Soul Makossa

Locatie: foyer van Schouwburg Tilburg waar DJ Groove B. de afterpartyverzorgt na het optreden van Manu Dibango & The Soul Makossa Gang.
Tijdstip: 22.15 uur
Staat van zijn: nuchter. Pas 1 pilsje op.
"You have the perfect body", grijnst de Nigeriaan die voor me staat. "Perfect, in one word perfect."
Het is het standaard ‘compliment’ dat ik krijg van de gemiddelde sub-Sahara-man. Ondertussen komt de drummer van de band nog veel sneller to the point in het ‘gesprek’ dat hij voert met mijn zus. "Ga je zometeen mee naar mijn hotelkamer?" Hij knippert niet eens met zijn ogen.

Maar goed, Manu Dibango & The Soul Makossa Gang speelden afgelopen zaterdag in deTilburgse Schouwburg. En hoe!!! De muziek, met als ingredienten soul,funk, jazz, Afrikaanse zang en percussie, werd gemengd tot eenaanstekelijk en bij vlagen opzwepend geheel. Het was een opluchting datde toetsenist het enthousiaste publiek halverwege de show vroeg om tegaan staan. Hij hoefde het geen tweede keer te vragen.

Saxofopa Manu Dibango liet zien dat de jaren (hij is 75) maar weiniginvloed op hem hebben gehad. Hij blies prachtige solos en aanstekelijkedeuntjes. Instrumentbeheersing met een hoofdletter, en dat gold ookvoor de leden van zijn band. Iedereen kreeg ruim de tijd voor een solo.De swingende show werd afgesloten met wereldhit ‘Soul Makossa’ uit1972. Het nummer dat voor popliefhebbers uit de generatie voor de mijnevooral bekend is als sample in Michael Jackson’s ‘Wanna Be StartingSomething’. Of, voor mensen uit de generatie na mij van de sample in’Don’t stop the music’ van Rihanna.

Niet dat die generatie vertegenwoordigd was, zus en ik haalden degemiddelde leeftijd aardig naar beneden. Tot grote vreugde van sommigen…

Pfffffft

Pfffffffft, wat een onaangenaam tentamen. Moeilijk. Veel. Lang. Van de 8 hoefden we ‘maar’ 6 vragen te maken. Maar zo ver kwam ik niet eens. Mijn hersenen doen nog zeer van het proberen terug te halen van alles wat ik ergens in de afgelopen 7 weken gelezen had voor het vak; tevergeefs. Het was iets van de klok en de klepel "ja daar heb ik inderdaad iets over gelezen maar hoe zat het ook alweer?"

En dit was het vak wat ik leuk en interessant vind. Voor vrijdag staat methodologie/empirisch onderzoek op het programma. Dat belooft wat.

Kom ik ermee weg?

Net het laatste wetenschappelijke artikel gelezen waarvan ik de inhoud moet KENNEN tijdens het tentamen aanstaande woensdag. Maar lezen en kennen is helaas niet hetzelfde. Zondagavond een hoofdstuk voor het slapen gaan (na een erg leuk weekend met nichtje/vriendin C), vanochtend een paar alinea’s voordat ik ging werken (en dat was heel heftig, heb er nu nog pijn van aan mijn voeten) en net de laatste paar alinea’s. Nu hoef ik ‘alleen nog maar’ mijn aantekeningen, de powerpoints van de colleges, de vragen en antwoorden van de groepsopdrachten en de vragen en antwoorden van de oefenvragen. Maar ik ‘moet’ ook NU het journaal kijken en daarna nog ff die soap en ook op tijd naar bed want morgen vroeg weer werken.
Op het hbo was naar de les gaan en dingen nog eens nalezen genoeg. De grote vraag is of ik daar op de universiteit ook mee weg kom…

Over ermee weg komen gesproken. Ik heb heel veel zin om WEG te gaan. Een nieuwe stad ontdekken. Uitwaaien op een strand. Een fietstocht door een onbekend bos. Ik ben al veel te lang niet op vakantie geweest. 

Gefeliciteerd!

De leuke jongen uit de trein feliciteerde me vandaag omdat ik "al" 8 maanden zijn vriendinnetje ben. Dat kwartje viel niet meteen na die felicitaties. Mijn reactie: "Wat is er aan de hand, ben ik iets belangrijks vergeten?" Hoe dan ook, het was dus tijd voor een feestje. En dat heb ik gevierd zonder leuke jongen uit de trein. Met een subliem wokgerecht (al zeg ik het zelf) en fantastisch gezelschap (mijn lieve vrienden B & C uit Eindhoven). Leuke jongen uit de trein: dat laatste pilsje, dat dronk ik op jou. Gefeliciteerd!

Oh eenzaamheid

Zondagavond. Het weekend is is bijna voorbij. Voor mijn studie, mijn energiepeil en mijn lever was het een goed weekend.

Een lang en saai hoofdstuk doorgeploegd voor Methodologie. Een lang en interessant wetenschappelijk artikel gelezen voor Discourse across Cultures. Mijn deel van de groepsopdracht voor dat laatste vak keurig op tijd doorgemaild. Goede daden, met de tentamenweek voor de deur.

Twee nachten achterelkaar tien uur geslapen. En zonder daarmee een gat in de dag te slaan. Ik ben topfit.

Alleen de fles rose geleegd die toch al open was, verder geen alcohol genuttigd. Mijn lever heeft het rustig aan kunnen doen dit weekend.

Maar oh wat was dit weekend een pijnlijke confrontatie met het (nog) niet hebben van een sociaal leven in Utrecht. Het is niet eens dat ik hier geen vrienden heb. Maar ja, zij hebben wel een sociaal leven… Na 2,5 dag in mijn eigen gezelschap, ben ik het meer dan zat. Jippie, morgen werken!

Ligt het aan mij?

Lees en hoor op heel veel plekken dat Nederlanders zo lang wachten met trouwen en kinderen. En dat trouwen sowieso een achterhaald instituut gevonden wordt. En dat koophuizen niet te betalen zijn voor starters. Maar wat ik om mij heen zie is heel anders. Jongens die toen ik ze de laatste keer sprak nog in de categorie ‘ik word nooit volwassen, dus lang leve de lol’ vielen, worden vader en hebben voor dat doel alvast een rijtjeshuis in een dorp gekocht. Meiden die op de middelbare school nog nog nooit hun oog op een kerel hadden laten vallen, blijken – zo meldt hun hyvespagina – al jaren getrouwd en moeder. Maar ook de meiden die tijdens hun studententijd nog een gemidelde ‘kerel-inruil-frequentie’ van een maand hadden, blijken inmiddels in het trotse bezit van een bakfiets en een stacaravan.

In trouwen zie ik niets en ik moet nog lang niet (misschien wel nooit) denken aan samenwonen, huizen kopen of kinderen krijgen. En soms, ineens, twijfel ik daarom aan mezelf. Ligt het aan mij? Ben ik wel normaal?

Slecht bezig

Of ik anderhalve dienst wilde draaien? Natuurlijk, geen probleem. Maar ‘huiswerktechnisch’ was het niet zo slim. Ik had mijn groepsgenoten beloofd mijn deel van het werkstuk dat we samen moeten maken gisteravond in te leveren. Maar nadat ik van 8.30 tot 18.00 uur gewerkt had (en met werken bedoel ik dan vooral kilometers maken), wilde ik niets liever dan niets. Dus ogen dicht, voeten omhoog, verstand op nul. Pas uren later ging ik ervoor zitten. En toen -God straft onmiddellijk- ging alles dus mis. Om mijn deel van de opdracht te maken, moest ik eerst een artikel lezen. Dat artikel kreeg ik in eerste instantie niet geopend. De universiteitsmail lag plat, dus ik kon het ook niet naar me toe laten mailen. Het bleef misgaan met het installeren van mijn printer, dus toen ik het eenmaal wel geopend kreeg, kon ik het niet afdrukken (dat ik geen printpapier had, was wellicht ook een reden). Het artikel van het scherm lezen was geen optie. En dus, toen mijn mail het weer deed, heb ik bovenstaand verhaal als lamme rotsmoes naar mijn groepsgenoten gemaild. Met de belofte dat het dan vandaag alsnog goed komt…

Poker

Ik kreeg pocket azen gedeeld. Ik had 13.000 chips. De blinden waren opdat moment 150-300 met 25 ante. Ik zat in middenpositie en maakte eenkleine raise naar 775. De Big Blind maakte er 3300 van en ik beslootdat het tijd werd om mijn hele stack naar het midden te schuiven. Na 5 minuten nadenken besloot mijn buurvrouw te callenmet haar pocket boeren. Ik won, uiteraard, en nam de superdeluxe pokerset mee naar huis.

Deze termen heb ik net van een pokersite geplukt, maar de laatste zin klopt als je het woord uiteraard weglaat. Op een bijzonder gezellig jaren ’20 feestje moest er uiteraard gegokt worden. En met false bravoure (heb het spelletje ooit 1 keer gespeeld in toen niet meer helemaal heldere toestand) speelde ik per ongeluk iedereen van de tafel.

Achmed aan de lijn

"Liefje mijn liefje wat fijn dat je er weer bent. Ik heb je gemist." Niet de leuke jongen uit de trein sprak vandaag deze woorden, maar Achmed, het mannetje dat mijn telefoon simlockvrij zou maken. "Ik ga koffie voor je zetten. Wat wil je erin?" Dat zijn zaak (telefoons, frontjes en oordopjes langs alle wanden tot aan het plafond, half uitgepakte zakken en dozen op de grond, bling bling horloges van Armani op strategische plekken opgesteld) vol staat met ‘klanten’ deert Achmed niet. Waarschijnlijk vindt hij het juist leuk. "Ga lekker zitten lief meisje. Wil je er een koekje bij?"

Het is de dag van het suikerfeest. Hoog-Catharijne barst uit zijn voegen van de jongeren wiens ouders hun roots in Noord-Afrika of het Midden-Oosten hebben liggen. Ze lopen in grote groepen, bij voorkeur naast elkaar, van winkel naar winkel en van eettent naar eettent. Het kost me nog vele malen meer gezucht en gesteun me een weg door het foeilelijke winkelcentrum te banen dan anders. Achmeds winkeltje ligt strategisch aan de hoofdingang van het walgelijke winkelcentrum. En het lijkt alsof iedereen die langs het winkeltje moet er ook naar binnen gaat. Handel. Telefoons die meer moeten kosten dan dat ik aan huur betaal en stapels bankbiljetten schuiven over de toonbank. "Kun je een mooi prijsje maken?", is de meest gestelde vraag. Er wordt minutenlang onderhandeld. Soms op fluistertoon. Soms schaamteloos luid. Wel tien keer wordt me op die manier in mijn gezicht gewreven dat ik ben afgezet. Twintig euro heb ik betaald voor het simlock vrij maken van mijn telefoon, terwijl de gemiddelde bezoeker er slechts vijf euro voor betaalt en bovendien binnen een kwartier, met telefoon, weer buiten staat. Jongens zoals je ze de laatste tijd veel op het nieuws ziet (opgeschoren haar aan de zijkant, dikke mat in de nek, dure leren jas, sportschoenen, gouden ketting) beginnen me te begroeten als ze de winkel binnen stappen. Een enkeling geeft me zelfs een hand. En anders stelt Achmed me wel voor als zijn liefje. In het begin lach ik een beetje mee. Ik drink mijn (erg lekkere) koffie. Het zal niet zo’n vaart lopen.

Telkens als er even geen klanten zijn, komt hij met nieuwe ‘voorstellen’. Of hij een keer voor me mag koken. Of ik hem thuis uit wil nodigen. Wanneer we samen op stap gaan. Ik ben na een uur op een krukje en met de koffie alweer verteerd, uitgelachen en uitgeluld en blijf ongeduldig naar mijn telefoon vragen. Volgens hem is ie nog niet klaar en ligt ie ergens anders. Pas als ik tegen zijn klanten begin te klagen dat hij me belachelijk lang laat wachten en me ook nog heeft afgezet, krijg ik mijn telefoon.

Opgelucht loop ik de winkel uit. "Ik zie je donderdagavond toch? Dan gaan we op stap. Kom me hier maar ophalen, ik ben tot negen uur open." "Ja joh, is goed, tot donderdag", antwoord ik. Niet daadwerkelijk van plan met Achmed op stap te gaan. Opgelucht loop ik de winkel uit.

Vijf minuten later gaat mijn telefoon. "Hallo liefje, met Achmed".

Goed leven in het weekend

Soms is mijn leven helemaal goed. Dat is meestal in een weekend. Zo vals mogelijk meezingen met slechte muziek terwijl vriendin B en ik de files rond Eindhoven verslaan. Met zeven man in het restaurant blijven zitten tot we eruit gezet worden. Met vier man ontbijten in mijn kamer nu ik eindelijk een bankstel heb. Met vriendin V en haar vriend koffie drinken op het terras en ondertussen de wereld rondom van commentaar voorzien. En het weekend is nog niet voorbij 🙂

Jammer dat de leuke jongen uit de trein er dit weekend maar heel even deel van uitmaakte. Was hij erbij gebleven, dan was het nog beter dan helemaal goed.