Te veel

Ik klaag te veel. Dat weet ik zelf ook wel. Kijk even mee naar volgende week (een week die representatief is voor de komende 12 weken) en begrijp waar mijn klaaggrootmeesterschap vandaan komt: op maandag moet ik twee presentaties houden, op woensdag een discussie leiden en op vrijdag drie rapportversies presenteren. En daarnaast is mijn week gevuld met het gebruikelijke recept van 12 uur keukenwerk, 4 uur freelancewerk, 10 uur universitair leesvoer en 3 uur badmintonnen. Dat brengt echt de ultieme klaagdrang in mij naar boven. Het is te veel, te veel, te veel…

Het is helemaal vrijwillig, absoluut eigen keus, 100% uit eigen beweging dat ik nu in mijn masterjaar zit. En dus is het allemaal mijn eigen schuld. En dus mag ik eigenlijk niet klagen. Ik moet dringend een nieuwe hobby gaan zoeken.

Ik word blij van Gent

Ik denk dat ik er in een vorig leven gewoond heb en er heel gelukkig was. Ik word blij van die stad. Loop er standaard met een lach op mijn gezicht. Ik heb maar twee maanden in Gent gewoond en dat was veel te kort.

Op weg naar Brussel dwaalde ik nog even door mijn oude buurtje waar de straten de naam van een vis dragen. Ik kwam langs de bruine-oude-mannetjes-aan-de-toog-cafeetjes "Maritiem" en "Het Scheepje". De sanseveria’s in de vensterbanken. De kleine Spar op de hoek waar iedereen met elkaar kletst. En die tussen de middag gewoon dicht is, omdat de eigenaar dan zelf ergens wil lunchen. De vele plantenbakken voor de deuren van de huizen aan de hofjes. De in knalkleuren geverfde gebouwen, naast de oude panden die ondanks gebladderde vensterbanken en slecht voegwerk hun status van weleer overeind houden.

Gent is de stad waar overdekte winkelcentra, in tegenstelling tot Hoog Catharijne, geen straf zijn. Mooie, statige panden (Gent Zuid, Post Plaza) waar de winkels geen afbreuk aan doen, maar moeiteloos in op gaan. Waar de vele kades niet vol staan met terrassen, maar waar iedereen zelf zijn flesje wijn of pintjes uit de nachtwinkel mee naartoe neemt. Waar ‘neusjes’ worden verkocht vanuit een busje.

Met moeite nam ik de trein naar station St. Pieter. Om in Brussel bijna even gelukzalig door mijn toekomstige buurt rond te dwalen. Is het nog geen januari???

Soms moet je je een weg banen door 50+'ers

Whaaaaaaaaaaa het worstelen om Hoog Catharijne uit te komen om zodoende mijn huis te bereiken is weer begonnen. De 50+ beurs is bezig. Dus moet ik ’s middags tegen de stroom in. Een stroom van tien volle tassen in elke vrije hand, rollators, wandelstokken en gezellig arm-in-arm wandelende ouderen (want er lopen maar weinig mensen tussen die ‘pas’ 50 zijn).   

Na twee weken al toe aan vakantie

Mijn semi-siamese tweelinghelft schreef er al diverse blogs over en ik kan niet achterblijven om haar GROOT gelijk te geven. Ons masterjaar heeft een vliegende start gemaakt en familie, vrienden, werk of hobby’s… tja, die kun je maar beter niet hebben.   

De massale hoorcolleges zijn voorgoed verleden tijd. Iedere les moet er gepresenteerd, gediscussieerd en genotuleerd worden. Vier vakken betekent vier onderzoeksvoorstellen, vier keer literatuuronderzoek en minstens acht keer iets presenteren. De ene docent vindt het een goed plan elke week om een samenvatting te vragen (eisen), de andere vindt het een beter idee om er een aantal datasessies tegenaan te gooien.

Elke docent denkt dat zijn/haar vak het enige is. Zo vindt Mr. Tangconstructie het grappig om ons vijftig artikelen te laten zoeken, lezen en presenteren binnen een week. Naast zijn beroerde taalgevoel blijkt de goede man ook al niet te kunnen rekenen. Volgens onze studiegids bestudeer je 5 Engelstalige pagina’s per uur. Een wetenschappelijk artikel vult al gauw zo’n 15 pagina’s. Dus zelfs als we niet hoefden te slapen of eten (familie, vrienden, bijbaan en hobby’s hebben we dan al gedumpt) zou dat nauwelijks in een week te doen zijn.

Om mijn reputatie als klaaggrootmeester niet te veel eer aan te doen, ook nog wat positieve puntjes over het als een razende begonnen schooljaar: mijn groepsgenoten zijn wederom fantastisch (en totaal onmisbaar), geneeskundekoffie zorgt wekelijks voor diverse smakelijke lichtpuntjes, mijn vakken zijn redelijk tot zeer interessant en de docenten kunnen het redelijk tot zeer kundig brengen.

Alles komt goed. Wanneer heb ik ook alweer vakantie? 

Van een andere planeet

Het komt niet vaak voor dat ik mezelf wereldvreemd vind.

Ik heb het nodige meegemaakt en ben op diverse plekken geweest. Maar op het vrijgezellenfeest waar ik afgelopen zaterdag deel van uitmaakte, leek het net of ik van een andere planeet kwam dan de rest. Namen van vibrators, parenclubs en seksfeesten liggen niet op het puntje van mijn tong. Laat staan dat ik een verhaal kan vertellen over ‘toen die ene keer dat ik verdwaald was in de darkroom van een sm-feest’. Verder dan ‘wiet’ versus ‘hasj’ reikt mijn kennis van softdrugs niet, maar voor mensen die in de lucht ervan zijn opgegroeid, is dat duidelijk heel anders. En ja, ik heb wel eens een gymles gemist of een college overgeslagen, maar niet zodanig dat ik nu uitgebreid kan vertellen over de taakstraf die me dat opleverde. Ik werd er stil van.

Het komt niet vaak voor dat ik met mijn mond vol tanden sta.

Schrik

Het moment waarop we ons al de hele vakantie verheugden, komt dichterbij. Na de eerste les van het nieuwe schooljaar is het de hoogste tijd voor een grote beker geneeskundekoffie. Vrolijk en zelfverzekerd wandelen we door de bedompte, groene gangen van de geneeskundefaculteit. Een verbaasde, nieuwe studiegenote in ons kielzog. "Waarom weten jullie hier de weg?"

We komen de hoek om, stappen de kantine binnen en houden onze adem in. Verschrikt kijken we elkaar aan. Alle borden waarop de geneeskundekoffies voor de vakantie vrolijk werden aangeprijsd, zijn leeg. Waar de namen niet konden worden uitgeveegd, zijn er zwarte stickers overheen geplakt. We buigen ons over de balie "Neeeeeeee toch?" De vrouw achter de balie lacht. Ze kent ons nog van vorig schooljaar. Een paar geneeskundekoffies kan ze nog wel maken, alleen die waarvan ze de siroopjes heeft kunnen bemachtigen. Ze werken met een andere leverancier, die niet alle ingredienten op de lijst heeft staan. En de vorige leverancier had het alleenrecht op de klinkende namen heavenly hazel, mellow morning en cinnamon sunset, vandaar dat alle borden zijn verdwenen.

Met onze koffie die niet meer cinnamon sunset heet, maar gelukkig nog wel zo smaakt, schuiven we opgelucht aan tafel. We genieten even in stilte, voordat we de eerste opdracht van het nieuwe schooljaar met elkaar bespreken. Nieuwe studiegenote drinkt van haar blikje appelsap en kijkt nog steeds een beetje verbaasd. "Jullie kennen elkaar duidelijk al."

Het schooljaar 2009/2010 is goed begonnen. Tot aan de kerstvakantie staan er nog 15 maandagmiddagen in de geneeskundekantine op het menu en nog 16 vrijdagmiddagen. Op vrijdag hebben we namelijk les van onze zo geliefde Mr. Tangconstructie. Na zijn college’s hebben we zeker een bakje troost nodig. Of twee.

Mr. Tangconstructie

Na zes weken kroketten bakken, twee weken scriptie typen en 3 dagen Pukkelpop zijn er nog maar een paar schoolvrije dagen over. Dat geeft niet. Ik heb er eigenlijk wel weer zin in. Iets van ritme. Geneeskundekoffie op maandagmiddag. Klaagwedstrijden houden met studiegenoten. Soms zeer zinnige en interessante dingen opsteken. Over interviews bijvoorbeeld. Benieuwd of ik bij dat vak te horen krijg dat ik interviews al jaren verkeerd aanpak. Het enige waar ik torenhoog tegenop zie zijn de lessen van Mr. Tangconstructie. Helaas had ik me al voor zijn vak ingeschreven voordat ik wist dat hij het ging geven. Nu is het te laat om nog een ander vak te kiezen. Behalve van de frase "als ik praat moeten jullie stil zijn" is Mr. Tangconstructie vooral berucht vanwege zijn totale gebrek aan taalgevoel. Hoe het kan dat hij per 1 september in dienst treedt bij de Faculteit Letteren? Geen idee!

Ik heb ze bewaard, zijn tenenkrommende, jeukaanval veroorzakende, tragisch slecht samengestelde woorden en uitdrukkingen. Een bloemlezing:

Ik heb de tijd uit de ogen verloren.
Synchroniciteit.
Eenrichting en tweerichting.
Iedereen die bezig is met zo’n videoconferencing.
Er zit toch nog een manier van competitie uit.
Het zijn speciale special interest uitzendingen voor mensen die ehm erin geinteresseerd zijn.
Het was niet te merken dat de publieke opinie er anders over dacht.
Het was een garantie dat de ruiten werden ingebroken.
Boodschappen die zijn ingespreken.
Als dat het doel was om schattigheid te veroorzaken.
Hoe dat in zijn werk gaat steken.

Mijn grootste probleem met de man is dat ik totaal niet mee krijg wat hij ons wil leren. Ik heb het te druk met me ergeren aan zijn hemeltergend spraakgebrek om de waardevolle informatie uit zijn woordenbrij te filteren. Als het zou kunnen, zou ik af en toe mijn ‘taalradar’ uitzetten, maar helaas heb ik daar het knopje nog nooit van kunnen vinden.   

Een dagje naar het strand

Gister met mijn vriendinnen van de basisschool een dagje naar het strand geweest. Wat een genot. Neerploffen in een gezellige strandtent voor een lekkere cappuccino. Klotsen in de zee. Wegdoezelen op het strand. Weer klotsen in de zee. (B en ik waren als een kind zo blij met de hoge golven). Weer wegdoezelen. Beetje kletsen, beetje boekjes lezen, nog maar eens insmeren. Weer neerploffen bij diezelfde strandtent voor een broodje. Kleren weer uit voor een laatste duik. Opdrogen. Naar de volgende strandtent voor nog een paar lekkere hapjes en een koud drankje. Voldaan en helemaal relaí met een trekkende huid van het zout en zand tussen de tenen naar de tram. Tot dat moment is het een fantastische dag, voor herhaling vatbaar.

Daarna gaat het mis. Geen treinen naar Utrecht. Geen omroepberichten. Dan wel omroepberichten, maar alleen voor als je verder moet dan Utrecht. Een vrouw met een NS-logo aan de tand voelen. "Je kunt via Schiphol." Rennen, want de trein staat er al. Op Schiphol aangekomen staat er op de borden dat het treinverkeer naar Utrecht over 5 (!) kwartier wordt hervat. Althans, die trein staat nog op het bord. Even later verdwijnen ook die witte lettertjes van de blauwe achtergrond. Omroepberichten weer alleen voor verder dan Utrecht, niet voor Utrecht zelf. Dit keer een andere vrouw aan haar jas trekken. "Je moet naar Hilversum, die trein vertrekt over 1 minuut." Shit, die rijdt voor mijn neus weg. Een kwartier later gaat een stoptrein. Die zo ongeveer bij elke boom op de rem gaat staan. Geen omroepberichten in de trein tot aan boom nummero zes. Dat reizigers naar Utrecht beter uit kunnen stappen om de trein naar Amsterdam Centraal te nemen. Daar is inmiddels een pendeldienst. Ik zucht en vloek, maar stap niet uit. Ik durf de gok wel te nemen dat er in Hilversum ook een bus gaat. Het wordt later en later en ik bijt al mijn nagels eraf. Er zal toch inderdaad wel een bus gaan? Ja die gaat. En die stopt bij alle tussengelegen stations. Service van de zaak. Om 20.58 vertrok mijn trein in Den Haag. Om 23.45 stopt de bus bij Utrecht Centraal. Ik doe er maar een kwartier korter over dan mijn basisschoolvriendinnen die in Maastricht moeten zijn.

Een dagje naar het strand kan zomaar een uitputtingsslag worden. En toch: volgend jaar gaan we weer!

De liefste vrienden en zusje van de hele wereld

Het is een bijeengeraapt zooitje, mijn vriendengroep. De buurt, de basisschool, de middelbare school, een van mijn baantjes, mijn studie, mijn studentenhuis, de kroeg, de trein, via via. Ze komen overal vandaan en ik ken ze allemaal uit een andere periode uit mijn leven. Sommigen zien elkaar maar 1 x per jaar (op mijn verjaardagsfeestje) en kletsen en proosten met elkaar of ze wekelijks bij elkaar over de vloer komen. En hoe ver ik ook bij ze vandaan woon, ze stappen zonder mokken in de trein/auto om het glas te heffen op mijn nieuwe levensjaar.

Gister had ik weer zo’n feestje. Meer dan de helft van de mensen had er 2 uur voor gereisd om er te komen (niet alleen vrienden ook het liefste zusje van de hele wereld en haar vriend). De lokatie was niet mijn eerste keus, maar pakte verrassend goed uit. Een relaxe, praatgrage barman die goed koude biertjes tapte en prima muziek draaide. Een gezellige, bruine kroeg die toen we allemaal binnen waren precies vol genoeg was. Al bij het eerste rondje was het gezellig. En het bleef gezellig tot ik 10 uur later mijn bed in rolde. De tel al lang kwijt, maar dik tevreden. 

"Mijn" bijeengeraapte zooite bestaat uit de liefste vrienden van de hele wereld!