Van een andere planeet

Het komt niet vaak voor dat ik mezelf wereldvreemd vind.

Ik heb het nodige meegemaakt en ben op diverse plekken geweest. Maar op het vrijgezellenfeest waar ik afgelopen zaterdag deel van uitmaakte, leek het net of ik van een andere planeet kwam dan de rest. Namen van vibrators, parenclubs en seksfeesten liggen niet op het puntje van mijn tong. Laat staan dat ik een verhaal kan vertellen over ‘toen die ene keer dat ik verdwaald was in de darkroom van een sm-feest’. Verder dan ‘wiet’ versus ‘hasj’ reikt mijn kennis van softdrugs niet, maar voor mensen die in de lucht ervan zijn opgegroeid, is dat duidelijk heel anders. En ja, ik heb wel eens een gymles gemist of een college overgeslagen, maar niet zodanig dat ik nu uitgebreid kan vertellen over de taakstraf die me dat opleverde. Ik werd er stil van.

Het komt niet vaak voor dat ik met mijn mond vol tanden sta.

Schrik

Het moment waarop we ons al de hele vakantie verheugden, komt dichterbij. Na de eerste les van het nieuwe schooljaar is het de hoogste tijd voor een grote beker geneeskundekoffie. Vrolijk en zelfverzekerd wandelen we door de bedompte, groene gangen van de geneeskundefaculteit. Een verbaasde, nieuwe studiegenote in ons kielzog. "Waarom weten jullie hier de weg?"

We komen de hoek om, stappen de kantine binnen en houden onze adem in. Verschrikt kijken we elkaar aan. Alle borden waarop de geneeskundekoffies voor de vakantie vrolijk werden aangeprijsd, zijn leeg. Waar de namen niet konden worden uitgeveegd, zijn er zwarte stickers overheen geplakt. We buigen ons over de balie "Neeeeeeee toch?" De vrouw achter de balie lacht. Ze kent ons nog van vorig schooljaar. Een paar geneeskundekoffies kan ze nog wel maken, alleen die waarvan ze de siroopjes heeft kunnen bemachtigen. Ze werken met een andere leverancier, die niet alle ingredienten op de lijst heeft staan. En de vorige leverancier had het alleenrecht op de klinkende namen heavenly hazel, mellow morning en cinnamon sunset, vandaar dat alle borden zijn verdwenen.

Met onze koffie die niet meer cinnamon sunset heet, maar gelukkig nog wel zo smaakt, schuiven we opgelucht aan tafel. We genieten even in stilte, voordat we de eerste opdracht van het nieuwe schooljaar met elkaar bespreken. Nieuwe studiegenote drinkt van haar blikje appelsap en kijkt nog steeds een beetje verbaasd. "Jullie kennen elkaar duidelijk al."

Het schooljaar 2009/2010 is goed begonnen. Tot aan de kerstvakantie staan er nog 15 maandagmiddagen in de geneeskundekantine op het menu en nog 16 vrijdagmiddagen. Op vrijdag hebben we namelijk les van onze zo geliefde Mr. Tangconstructie. Na zijn college’s hebben we zeker een bakje troost nodig. Of twee.

Mr. Tangconstructie

Na zes weken kroketten bakken, twee weken scriptie typen en 3 dagen Pukkelpop zijn er nog maar een paar schoolvrije dagen over. Dat geeft niet. Ik heb er eigenlijk wel weer zin in. Iets van ritme. Geneeskundekoffie op maandagmiddag. Klaagwedstrijden houden met studiegenoten. Soms zeer zinnige en interessante dingen opsteken. Over interviews bijvoorbeeld. Benieuwd of ik bij dat vak te horen krijg dat ik interviews al jaren verkeerd aanpak. Het enige waar ik torenhoog tegenop zie zijn de lessen van Mr. Tangconstructie. Helaas had ik me al voor zijn vak ingeschreven voordat ik wist dat hij het ging geven. Nu is het te laat om nog een ander vak te kiezen. Behalve van de frase "als ik praat moeten jullie stil zijn" is Mr. Tangconstructie vooral berucht vanwege zijn totale gebrek aan taalgevoel. Hoe het kan dat hij per 1 september in dienst treedt bij de Faculteit Letteren? Geen idee!

Ik heb ze bewaard, zijn tenenkrommende, jeukaanval veroorzakende, tragisch slecht samengestelde woorden en uitdrukkingen. Een bloemlezing:

Ik heb de tijd uit de ogen verloren.
Synchroniciteit.
Eenrichting en tweerichting.
Iedereen die bezig is met zo’n videoconferencing.
Er zit toch nog een manier van competitie uit.
Het zijn speciale special interest uitzendingen voor mensen die ehm erin geinteresseerd zijn.
Het was niet te merken dat de publieke opinie er anders over dacht.
Het was een garantie dat de ruiten werden ingebroken.
Boodschappen die zijn ingespreken.
Als dat het doel was om schattigheid te veroorzaken.
Hoe dat in zijn werk gaat steken.

Mijn grootste probleem met de man is dat ik totaal niet mee krijg wat hij ons wil leren. Ik heb het te druk met me ergeren aan zijn hemeltergend spraakgebrek om de waardevolle informatie uit zijn woordenbrij te filteren. Als het zou kunnen, zou ik af en toe mijn ‘taalradar’ uitzetten, maar helaas heb ik daar het knopje nog nooit van kunnen vinden.   

Een dagje naar het strand

Gister met mijn vriendinnen van de basisschool een dagje naar het strand geweest. Wat een genot. Neerploffen in een gezellige strandtent voor een lekkere cappuccino. Klotsen in de zee. Wegdoezelen op het strand. Weer klotsen in de zee. (B en ik waren als een kind zo blij met de hoge golven). Weer wegdoezelen. Beetje kletsen, beetje boekjes lezen, nog maar eens insmeren. Weer neerploffen bij diezelfde strandtent voor een broodje. Kleren weer uit voor een laatste duik. Opdrogen. Naar de volgende strandtent voor nog een paar lekkere hapjes en een koud drankje. Voldaan en helemaal relaí met een trekkende huid van het zout en zand tussen de tenen naar de tram. Tot dat moment is het een fantastische dag, voor herhaling vatbaar.

Daarna gaat het mis. Geen treinen naar Utrecht. Geen omroepberichten. Dan wel omroepberichten, maar alleen voor als je verder moet dan Utrecht. Een vrouw met een NS-logo aan de tand voelen. "Je kunt via Schiphol." Rennen, want de trein staat er al. Op Schiphol aangekomen staat er op de borden dat het treinverkeer naar Utrecht over 5 (!) kwartier wordt hervat. Althans, die trein staat nog op het bord. Even later verdwijnen ook die witte lettertjes van de blauwe achtergrond. Omroepberichten weer alleen voor verder dan Utrecht, niet voor Utrecht zelf. Dit keer een andere vrouw aan haar jas trekken. "Je moet naar Hilversum, die trein vertrekt over 1 minuut." Shit, die rijdt voor mijn neus weg. Een kwartier later gaat een stoptrein. Die zo ongeveer bij elke boom op de rem gaat staan. Geen omroepberichten in de trein tot aan boom nummero zes. Dat reizigers naar Utrecht beter uit kunnen stappen om de trein naar Amsterdam Centraal te nemen. Daar is inmiddels een pendeldienst. Ik zucht en vloek, maar stap niet uit. Ik durf de gok wel te nemen dat er in Hilversum ook een bus gaat. Het wordt later en later en ik bijt al mijn nagels eraf. Er zal toch inderdaad wel een bus gaan? Ja die gaat. En die stopt bij alle tussengelegen stations. Service van de zaak. Om 20.58 vertrok mijn trein in Den Haag. Om 23.45 stopt de bus bij Utrecht Centraal. Ik doe er maar een kwartier korter over dan mijn basisschoolvriendinnen die in Maastricht moeten zijn.

Een dagje naar het strand kan zomaar een uitputtingsslag worden. En toch: volgend jaar gaan we weer!

De liefste vrienden en zusje van de hele wereld

Het is een bijeengeraapt zooitje, mijn vriendengroep. De buurt, de basisschool, de middelbare school, een van mijn baantjes, mijn studie, mijn studentenhuis, de kroeg, de trein, via via. Ze komen overal vandaan en ik ken ze allemaal uit een andere periode uit mijn leven. Sommigen zien elkaar maar 1 x per jaar (op mijn verjaardagsfeestje) en kletsen en proosten met elkaar of ze wekelijks bij elkaar over de vloer komen. En hoe ver ik ook bij ze vandaan woon, ze stappen zonder mokken in de trein/auto om het glas te heffen op mijn nieuwe levensjaar.

Gister had ik weer zo’n feestje. Meer dan de helft van de mensen had er 2 uur voor gereisd om er te komen (niet alleen vrienden ook het liefste zusje van de hele wereld en haar vriend). De lokatie was niet mijn eerste keus, maar pakte verrassend goed uit. Een relaxe, praatgrage barman die goed koude biertjes tapte en prima muziek draaide. Een gezellige, bruine kroeg die toen we allemaal binnen waren precies vol genoeg was. Al bij het eerste rondje was het gezellig. En het bleef gezellig tot ik 10 uur later mijn bed in rolde. De tel al lang kwijt, maar dik tevreden. 

"Mijn" bijeengeraapte zooite bestaat uit de liefste vrienden van de hele wereld!

Jarig

Zoveel mensen die nu al aan me gedacht hebben: helemaal super! Wat een lieve vriendjes en familie heb ik toch. Zelfgemaaktje kaartjes, kaartjes met prachtige spreuken, kaartjes met geld erin, sms’jes waarin vooral ‘we drinken erop’ terugkomt en mailtjes gericht aan ‘mijn lieve nichtje’. Ik had zelfs een sms’je van mijn baas. Wauw. Zooooo veel felicitaties dat ik telkens even van mijn scriptie weg moet om weer een nieuwe te lezen. Zo wordt het natuurlijk nooit wat. Maar het is wel fijn op deze druilerige typmiep dinsdag (het derde jaar op rij dat het geen mooi weer is op 11 augustus!) overladen te worden met positieve aandacht. Anders ging ik mezelf alleen maar zielig zitten vinden. Dames en heren: we gaan er een goed feestje van maken zaterdag.

Bloedjes van leerlingen

Mijn 6 weken in de keuken zitten er op. Ik heb er gemengde gevoelens bij. Dat de wekker niet meer gaat om me vervolgens op mijn fietsje richting werk te begeven, betekent automatisch dat de komende dagen mijn wekker gaat om me met laptop en stapel artikelen aan mijn bureau te installeren om te proberen mijn scriptie te redden.

De locatie waar ik de afgelopen weken stond was veruit de leukste van alle kantines waar ik ooit een kroket gebakken heb. Beleefde, vriendelijke studenten. Geinteresseerde, vriendschappelijke docenten en medewerkers. Hard werken en toch altijd tijd om te kletsen.

Twee personen zal ik echt niet missen. De ene liep twee dagen rond met een FBI-shirt, waarbij de afkorting stond voor Female Body Inspector. Dat was precies wat hij deed. Nooit keek hij me aan als hij iets bestelde of afrekenden. Zijn ogen altijd gericht op een bepaald punt van mijn lichaam. Daar kon ik best tegen, zeker omdat de degelijke, veel te grote polo waarin ik werkte niet echt iets liet zien. Waar ik absoluut niet tegen kon was het totale gebrek aan omgangsvormen van de persoon in kwestie. Hij groette nooit, hij bedankte nooit, hij sprak uitsluitend in de gebiedende wijs.

De andere was een 6 vwo meisje dat haar wiskunde kwam bijspijkeren om geneeskunde te kunnen gaan studeren. De arrogantie droop van haar mooie gezichtje. De jongens uit haar klas (die eveneens wiskunde moesten halen, maar dan om piloot te worden) kropen voor haar en trakteerden haar regelmatig op koffie. Als het prinsesje zich verwittigde om zelf de kantine binnen te lopen, had ze standaard een grote bek. Zo heeft ze donderdagmiddag tien minuten heibel staan schoppen omdat ik niet voldoende wisselgeld had. Dat het nergens op sloeg en dat ze hoopte dat we niets meer zouden verkopen. (Hoe zielig ben je dan?). Gistermiddag was het toppunt. Haar vriendelijke slavenjongetjes kwamen koffie halen. Ik vertelde dat ik de belegde broodjes over een half uur weg zou moeten gooien, omdat ik ze niet tot maandag zou kunnen bewaren, dus dan mochten ze er wel gratis eentje meenemen. Klokslag half drie kwam het despotenmeisje de kantine binnen, nam zonder me aan te kijken een broodje uit de koelkast en liep ermee naar buiten. Geen groet, geen bedankje. Haar arrogante neus hoog in de lucht. De jongetjes waren zo vriendelijk eerst nog even langs de balie te komen en te vragen of ze echt een broodje mochten pakken. "Natuurlijk, en neem ook iets voor de rest van de klas mee."

De rest van de middag, zelfs toen ik al thuis was, heb ik tal van martelpraktijken bedacht waar ik het prinsesje graag eens aan zou willen onderwerpen. Wat een rotkind. Ik hoop dat ze haar wiskunde examen niet haalt en dat ze later in de grote-mensen-wereld keihard haar mooie kopje stoot. (En ja, dat maakt mij ook een beetje zielig).   

Het ultieme terras

Mijn werkplek is het ultieme terras. ‘Mensen kijken’ is hier fantastisch. De nieuwe groep studenten stumpert nogal met de Nederlandse omgangsvormen.

Er zitten een aantal ‘upper class’ figuren tussen die vanuit huis gewend zijn bedienden te hebben. Zodoende is het gehalte burberry, ralph lauren en boss hier inmiddels hetzelfde als op de high tea waar ik me afgelopen weekend bevond. Valt ze dat hier even tegen dat collega W en ik ze in de negeerstand zetten zodra ze de gebiedende wijs gebruiken. En dan naar die koppies kijken die boven de strak gestreken kraagjes uitkomen, heerlijk.

Als contrast met de rijkelui, lopen er hier ook onderdanige types rond. Vooral meisjes. Die ondanks mijn heftige commentaar telkens mevrouw en u blijven zeggen. Ze zullen nooit vergeten een zin te eindigen met dankuwel. Hun kleding is vaak somber en onopvallend. Waardoor het des te leuker wordt er samen met collega W een analyse op los te laten.

Er zitten gelukkig ook weer heel veel aardige lui tussen waar ik gezellig mee kan kletsen. Ze willen van alles weten. En krijgen het dan alsnog voor elkaar zout in hun koffie te doen. Vandaag had één van die lieverds het ultieme mij-jurkje aan met een print van volle boekenplanken. Kon mijn ogen er niet vanaf houden. De Fransoos met het ingewikkelde aan-de-zijkant-kaal-en-bovenop-dreads-kapsel is ook een leuke blikvanger. Of het Duitse meisje dat altijd drollenvangers aanheeft.

Op dit moment heb ik uitzicht op de drie 5-havo jongetjes die net voor de 6e keer koffie zijn komen halen in de hoop dat ze ondanks het weer wakker kunnen blijven. Ze zijn in de schaduw neergestort en zien er allercharmanst uit.

Het enige nadeel van dit terras: het is zelfbediening 😉

Veelvraten

Vandaag begonnen een aantal nieuwe klassen op SummerSchool. Opgewekt begroette ik daarom vanmorgen collega W. Ik had er zin in om na een belachelijk rustige week waarin grote groepen studenten hun vakken afrondden, eindelijk mijn handen weer uit de mouwen te steken. God strafte onmiddellijk voor die overmoedige gedachte.

Een gekkenhuis. De vier nieuwe klassen hadden tegelijkertijd pauze. Als vliegen door stront werden ze aangetrokken door de geur van vers belegde broodjes en Toscaanse tomatensoep. De rij stond tot op de gang. Tot overmaat van ramp hadden de meeste nieuwbakken leerlingen vers getapte briefjes van 50 bij de hand. Van ‘chippen’ hadden ze nog nooit gehoord. Op maandagochtend heb ik nauwelijks wisselgeld en de studenten voelden zich niet geroepen elkaar voor te schieten, ze kenden elkaar immers pas een paar uur. De rij werd langer en langer telkens als iemand zijn kleingeld omkeerde op de balie om het benodigde bedrag bij elkaar te schrapen. Een jongen presteerde het zelfs om met een munt van 5 zlotty te betalen in de veronderstelling dat het 5 euro was. Hij keek behoorlijk op zijn neus toen ik hem uitlegde dat munten van 5 euro niet eens bestaan en begon weer opnieuw met het tellen van zijn kleingeld… En dan heb ik het nog niet eens over de jongen die zout in zijn koffie deed in plaats van suiker en over het meisje dat beledigd was dat we alleen poedermelk hadden.

Om 13.00 uur waren 12 vers belegde koude broodjes, 24 vers belegde warme broodjes, 8 croissants, 2 zakken zachte bolletjes, 1 zak krentenbollen, 5 liter soep en een hele saladebar naar binnen gewerkt. Voor de vaste medewerkers van de SummerSchool zat er vervolgens niets anders op dan naar de Appie te lopen.

De tijd vloog voorbij, dat dan weer wel, en ik heb mijn geld vandaag dubbel en dwars verdiend. Morgen graag een tikkeltje minder.

 

Haar en geslacht

De leuke jongen uit de trein is zwaar in mij teleurgesteld. Hij weet het zelf nog niet, maar sinds vanmorgen, 9.00 uur (eigenlijk al gistermorgen dus) baalt hij van me. Ik ging naar de kapper.

Het lijkt soort van wereldwijd vast te staan dat vrouwen korte kapsels wel leuk vinden (maar zich er zelden aan wagen vanwege die andere helft van de wereldbevolking) en mannen er de pest aan hebben.

De eerste mensen die met mijn nieuwe, korte lokken geconfronteerd werden waren de buitenlandse studenten op de SummerSchool die langs kwamen voor voedsel en drank.

Enkele reacties van -pak ‘m beet- Duitse, Ierse en Turkse vrouwen:
"You’ve changed your hair! Nice."
"I like your new looks."
"Lovely colour, nice haircut."

Enkele reacties van -bij benadering- Italiaanse en Chinese mannen en mijn Nederlandse collega:
"An espresso please."
"Can I have a tea?"
"Kom, we gaan effe koffie drinken."