Een sprookjesleven

Terwijl ik naar buiten kijk, waar ik tegelijkertijd blauwe lucht en regen zie, dwalen mijn gedachten af. Ik zoek naar de regenboog en denk aan potten met goud. Was dat geen sprookje, Dodo en de pot met goud?

De afgelopen weken klopte het leven confronterend hard op onze deur. De schoonvader van een vriendin, een oud-klasgenoot van de leuke jongen uit de trein, de moeder van een vriendin en de moeder van de man van mijn nichtje stierven. Er kwam geen regenboog aan te pas. Ook geen pot met goud. Ziekte, lijden, dood. Verdriet bij de achterblijvers.

We willen allemaal een sprookjesleven. Dus gaan we op zoek. Want als we de pot met goud, het glazen muiltje, de prins en het witte paard hebben gevonden, leven we nog lang en gelukkig. Onderweg trotseren we gemene stiefmoeders, vergiftigde appels en boze wolven. Een sprookjesleven is dus niet hetzelfde als een zorgeloos leven.

Het zou fijn zijn als ieders zoektocht wordt beloond met ‘en we leefden nog lang en gelukkig’. Of op zijn minst met de zon die altijd terugkomt na de regen.

DSCN3088

 

 

Te stom om adem te halen

“Doe je de horloges zelf?”, vroeg de leuke jongen uit de trein, nadat hij de wekker, de klok in de badkamer en de klok in de woonkamer goed had gezet.
“Ja hoor.”

Maandag.
Je hebt een aantal afspraken verschoven om bij de crematie van de mama van een vriendin te kunnen zijn. Je kijkt op je horloge en gaat over tot actie. Je denkt overal aan:

  • je schrijft een kaartje voor de dochter en een kaartje voor de man van de overledene en steekt ze in je tas
  • je voegt een pakje zakdoekjes toe, voor als je moet huilen
  • je doet er nog een spiegeltje bij, zodat je kunt controleren of de mascara nog op je wimpers zit, of op je kin
  • je plakt een briefje met het adres van het crematorium op je telefoon en steekt die ook in je tas
  • tiktaks, luchtje, portemonnee, cd, sleutels… klaar om te gaan

En terwijl je nog even een flesje water vult in de keuken, zegt ook de klok van de oven dat het tijd is om te gaan. Ruim op tijd, dat dan weer wel. Het is 12.30 uur. Anderhalf uur voordat je in Eindhoven moet zijn.

Als je cd is afgelopen, zet je de radio aan. Net op tijd voor het nieuws van… 14.30 uur. Oeps.

 

Lokale verkiezingen #2

Tja, de dag na…

De vier grootsten werden CDA, Senioren Partij Maastricht, GroenLinks en D66, een uitslag waar ik wel mee kan leven. Een uitslag die ik begrijp, als ik kijk naar de mensen op de bijbehorende kandidatenlijsten.

Ik hoop dat de enthousiaste jonge honden van M:OED, die van niets op twee zetels komen, wat extra leven in de brouwerij brengen. Het zou goed zijn als meer studenten een toekomst zien in Maastricht en niet vertrekken, omdat ze hier geen werk vinden. Ik hoop dat PVV en PVM, die samen 5 zetels hebben, hun bizarre standpunten (in mijn ogen) niet door de raad krijgen en er minstens bed, bad en brood blijft voor uitgeprocedeerde asielzoekers.

Maar wat ik dus echt niet begrijp, is de lage opkomst. Ik werk in verschillende gemeenten en interview veel mensen, hoog en laag opgeleid, jong en oud, rijk en arm. Daarbij valt het me op dat in Maastricht het meeste wordt geklaagd. Zelfs als ik ergens heen ga voor een positief verhaal, zoals subsidie voor het buurthuis, een gratis evenement, de opening van een speelplein, dan nog hoor ik vaak:
“Ja maar de gemeente zou ook moeten…”
“Ja maar die luidruchtige studenten…”

Als je zo ontevreden bent, is stemmen toch het minste wat je kunt doen? Er was echt wel iets te kiezen. Zoals meer of minder geld naar cultuur, meer of minder geld naar zorg en wel of niet terugdringen van het aantal studentenhuizen.

Ik heb zomaar het vermoeden dat juist de mensen die niet zijn gaan stemmen de komende vier jaar weer om het hardst staan te schreeuwen…

 

 

Op dit moment #6

LenteDe smaak van het bloggen heb ik weer helemaal te pakken. Ik vind het heerlijk om op te schrijven wat me bezighoudt. Of is dat gewoon werkontwijkend gedrag? Hoe dan ook, mijn leven op dit moment.

Genieten van: de belofte dat het nu echt, echt, echt bijna lente wordt. Ik ruik het. Ik zie het. Ik voel het, diep weggedoken in mijn winterjas en sjaal. De sneeuwklokjes houden nog even dapper stand en worden binnenkort afgewisseld door narcissen, tulpen en de bloesem in mijn Japanse kers.

Blij met: afgelopen weekend. Dankzij de vriendin van een collega van de leuke jongen uit de trein logeerden wij in hartje Amsterdam. Uitzicht op een wapperende regenboogvlag én op de Amstel. Er was een groot en zacht bed waarin de leuke jongen uit de trein en ik wegdoken onder een dik dekbed. Er was een bubbelbad. Er was een Nespresso-apparaat. Zo wil ik iedere ochtend wel wakker worden…

Balen van: mijn ongeorganiseerdheid. Sleutels kwijt, pasjes vergeten, boterhammen op het aanrecht laten staan en dat soort dingen. Of zoals vanmorgen de deur uitlopen naar mijn werkplek en halverwege omdraaien om de auto te gaan halen, omdat ik naar een afspraak moet. Ik had natuurlijk ook gewoon eerst in mijn agenda kunnen kijken.

Aan het lezen in: Half of a yellow sun van Chimamanda Ngozi Adichie. De jaren 60 in Nigeria. Je kruipt in de huid van drie personen: een house boy die uit zijn dorp wordt geplukt om het huishouden te runnen van een professor die opkomt voor de rechten van de oorspronkelijke bevolking. De vriendin van de professor; dochter van een rijke (en corrupte) Big Man met tentakels in het vastgoed, de olie, de plantages en de politiek. De vriend van de tweelingzus van de vriendin van de professor; een verlegen Britse ex-journalist die naar Nigeria komt om te schrijven over inheemse kunst. Hun karakters en denkwijzen worden heel goed uitgediept. Het ene moment is er niet veel aan de hand, het volgende moment is niemand meer te vertrouwen en niemand meer veilig. Na twee politieke coups breekt een burgeroorlog uit. Heftig boek, prachtig boek. En heel leerzaam. Althans voor mij. Ik wist niet eens dat Biafra bij Nigeria hoorde *schaam*.

Aan het kijken naar: niets. Althans, niet consequent. En dat wordt voorlopig ook niets. De leuke jongen uit de trein heeft ondertussen de tijd van zijn leven en volgt March Madness. Of zo iets.
Nog nooit een aflevering van De Luizenmoeder gezien, wat soms betekent dat ik niet mee kan praten bij de koffieautomaat.

Aan het luisteren naar: niets specifieks. Tijdens een dagje thuis werken vorige week draaide ik Tracy Chapman en Paul Weller. Op een cassettebandje. In de auto staan nog steeds Radio 2 en Studio Brussel op.

Eten: Deze week maakte ik mijn boemboe voor bami zelf. Geen zakjes en pakjes. Of toch wel, want ik gebruikte roerbaknoodles in plaats van ‘echte’ pasta. Afgelopen zaterdag in Amsterdam werd er voor ons gekookt. En hoe: gamba’s, gegrilde groenten en spaghetti aglio olio. Met wijn uit grote glazen die voortdurend werden bijgevuld. De volgende dag streken we neer in de buurt van het Waterlooplein. Daar had ik Turks brood met schapenkaas, humus, gegrilde groenten, zongedroogde tomaten, sla en munt en een stuk dadelbanaancake toe.
Na een week zonder sport en alles met de auto (zie hieronder) is het nu afgelopen. Dus staat deze week op het menu: veel water, veel fruit en veel groenten. Al wordt het me niet makkelijk gemaakt. Vanavond naar een gigantisch wokrestaurant met de netwerkvereniging en donderdag een borrel met mijn flexcollega’s. Dat zijn alleen nog maar de verleidingen die ik nu al weet.

Sporten: staat op een laag pitje. Met carnaval kreeg ik last van mijn linkervoet en van hardlopen is sindsdien niets meer terecht gekomen. Zwemmen doe ik nog wel wekelijks, behalve in de weken dat ik bereikbaarheidsdienst heb. En toevallig heb ik net zo’n week achter de rug. Een week waarin ik alles met de auto moest doen en niet te ver van huis kon. Een week dus van heel veel zitten en heel weinig bewegen.
Dat probeerde ik te compenseren door gezond te eten en niet te snoepen. Drie dagen hield ik dat vol. Ik weerstond de koekjes die een flexcollega had gewonnen bij de Postcodeloterij. Ik bedankte beleefd voor de chips en de olijven die bij een vergadering op tafel kwamen. Maar halverwege de donderdag veranderde mijn ruggengraat in pudding. Al die paaseitjes… Het was kortom een slechte week voor mijn lijf. Deze week op het menu: zwemmen op woensdag, hardlopen op vrijdag (als mijn voet het toelaat) en fitness + sauna op zondag.

Leuke dingen om naar uit te kijken: in de nabije toekomst vooral theaterbezoek, festivalbezoek en bijkletsen met koffie. De leuke jongen uit de trein gaat volgende week een paar dagen weg en daar kijk ik ook naar uit. We hebben het super leuk samen en ik wil hem echt geen weken missen. Maar een paar dagen alleen vind ik ideaal: thuiskomen wanneer ik zin heb omdat ik niemand heb beloofd om te koken, dingen eten die hij niet lekker vindt, languit op de bank met een boek zonder tetterende televisie op de achtergrond, de hele krant lezen bij het ontbijt omdat niemand staat te wachten en ’s nachts overdwars in bed.

Hoe ziet jullie leven er op dit moment uit?

Hoe anderen mij zien

Etiketten plakken, of hokjesdenken, het maakt de wereld zo lekker overzichtelijk. Maar soms kloppen die etiketten niet. Deze drie etiketten plakken denk ik het meest hardnekkig op mij:

Lieke is een stuudje

Op de basisschool stond mijn rapport vol met ‘goedjes’. Daar kon ik weinig aan doen. Huiswerk hadden we niet, maar ik hield toen al enorm veel van lezen. Verder speelde ik vooral buiten. Er was geen competitie. Het was gewoon zoals het was. In de brugklas werden de goedjes (en de onvoldoendes, matigs, voldoendes, en ruimvoldoendes) vervangen door cijfers. Vaak goede cijfers.
De eerste twee jaar van de middelbare school was ik ronduit braaf. Ik maakte altijd mijn huiswerk, kwam altijd op tijd en spijbelde nooit. Maar een stuudje was ik niet; ik besteedde niet meer tijd aan mijn huiswerk dan strikt noodzakelijk, maakte geen oefenexamens of extra opgaven, nam nooit bijles. Ik moest tijd overhouden om naar vriendinnen te gaan of anders uren met ze te bellen. Toen de klassendocent vroeg of ik naar het gymnasium wilde, bedankte ik vriendelijk.
Na de tweede klas werd ik minder braaf en werden de cijfers lager, maar ik werd nooit brutaal. Het eerste uur Frans op dinsdag voor dat nutteloze tussenuur, daar was ik niet vaak. Bij de les lichamelijke opvoeding (oké, we zeiden gewoon gym) liep ik wel eens stiekem door de achterdeur naar buiten nadat mijn naam was voorgelezen en ik ‘present’ had geroepen. Bij het zevende uur economie op vrijdag, ná een tussenuur, kwam ik wel eens te laat omdat ik met een vriendin en een zak autodrop in het park zat. Op mijn eindlijst stonden uiteindelijk twee vijven, twee zevens en verder zessen. Geen nerd-cijfers.
Een tijdje geleden kwam ik een oud-klasgenoot tegen. “Jij was écht een studiebol”, zei hij. “Zo’n hele brave die altijd keihard leerde, hoge cijfers haalde, nooit te laat kwam en al helemaal nooit een les miste. Ik had verwacht dat je nu bij een groot bedrijf zou werken.” Van zichzelf vond hij dat hij op de middelbare school een brutale relschopper was. Grappig, want in mijn gedachten was hij een lieve, verlegen jongen, die soms per ongeluk meeliep met de ‘stoere jongens’.

Lieke is niet goed met kinderen

Dit vooroordeel werkte ik vroeger zelf in de hand, door overal te verkondigen dat ik geen kinderen wilde, niets met baby’s kon en bloedsjachreinig werd van babygehuil. Daar was geen woord van gelogen. Maar ik was onder de 30, niemand had kinderen en niemand tilde zwaar aan die uitspraken. Op één vriendin na die zich nog net niet verontschuldigde dat ze zwanger was en beloofde ‘dat er niets zou veranderen en we heus nog wel op stap zouden gaan’.
Inmiddels zou ik best een kind willen en staan mijn haren niet meer automatisch overeind als ik een baby hoor huilen, al heb ik nog steeds een voorkeur voor exemplaren die kunnen lopen en praten. Ik heb de grootste lol met kinderen. Kinderen zijn bovendien vaak dol op mij, al zeg ik het zelf. Van verhaaltjes voorlezen probeer ik altijd een Oscar-waardige voordracht te maken. Ik speel mee met de meest onnozele spelletjes, sta als eerste op de trampoline en hang als eerste ondersteboven aan het klimrek. Ik ben hartstikke goed met kinderen, vooral als ze vies mogen worden.

Lieke is arrogant

Bij de eindevaluatie van mijn laatste stage hoorde ik dat ik in het begin (6 maanden daarvoor) arrogant overkwam, uit de hoogte deed tegen de andere stagiaires en te weinig vragen stelde. Gaandeweg was het goedgekomen met me en bleek ik heel benaderbaar, sympathiek, empathisch en soms zelfs onzeker. “Maar als je stage maar een maand geweest zou zijn…” Ik schrok ervan. Sindsdien let ik veel beter op hoe ik overkom.
Tijdens mijn studie journalistiek hoorde ik (achter mijn rug) ook al eens iemand verkondigen dat ik arrogant was. Die conclusie werd getrokken door iemand die mij helemaal los had zien gaan op de dansvloer. Voor mij had dat totáál niets met arrogantie te maken, ik vermaakte me gewoon en het kon me echt niet schelen wat anderen daarvan vonden.

Zelf plak ik ook vaak etiketten op mensen. Die trek ik er soms later -hopelijk vlug en pijnloos- weer vanaf. Je kunt je al eens vergissen of iemand verandert. Krijg jij ook wel eens etiketten opgeplakt die niet kloppen? Welke?etiket-22469

Brief aan mijn nichtje #17

Lieve, kleine actrice,

Donderdag bleef je slapen, vrijdag was ik ‘hulp-volwassene’ op je kinderfeestje en zaterdag vierden we je echte verjaardag. Drie drukke maar mooie dagen. Het lijntje tussen vrolijk lachebekje en boze dramaqueen is dun, is mijn conclusie. En je blijft een goede actrice.

Dolenthousiast kwam je donderdag binnen. Je liet je mama en de mama van je beste vriendinnetje het hele huis zien en vertelde honderduit. Om even later te huilen, omdat je geen spruiten wilde eten. De vorige keer dat je kwam eten, bestelde je zelf spruiten, nu lustte je ze ineens niet meer.

Het logeerpartijtje was heel gezellig. Ik houd ervan om je voor te lezen. Ik houd ervan dat je gewoon gaat slapen met de gordijnen dicht en de deur dicht, zonder gezeur over lampjes die aan moeten blijven. Ik houd ervan dat je de volgende ochtend bij me in bed kruipt. Ik vind het iets minder dat je dan de dekens van me aftrekt, brrrrr koud.

Je had ontzettend veel zin in je feestje, maar op weg naar Bunde was je heel erg stil. Ik denk dat je zenuwachtig was. Ik vroeg of je huis versierd was, jij antwoordde dat je daar al over had gedroomd. Je was hyper toen het eerste vriendinnetje aan de deur stond, was aan het springen en aan het roepen met een lach van oor tot oor. Iedere keer dat de bel ging, gilde jij de naam van het vriendje of vriendinnetje dat binnen zou komen. Je griste de cadeautjes uit hun handen, maar wachtte wel heel netjes met uitpakken tot iedereen er was. Even waren er tranen en stond je te stampvoeten, omdat de jongens iets met jouw Duplo bouwden waar jij het niet mee eens was. Om vervolgens weer de grootste lol te hebben bij het versieren van de cake. Je deed er zo veel slagroom op, dat er geen cake meer te zien was.

Het feestje was een succes. Enthousiast ging je voorop bij de speurtocht, op de hielen gevolgd door de twee jongens. Je rende het grootste deel van de route. Stond te stuiteren bij iedere vondst. Klom in recordtijd tegen een steile helling omhoog en trok je niets aan van doorns en kiezels. Het was ijskoud, maar dat voelde je niet. De andere meisjes hadden het moeilijk. Die sloften achteraan, waren moe en durfden niet overal op en in. Ik nam er één op mijn rug. Toen het feestje was afgelopen, was het weer even huilen. Dat bevestigt natuurlijk alleen maar hoe leuk het was.

Het grotemensenfeest, daar had je ook al zo’n zin in. Nog meer cadeaus! Niet normaal hoe snel jij dingen uit kunt pakken, trouwens. Het was gezellig. De leuke jongen uit de trein bouwde je Lego-pakket van Frozen. Met mij deed je een spelletje dat ik je moest kietelen telkens als je een koprol maakte “maar alleen als mijn voeten daar zijn en als ik nog niet terug aan het kruipen ben en…” een hele rits eigen spelregels. Ook dit feest was een succes. Geen drama toen we naar huis gingen. Volgens mij was je moe. Of je vond het toch niet zo leuk met de grote mensen 😉

Het was me al vaker opgevallen dat jij met je huidskleur bezig bent, maar ik weet nog steeds niet zo goed hoe ik ermee om moet gaan. Kinderen zijn niet kleurenblind, mocht iemand dat nog denken.

Vrijdagochtend bij het ontbijt kwam een nieuwsitem voorbij op de radio, over Thierry Baudet en de uitspraak dat donkere mensen minder intelligent zijn dan lichte mensen. “Ik ben donker, want ik ben bruin”, zei jij. De leuke jongen uit de trein en ik keken elkaar verbaasd aan. “Lieke is ook bruin, heb je haar wel eens gezien in de zomer bij het zwembad?”

Zaterdag was je mama frietjes halen en zaten wij even op de bank naar Sesamstraat te kijken. “Dat is een *jouw naam*”, zei je over een jongetje met kroeshaar. “Nee joh, er is maar één *jouw naam*”, zei ik. “Niet waar.” “Nou, oké, er zijn wel andere mensen met dezelfde naam, maar er is maar één persoon zoals jij. Op televisie is een jongen en hij ziet er heel anders uit.”

Ik weet niet of het erg is dat je verschillen ziet. Ik heb ook geen idee in hoeverre jij je huidskleur aan bepaalde eigenschappen koppelt. Ik hoop met heel mijn hart dat je niet gelooft dat je dommer bent dan je vriendjes en vriendinnetjes. En ik hoop dat domme uitspraken van anderen niet te veel krassen op je ziel zetten.

Je bent mooi en slim en mijn favoriete nichtje.

Dikke kus,
Tante Lieke

Dubbele regenboog

 

 

Zomaar een ochtend

DSCN3076Ik nam mezelf voor mijn mail nog even niet te openen, Facebook en LinkedIn te laten voor wat het was en direct aan de slag te gaan met de eindredactie van die nieuwsbrief. Dat deed ik. Om 8.20 uur verbeterde ik de eerste spelfouten.

Maar ja, die naam van die verzekeraar die in de tekst voorkomt, moet die niet met twee hoofdletters? Daarvoor moet ik echt even het internet op. Meteen even checken of er reacties zijn op die andere nieuwsbrief die ik laatst schreef.

En daar ga ik…

Ach, nu ik toch online ben, kan ik ook wel even:

  • Op Facebook kijken
  • Mijn werkzaamheden delen op LinkedIn
  • Mijn mail checken
  • Kijken of er nog iets is gebeurd in de wereld
  • Die spijkerbroek bestellen
  • Controleren of mijn wachtdienstrooster klopt
  • Mijn favoriete blogs lezen

Het gevolg?

Het is ineens 9 uur. Dan is het ook weer tijd voor koffie. Ik haal meteen koffie voor de andere flexwerkers, maak een praatje bij de automaat, zwaai naar een kennis die voorbij fietst. Nu moet ik écht weer aan het werk. Of wacht, nog even vriendin M appen of het zwemmen vanavond doorgaat. En mijn broer vragen of hij een idee heeft voor een verjaardagscadeau voor ons nichtje dat zaterdag 6 jaar wordt. In plaats van terug te appen, bellen ze allebei terug. Super gezellig, meteen even bijkletsen.

En zo is het 10 uur voordat ik de nieuwsbrief afrond. Ik kan er natuurlijk wel even over bloggen en die blog moet ik dan weer delen op Facebook.

Stel je voor dat ik meteen door zou gaan met de volgende opdracht…

 

Aftellen

Mijn favoriete blogsters Lilith/Kelly en Zezunja/Maartje vasten niet tot aan Pasen, maar bloggen. En wat ben ik daar blij mee. Een perfect begin van de dag om met een kop koffie hun verhalen te lezen. En het perfecte excuus om dat ene lastige interview vooral nog niet uit te werken. Lilith nam een leuk ‘stokje’ over en ik vind het een uitdagende invuloefening dus ik doe mee.

10 DINGEN OVER MEZELF

boekenwurm | flapuit | danseres in het diepst van mijn gedachten | ongeduldig | onhandig (lomp) | geografisch gehandicapt | snel in tranen | avontuurlijk | slechte spaarder | perfecte oppas voor kinderen die niet te braaf zijn, maar van heuvels af willen rollen en in bomen willen klimmen

9 DINGEN DIE IK LEUK VIND

lezen (duh) | schrijven (duh) | sterke koffie | koken met restjes | verse bloemen in huis als ik ze niet zelf schuin hoef af te snijden en in een vaas zetten | zwemmen | vrijdag visdag | dat ik 10 km achter elkaar kan hardlopen

8 DINGEN DIE IK NIET LEUK VIND

mensen die alleen aan zichzelf denken | kleedhokjes bij het zwembad | Belgische cappuccino, met slagroom in plaats van melkschuim | opstaan als het nog donker is | autorijden | cijfers | poetsen | bergop fietsen

7 PLEKKEN WAAR IK GRAAG BEN

ons bed | het bankje voor het kapelletje in het Lanakerveld | onze douche tot het moment komt dat ik ‘m af moet drogen | de Vlaamsesteenweg in Brussel | in de trein met een boek in een tweezitter voor mij alleen | de Veilinghavenkade in Utrecht | de Visserijbuurt in Gent

6 MANIEREN OM MIJN HART TE WINNEN

met humor | door me een kaartje te sturen | met een spontaan voorstel om iets leuks te gaan doen | door voor me te koken | door me een onbekend bitter en blond speciaalbier te laten proeven | met muziek

5 PLAATSEN WAAR IK NOG HEEN WIL

de brug tussen Denemarken en Zweden | Zanzibar | museum MIMA in Molenbeek | Texel

4 DINGEN WAAR IK NIET ZONDER KAN

boeken | muziek | liefde | zon

3 LIEVELINGSLIEDJES

San Andreas Fault – Nathalie Merchant | Winter – Tori Amos | Gorecki – Lamb

2 WENSEN

dat de mensen die ik lief heb gezond worden/blijven en heel oud worden | een hond

1 LAATSTE WOORD

leef

dscn3091.jpg

 

Lokale verkiezingen #1

Goedemorgen deze zonnige morgen,

Gisteren viel het tienpuntenplan van Partij Veilig Maastricht (PVM) op de deurmat. Ik had dit ‘plan’ online al voorbij zien komen en er eens hartelijk om gelachen. Van de papieren versie kregen de leuke jongen uit de trein en ik opnieuw de slappe lach. Voor de leuke jongen eindigde dat in een heftige hoestbui, hij is een beetje ziek.

“Nederlandse taal leren is verplicht”, staat in het programma. Dit is gewoon landelijk beleid en voegt dus weinig toe aan de lokale politiek. Dit actiepunt staat bovendien in een folder waarin ook gei”ntegreerd (met de puntjes boven de N, dat krijg ik niet eens voor elkaar) en armoedebeleidt staan samen met tig andere fouten. Vooral met enkelvoud en meervoud lijkt PVM moeite te hebben.

Lage lasten zijn volgens PVM topprioriteit, maar voorstellen om die lasten (vaag begrip) laag te houden, komen in de folder niet voor. Beter onderhoud van openbaar groen en meer investeren in het onderhoud van wegen zijn doorgaans geen maatregelen waardoor je minder belasting gaat betalen.

“Een sluitende begroting”, is voor de zekerheid ook nog opgenomen in het bijzondere PVM-tienpuntenplan. Erg grappig, want in de folder worden vooral maatregelen genoemd die geld kosten. Naast eerder genoemd onderhoud van groen en wegen moet er bijvoorbeeld geïnvesteerd worden in een “campagne om Maastrichtse tradities en dialect te stimuleren.” Dat past zo lekker bij die verplichting om Nederlands leren. Dat mensen boven de 60 niet meer hoeven te solliciteren past trouwens ook heel lekker bij het tegengaan van werkloosheid onder ouderen.

Het enige bezuinigingsvoorstel dat de partij doet, is “geen subsidie voor mondiale en ontwikkelingsprojecten.” Wat ik daarvan vind, laat zich raden. Maar ik vrees dat veel inwoners van Maastricht dit een briljant idee vinden.

Ik ben benieuwd wat voor moois ik nog meer van de deurmat mag plukken de komende weken. Ik wens iedereen veel wijsheid bij het stemmen op 21 maart. Ondertussen blijf ik lachend en soms een traantje wegpinkend partijprogramma’s en campagnefilmpjes bekijken.

Groetjes,
Lieke

P.S. Ik zag net op de website van PVM dat een aantal taalfouten inmiddels is verdwenen.

 

 

 

Raadselachtig huishouden

Het huishouden is voor mij al 37,5 jaar een raadsel. Iedere twee weken schone lakens op bed vind ik een goede frequentie, dus dat zit al jaren in mijn systeem. Dat je niet met een schuurspons je auto moet wassen, snap ik sinds ik dat een keer gedaan heb (geen zorgen leuke jongen uit de trein, het was mijn vorige auto). Maar verder doe ik maar wat.

Welk doekje?

Als er op de fles schoonmaakmiddel een plaatje van een glanzend fornuis staat, is het geschikt voor de hele keuken. Staat er een blinkend toilet op dan kan ik er de hele badkamer mee doen. Toch? Maar met welk doekje dan? Die hele zachte, die iets minder zachte, of die vaatdoek? Of gewoon schoonmaakmiddel spuiten en daarna afdrogen? Met een theedoek, of juist niet? En waarom heet dat eigenlijk een theedoek? Waarvoor mag ik wél die schuurspons gebruiken? En hoezo blijven er altijd strepen op de spiegel staan?

spons

Collateral damage

Bovendien ben ik onhandig. Zeg maar gerust lomp. Een hoeslaken opvouwen, dat probeer ik niet eens meer. Een stofzuigerzak vervangen ook niet, nadat ik iets afbrak in het binnenste van de stofzuiger. Soms probeer ik ons huis grondig aan te pakken. Dan til ik de vazen op die op de keukenkast staan om de hele bovenkant van de kast te soppen en stoot ik met die vazen tegen het plafond. Dan schuif ik de bank van de muur om erachter te zuigen en struikel over de stofzuiger als ik weer achter de bank uit kruip. Dan lig ik op mijn buik om de convectorput uit te zuigen en laat de roosters uit mijn handen vallen… op de plint, op onze mooie vloer, of tegen de muur.

Doe mij maar groen

Het enige aan het huishouden wat ik leuk vind en waar ik talent voor blijk te hebben, is ‘het groen’. Zowel binnen als buiten doen onze planten het fantastisch. Sommige planten verhuizen al sinds Tilburg met me mee! Van het voorjaar tot ver in het najaar hadden we frambozen in de achtertuin. De aardbeienplant is in een jaar tijd in omvang verdubbeld. De Japanse sierkers in de voortuin kan ieder moment in uitbundige roze bloesem uitbarsten, als de vorst geen roet in het eten gooit. Ook in de tuin ben ik onhandig, maar de schade die ik daarmee veroorzaak, is vooral schade aan mezelf. Een stuk uit mijn vinger knippen met de snoeischaar bijvoorbeeld…

VoortuinWie een geschikte hulp in de huishouding voor ons weet, mag het zeggen!