Ligt het aan mij?

Lees en hoor op heel veel plekken dat Nederlanders zo lang wachten met trouwen en kinderen. En dat trouwen sowieso een achterhaald instituut gevonden wordt. En dat koophuizen niet te betalen zijn voor starters. Maar wat ik om mij heen zie is heel anders. Jongens die toen ik ze de laatste keer sprak nog in de categorie ‘ik word nooit volwassen, dus lang leve de lol’ vielen, worden vader en hebben voor dat doel alvast een rijtjeshuis in een dorp gekocht. Meiden die op de middelbare school nog nog nooit hun oog op een kerel hadden laten vallen, blijken – zo meldt hun hyvespagina – al jaren getrouwd en moeder. Maar ook de meiden die tijdens hun studententijd nog een gemidelde ‘kerel-inruil-frequentie’ van een maand hadden, blijken inmiddels in het trotse bezit van een bakfiets en een stacaravan.

In trouwen zie ik niets en ik moet nog lang niet (misschien wel nooit) denken aan samenwonen, huizen kopen of kinderen krijgen. En soms, ineens, twijfel ik daarom aan mezelf. Ligt het aan mij? Ben ik wel normaal?

Slecht bezig

Of ik anderhalve dienst wilde draaien? Natuurlijk, geen probleem. Maar ‘huiswerktechnisch’ was het niet zo slim. Ik had mijn groepsgenoten beloofd mijn deel van het werkstuk dat we samen moeten maken gisteravond in te leveren. Maar nadat ik van 8.30 tot 18.00 uur gewerkt had (en met werken bedoel ik dan vooral kilometers maken), wilde ik niets liever dan niets. Dus ogen dicht, voeten omhoog, verstand op nul. Pas uren later ging ik ervoor zitten. En toen -God straft onmiddellijk- ging alles dus mis. Om mijn deel van de opdracht te maken, moest ik eerst een artikel lezen. Dat artikel kreeg ik in eerste instantie niet geopend. De universiteitsmail lag plat, dus ik kon het ook niet naar me toe laten mailen. Het bleef misgaan met het installeren van mijn printer, dus toen ik het eenmaal wel geopend kreeg, kon ik het niet afdrukken (dat ik geen printpapier had, was wellicht ook een reden). Het artikel van het scherm lezen was geen optie. En dus, toen mijn mail het weer deed, heb ik bovenstaand verhaal als lamme rotsmoes naar mijn groepsgenoten gemaild. Met de belofte dat het dan vandaag alsnog goed komt…

Poker

Ik kreeg pocket azen gedeeld. Ik had 13.000 chips. De blinden waren opdat moment 150-300 met 25 ante. Ik zat in middenpositie en maakte eenkleine raise naar 775. De Big Blind maakte er 3300 van en ik beslootdat het tijd werd om mijn hele stack naar het midden te schuiven. Na 5 minuten nadenken besloot mijn buurvrouw te callenmet haar pocket boeren. Ik won, uiteraard, en nam de superdeluxe pokerset mee naar huis.

Deze termen heb ik net van een pokersite geplukt, maar de laatste zin klopt als je het woord uiteraard weglaat. Op een bijzonder gezellig jaren ’20 feestje moest er uiteraard gegokt worden. En met false bravoure (heb het spelletje ooit 1 keer gespeeld in toen niet meer helemaal heldere toestand) speelde ik per ongeluk iedereen van de tafel.

Achmed aan de lijn

"Liefje mijn liefje wat fijn dat je er weer bent. Ik heb je gemist." Niet de leuke jongen uit de trein sprak vandaag deze woorden, maar Achmed, het mannetje dat mijn telefoon simlockvrij zou maken. "Ik ga koffie voor je zetten. Wat wil je erin?" Dat zijn zaak (telefoons, frontjes en oordopjes langs alle wanden tot aan het plafond, half uitgepakte zakken en dozen op de grond, bling bling horloges van Armani op strategische plekken opgesteld) vol staat met ‘klanten’ deert Achmed niet. Waarschijnlijk vindt hij het juist leuk. "Ga lekker zitten lief meisje. Wil je er een koekje bij?"

Het is de dag van het suikerfeest. Hoog-Catharijne barst uit zijn voegen van de jongeren wiens ouders hun roots in Noord-Afrika of het Midden-Oosten hebben liggen. Ze lopen in grote groepen, bij voorkeur naast elkaar, van winkel naar winkel en van eettent naar eettent. Het kost me nog vele malen meer gezucht en gesteun me een weg door het foeilelijke winkelcentrum te banen dan anders. Achmeds winkeltje ligt strategisch aan de hoofdingang van het walgelijke winkelcentrum. En het lijkt alsof iedereen die langs het winkeltje moet er ook naar binnen gaat. Handel. Telefoons die meer moeten kosten dan dat ik aan huur betaal en stapels bankbiljetten schuiven over de toonbank. "Kun je een mooi prijsje maken?", is de meest gestelde vraag. Er wordt minutenlang onderhandeld. Soms op fluistertoon. Soms schaamteloos luid. Wel tien keer wordt me op die manier in mijn gezicht gewreven dat ik ben afgezet. Twintig euro heb ik betaald voor het simlock vrij maken van mijn telefoon, terwijl de gemiddelde bezoeker er slechts vijf euro voor betaalt en bovendien binnen een kwartier, met telefoon, weer buiten staat. Jongens zoals je ze de laatste tijd veel op het nieuws ziet (opgeschoren haar aan de zijkant, dikke mat in de nek, dure leren jas, sportschoenen, gouden ketting) beginnen me te begroeten als ze de winkel binnen stappen. Een enkeling geeft me zelfs een hand. En anders stelt Achmed me wel voor als zijn liefje. In het begin lach ik een beetje mee. Ik drink mijn (erg lekkere) koffie. Het zal niet zo’n vaart lopen.

Telkens als er even geen klanten zijn, komt hij met nieuwe ‘voorstellen’. Of hij een keer voor me mag koken. Of ik hem thuis uit wil nodigen. Wanneer we samen op stap gaan. Ik ben na een uur op een krukje en met de koffie alweer verteerd, uitgelachen en uitgeluld en blijf ongeduldig naar mijn telefoon vragen. Volgens hem is ie nog niet klaar en ligt ie ergens anders. Pas als ik tegen zijn klanten begin te klagen dat hij me belachelijk lang laat wachten en me ook nog heeft afgezet, krijg ik mijn telefoon.

Opgelucht loop ik de winkel uit. "Ik zie je donderdagavond toch? Dan gaan we op stap. Kom me hier maar ophalen, ik ben tot negen uur open." "Ja joh, is goed, tot donderdag", antwoord ik. Niet daadwerkelijk van plan met Achmed op stap te gaan. Opgelucht loop ik de winkel uit.

Vijf minuten later gaat mijn telefoon. "Hallo liefje, met Achmed".

Goed leven in het weekend

Soms is mijn leven helemaal goed. Dat is meestal in een weekend. Zo vals mogelijk meezingen met slechte muziek terwijl vriendin B en ik de files rond Eindhoven verslaan. Met zeven man in het restaurant blijven zitten tot we eruit gezet worden. Met vier man ontbijten in mijn kamer nu ik eindelijk een bankstel heb. Met vriendin V en haar vriend koffie drinken op het terras en ondertussen de wereld rondom van commentaar voorzien. En het weekend is nog niet voorbij 🙂

Jammer dat de leuke jongen uit de trein er dit weekend maar heel even deel van uitmaakte. Was hij erbij gebleven, dan was het nog beter dan helemaal goed.

Terug in de catering

Grappig, hoe mensen je bekijken als je achter de kassa zit, of soep inschenkt, of in je apenpakkie de vuile vaat op komt halen. Misschien verbeeld ik het me, maar ik heb sterk de indruk dat mensen anders tegen me doen als ik in mijn eigenste outfit door de UU loop. Me meer als gelijke zien.

Ook grappig. Komt er een meisje dat ik nog ken uit mijn middelbare schooltijd ineens haar broodjes bij me afrekenen. "Jij ging toen toch naar Tilburg?" "Jij bleef toch in Maastricht?"

En wat nog veel grappiger is. Ik en mijn klagende, humeurige zelf, zijn onder werktijd nergens te bekennen. Pijn aan mijn kaken van het "Goedemiddag. Dat is dan zo veel euro alstublieft. Eet smakelijk."

Studentenavond

Toen ik goede vriend F donderdagmiddag een smsje stuurde "zullen we samen eten?" toen bedoelde ik ook echt alleen maar samen eten. Toch waggelden we pas toen het eten al lang en breed verteerd en/of met vele pilsjes weggespoeld was, de kroeg weer uit. Ik was de enige vrouw en enige student in het gezelschap van een achttal werkende mannen, maar toch heerlijk: donderdag studentenavond 🙂

Verrassing

Ik zag weer eens allemaal beren op de weg. Dat kon toch niet, dat hij op donderdag nog niet wist hoe laat hij zondag zou landen. Dat hij nog geen lesrooster had, terwijl hij maandag (vandaag) moest beginnen. Dat hij nog geen idee had over woonruimte en inkomsten. Verrassing!!! Twee dagen voordat mijn zus en ik hem van vliegveld Zaventem zouden gaan halen, belde hij mijn zus op. "Hoe laat ben je klaar met werken, dan neem ik de trein vanuit Brussel." Ik vermoed dat al haar collega’s haar jubelkreet hebben gehoord. Of anders haar vreugdetranen hebben gezien.

Schoonbroertje moest meteen aan de bak, want zuslief zat middenin haar verhuizing. Zelf stond ik zaterdagochtend om 10.00 uur paraat. Klaar om het vierde en laatste gezinslid dat dit jaar verhuist (hoop ik) te helpen met sjouwen, inpakken en uitpakken. Het was veruit de leukste en meest relaxe verhuizing van de drie waaraan ik mijn bijdrage heb geleverd. Zuslief en schoonbroertje waren zo gelukkig om weer bij elkaar te zijn dat het aanstekelijk werkte op ieders humeur. Mama is inmiddels zo ontzettend handig dat ze zelfs de meest ingewikkelde dingen binnen een handomdraai had aangesloten. De leuke jongen uit de trein en schoonbroertje bleken een prima sjouwduo voor de koelkast en de wasmachine. En ik was wederom vooral goed in het smeren van broodjes.

Ook de rest van het weekend was een feestje. De leuke jongen uit de trein en ik brachten een burgerlijke, knuffelige avond op de bank door, zodat we de volgende dag helemaal uitgerust waren voor het nuttigen van speciale biertjes in de buurt van een van de vele podia in de stad.

En toen was het weer maandag. En toen moest er dringend iets gedaan worden aan mijn financiele nood. En omdat ik op het tiental brieven dat ik gestuurd heb in de hoop er een serieuze bijbaan mee binnen te halen, niets hoor, of nog een hele tijd moet wachten voor de sollicitatieprocedure sluit, heb ik vanmorgen in alle vroegte weer ja gezegd tegen een flauw baantje in de catering. Dus vanaf volgende week mag ik weer in soeprok en lelijk giletje hongerige studenten en docenten van de UU blij maken met een broodje kroket of ander onverantwoord lekkers.

Goed, met in ieder geval een beetje financiele zekerheid in mijn zak, verruilde ik de UU voor de VU. Mijn laptop is dood en ik moet wat. Onder andere een heleboel e-readers, e-journals en hoofdstukken uit e-books printen voor het college van aanstaande woensdag. Blijken ze uitgerekend vandaag onderhoud te plegen aan alle werkplekken. Na drie uur (!!!) wachten – in de tussentijd ben ik wel even Oud Zuid ingelopen om een broodje te halen, en kon ik maar liefst 5 minuten (!!!) gebruik maken van een zogenoemde ‘stawerkplek’ – wist ik een computer te bemachtigen. Het is heel erg maandag. Het wordt een latertje vandaag…   

Julianapark

Jonge vrouw met kinderwagen, oude vrouw met kinderwagen, jonge vrouw met dubbele kinderwagen, jonge vrouw met kinderwagen en nog twee koters daaraanvast… Ik zat helemaal op mijn plek gisterochtend in het Julianapark. Van studeren kwam niet veel terecht.