een rotsblok) aan de finish verschenen zagen we elkaar terug. Vriendje J en broertje waren al een uur op het droge…

Ergens is het ook wel een opluchting dat de meeste dingen waar ik spijt van heb of waar ik me voor schaam in die 2,5 jaar zijn gebeurd dat ik met vriendje J was. Ik hoop maar dat het betekent dat ik er iets van geleerd heb.

De leuke jongen uit de trein zal het niet in zijn hoofd halen mij ooit zo te claimen als vriendje J deed. Al is het maar omdat hij deze blog leest 😉

Blij

Ik ben blij. Vandaag is fijn.

Daar dacht ik om 6.30 uur nog heel anders over. Ik was kapot, had spierpijn en mijn wimpers plakten hardnekkig aan elkaar. Ik voelde me alsof ik een hele nacht gefeest had. En dat terwijl ik al om 22.00 uur lag te snurken, nog voordat ik mijn neus goed en wel in mijn kussen had begraven.
Ik verwachtte een lange, saaie werkdag die van koffiedrinken aan elkaar zou hangen. In plaats daarvan kreeg ik lange rijen voor de kassa en stapels afwas om te verwerken. Heerlijk. En dat allemaal zonder iets kapot te maken en zonder mijn tere velletje te verschroeien aan de oven of de frituur (maar misschien kwam dat ook omdat de keuken vandaag niet mijn werkterrein was).
Eenmaal thuis trof ik een aangename stilte. Geen huisgenoot te bekennen. Een ideale omgeving om eens wat dingen uit te zoeken in de categorie KPN, achterstallige facturen en meer van dat fraais met op de achtergrond lekker hard mijn eigen muziek. Het internetabonnement blijkt inmiddels netjes op mijn naam te staan en de laatste factuur die ik gestuurd had, is keurig aan mij betaald. Dat simpele dingen blijken te kloppen, daar kan een mens blij van worden. Ik tenminste wel.
Desondanks moest ik eerst wat moed verzamelen voordat ik mijn inbox durfde te bestuderen. Verwachtte een boel school- en werkgerelateerde mailtjes. Het uitstelgedrag van vandaag was LA Ink, mijn nieuwe verslaving nu Miami Ink is afgelopen of naar een ander tijdstip verhuisd (???). Mijn verwachting kwam niet uit en het ene leuke berichtje na het andere lachtte me toe. 
Als klap op de vuurpijl belde ik de leuke jongen uit de trein en voor ik het wist was het 41 minuten en een paar seconden later. Daarmee haalde het telefoontje op zijn minst een top-10 notering. We hadden een grappig gesprek, want hij had ook een heerlijk drukke werkdag achter de rug. Zo’n dag waarop je collega’s zich afvragen waarom je zo vrolijk kijkt terwijl er zo veel te doen is. Nou, daarom dus!
Het blijft leuk om te horen dat iemand je lief vindt. Ook al is het aan de telefoon. Het mooie eraan is dat ik hem ook lief vind en ik dat dus vol overtuiging kon antwoorden. Ook al was het dan aan de telefoon. 

Vandaag is fijn. Dus ik ben blij.

Een reflectiemomentje op zondag

Mijn week is op maandag begonnen en eindigt vandaag, op zondag, dat jullie het maar even weten.

Dingen waar ik deze week blij van werd (word):
* afgepeigerd en bezweet thuiskomen en dan samen met de leuke jongen uit de trein in een vers opgemaakt bed storten.
* het vierde boek van Arne Dahl over het Zweedse A-team dat mij alweer luidkeels doet meeleven. Wat kan die gast schrijven.
* mijn schoonmama die denkt dat ik een paar kilo lichter ben geworden. Wat niet zo is. Maar dat betekent wel dat ik de outfit van gister vaker aan zal trekken.
* de zon die al schijnt sinds ik vandaag mijn ogen open deed, en waarschijnlijk al veel langer.
* mijn mama die gisteravond dacht: "ik kan nog lang genoeg op de bank zitten, ik kom ook de kroeg in."
* het feestje dat de leuke jongen uit de trein en zijn maten diezelfde gisteravond met hun band bouwden. Zelfs notaire barkrukklevers kwamen in beweging.
* dat mijn vriendinnetje B dit jaar niet geveld was door een gemeen medicijn en zich daarom weer als vanouds met mij in het carnavalsgekkenuis kon storten.
* dat ik over niet al te lange tijd de geur van ovencroissantjes inhaleer. Het wordt er eentje met jam en eentje met pralinechocoladepasta. Mjam.

Dingen waar ik deze week een tikje depressief van werd (word):
* vieze, koude miezerregenen op mijn hoofd. Waardoor mijn toch al ontembare kapsel steeds meer op een vogelnest begint te lijken.
* mijn persoonlijke financiele crisis.
* dat de boeken van Arne Dahl door een verschrikkelijke taalbarbaar zijn vertaald. Hoe moeilijk kan het zijn het juiste lidwoord te gebruiken? Zoveel hebben we er in Nederland niet.
* mijn laptop die minimaal 1 x per dag op een willekeurig moment genoeg van mij heeft en op zwart gaat. Zodat ik tegenwoordig als een gek na elke getypte zin op ‘opslaan’ duw.
* dat vandaag voor een groot deel gaat bestaan uit schoolopdrachten.
* dat de koffiebar bij geneeskunde dicht was op het moment dat de behoefte het grootst was.

Een greep uit de dingen die op mijn planning voor volgende week staan:
* niet spijbelen bij communicatiewetenschappen.
* voor het eerst sinds heel lang weer in "de" trein stappen met de leuke jongen uit de trein.
* Jeroen van Koningsbrugge interviewen voor of na het optreden met zijn band. Iemand suggesties wat ik hem kan vragen?
* minstens 1 x genieten van een overvolle beker ‘geneeskundekoffie’.

Tot zo ver deze carnaval

Mijn gezelschap was fantastisch, het bier (nog steeds uit echte glazen – jeuj!) smaakte goed als altijd en costuums in de categorieen ‘grappig’, ‘bizar’, ‘hilarisch’, ‘prachtig’ en ‘totaal onpraktisch maar wel super opvallend’ waren weer rijkelijk vertegenwoordigd. Een prima omgeving om carnaval in te vieren dus.

Maar waar was ‘mijn’ generatie? Wat carnaval extra leuk maakt -mensen tegenkomen die ik al een jaar niet gezien heb, bijkletsen indien mogelijk, samen een pilsje drinken en weer verder gaan- ontbrak dit jaar.
Ex-vriendje M waarmee ik altijd een walsje dans op het Vrijthof, terwijl zijn vriendin boos staat te kijken. Nergens te bekennen. Het zou kunnen dat zijn verse vaderschap er iets mee te maken heeft.
Ex-klasgenoot M die elk jaar zegt "na de carnaval gaan we samen ergens koffie drinken, we wonen zo dicht bij elkaar in de buurt." Nergens te bekennen. En koffie drinken doen we ook al nooit.
Ex-mede-journalistiekie K die altijd uitbundig staat te dansen in het smalle straatje bij de Take Five. Ze staat op het punt te bevallen en blijft dus liever thuis. En de Take Five is dicht.    

Moet ik hier iets uit concluderen? Nee toch zeker? Er zijn immers al genoeg conclusies te trekken uit het feit dat ik op carnavalsdinsdag in alle vroegte ben opgestaan om aan het werk te gaan.

Daar gaat mijn carnaval

Benieuwd hoe twee zo onschuldig mogelijk kijkende meisjes met de ballen verstand van voetbal probeerden twee gemediatrainede, zichzelf erg aantrekkelijk vindende jonge baltrappers probeerden te interviewen? Jammer dan. Op het moment ben ik niet in staat verslag te doen. Ik kan alleen maar klagen. En een beetje boos zijn op mezelf.

Een eerste blik op mijn lesrooster voor periode 4 ontlokte me een grote glimlach. 4 vakken in 3 dagen, waarvan 1 ‘vak’ (bachelorscriptie) slechts om 1 bijeenkomst per maand vraagt. Appeltje eitje. Halverwege week 3 van diezelfde periode heb ik vooral zin om te huilen. Aan 2 van de 4 vakken zitten wekelijkse groepsopdrachten vast. Opdrachten die je niet vooraf in kunt plannen, omdat ze afhankelijk zijn van wat de groepsgenoot voor je doet, en wat je rol binnen de groep is. Uiteraard verandert die rol iedere week en daarmee ook de deadline. Zo kan het zijn dat er 2 deadlines in je nek hijgen op de dag dat je overdag werkt en ’s avonds had willen gaan sporten. Of op de dag dat je op de vroege morgen een verplicht college hebt en je rond etenstijd bij een vriendin aan had willen schuiven (met de excuses aan vriendin M te B waarmee ik vandaag eigenlijk had afgesproken).

Als je dan ook nog zo stom bent om naast je 2 vaste werkdagen als krokettenbakster af en toe een freelance-opdracht aan te nemen en je ook nog het werk voor je bachelor scriptie steeds maar vooruitschuift omdat je al nauwelijks toekomt aan je andere opdrachten, dan kan het zo zijn dat je hele carnaval eraan gaat. &*$%^#+Grrrrr!!!

Ik ben echt niet het type dat vanaf de prinsuitroeping, via verschillende dameszittingen en de vrijdagavondborrel door wil vieren tot en met aswoensdag en het kasteleinsbal op de donderdag na carnaval. Maar ondertussen staat alleen carnavalszondag nog overeind. En er stroomt echt te veel Limburgs bloed door mijn aderen om me daar zonder protest bij neer te leggen.

Wordt vervolgd…

Schijtlijster

Ik ben een ontzettend schijtlijster. Een schijtlijster die in zeven kleuren schijt. Of wat was de uitdrukking ook alweer? Soms (nu bijvoorbeeld) kan ik me niet meer herinneren waarom ik ooit voor de journalistiek koos. Want waarom probeer ik Eric Corton al een week via verschillende mailadressen en hyvespagina’s te bereiken, terwijl ik ook naar de uitzending zou kunnen bellen? En waarom probeer ik via, via bij een aantal gastjes van MVV terecht te komen, terwijl ik ook de persvoorlichter had kunnen bellen? Zou ik dat gedaan hebben toen ik de opdracht binnen kreeg, dan had ik nu vast al lang een interviewafspraak geregeld. Ik vind bellen naar onbekenden iets engs, iets wat ik uitstel tot ik er echt niet meer onderuit kan (lees: als de deadline morgen is, of als er na herhaaldelijk heen en weer mailen nog steeds onterecht bedragen van mijn rekening verdwijnen). Ik heb geen idee waarom dat is. Ik weet wel dat ik dat stiekem een veel stommere eigenschap van mezelf vind dan dat ik overal de weg kwijt raak en dagelijks dingen uit mijn handen laat vallen. 

Zo'n ochtend

Ik hing mijn goede voornemens niet aan de grote klok. Met als reden: ik ken mezelf.

Inmiddels kan ik 1 van die voornemens wel verraden, want deze blijkt verdoemd. Ik doe mijn best, maar het lukt niet. Het voornemen was om vanaf het nieuwe blok (vorige week dus) om .58 de trein nemen ipv om .13 zodat ik voor aanvang van de les de tijd heb om koffie te halen en dan niet bovenin de collegegaal naar binnen hoef te sluipen omdat de docent al staat te orakelen.

Maandag bleef ik gewoon te lang in bed liggen, woensdag had de trein zo veel vertraging dat ik net zo goed de andere trein had kunnen nemen, donderdag kwam ik er onderweg naar het station achter dat ik mijn agenda was vergeten en omdat ik geen idee had in welk lokaal ik moest zijn draaide ik weer om en miste ik de trein, en vrijdag -toen ik volledig op schema lag- waarschuwde studiegenoot M me dat die trein niet reed. Werkzaamheden enzo.

Maar vanochtend ging het me lukken. Ruim op tijd mijn bed uit en ook nog met het goede been. Wat fijn, ik sta net op het perron en de trein komt aanrijden. "Mooi, ik kan vooraan instappen. Dan hoef ik straks op Zuid niet zo ver te lopen." Als de trein al tien minuten stilstaat en ik boos de conclusie trek dat ik wederom net zo goed een trein later had kunnen nemen, wordt er omgeroepen: "We kunnen station Amstel nog niet binnenrijden, want er staat een andere trein op ons spoor."
"Amstel?!? Shit, shit, shit, ik zit in de verkeerde trein!"

Met de metro vanaf Amstel haalde ik het nog net om de collegegaal door de voordeur binnen te mogen komen. Alweer zonder koffie. Tel daarbij op dat ik ongeveer tegelijkertijd met de ontdekking dat ik in de verkeerde trein zat ook concludeerde dat ik portemonnee en telefoon vergeten was. Plus dat Mr. Tangconstructie voor de klas stond. Of ik een ochtendhumeur had? Nee joh, tuurlijk niet!

Gelukkig maakten mijn Studiegenoten Van Het Goede Leven, mijn dag weer goed, met de hulp van een overheerlijke ‘geneeskundekoffie’ en een alle kanten op springend gesprek over communicatiewetenschap, kledingkeuze, cabaret en auto’s.

En woensdag ga ik weer proberen om in de goede trein te stappen.

At random

Ik ga volledig willekeurig vandaag. 10 gedachtenkronkels van mij die je misschien wel helemaal niet wilde weten. Die kans is zelfs vrij groot.

1. Ik heb deze week 3 nieuwe boeken gekocht. Terwijl er nog minstens 6 ongelezen in mijn uitpuilende boekenkast staan. Er evenveel bij de leuke jongen uit de trein op een stapel liggen. En ik er in 3 ben blijven steken ergens tussen kaft en kaft.

2. Ik hou soms zo hard van pijn aan mijn tanden zuur snoep. Zure matten, zure bollen, zo goed als alle zure rotzooi die ik kan bedenken.

3. Ik heb een tik (meer dan 1 eigenlijk, maar die ga ik allemaal niet noemen) dat er altijd minstens 1 paar oorbellen moet matchen met de kleur trui die ik draag. Dat is vandaag niet gelukt. Want ik heb geen bordeauxrode oorbellen. Daar word ik onrustig van. 

4. Ik droom regelmatig dat ik weer vriendinnetjes ben met meisjes die al jaaaaaren geen vriendinnetjes meer zijn. Wat zou dat betekenen?

5. Dat boek van mij, een bestseller om precies te zijn, dat ligt al zo lang ik me kan herinneren stil. Terwijl het nu toch kan, nu DD tot as is vergaan en zijn bedrijf ophoudt te bestaan.

6. Die website van mij, die ik echt nodig heb nu ik volgens de KvK een eigen bedrijfje ben, die ligt ook al plat sinds ik ‘m gehost heb. Tijd voor een cursus ‘time management’?

7. Mijn volgende ‘reis’ gaat naar de Ardennen en wordt hilarisch. Veel, heel veel frikadellen zullen er tot ons komen. En modder. En bier.

8. Ik moet beginnen aan mijn bachelor scriptie. Ik HAAT sripties. Zeker nu ik mezelf heb opgezadeld met een onderzoek waar ik eigenlijk niet bevoegd voor ben (lees: ik heb nooit leren transcriberen, want daar had ik mijn groepsgenoten voor).

9. Om mij heen wordt getimmerd, gezaagd, geverfd en geschuurd. Het ziet ernaar uit dat mijn nieuwe huisgenoten handige papa’s hebben.

10. Mijn cd met supervrolijke Spaanse muziek is al zeker 10 minuten afgelopen. Ik kan niet kiezen welke cd ik nu op moet zetten. Terwijl het geluid van schuurmachine’s me niet als muziek in de oren klinkt en ik echt snel actie moet ondernemen om niet geirriteerd te raken.

Dus: ik ben er weg van! Doei! En nee, ik ren niet meteen naar de hema om de missende kleur oorbellen aan te schaffen. Of misschien toch…