Lekker wakker worden

20150121_134908
Doodgewone dingen die je hart doen zingen. Wat een prachtige zin. Eén van mijn favoriete bloggers heeft een rubriek in De Standaard Magazine waarin mensen die doodgewone dingen delen met de lezers. En Lilith zou Kelly niet zijn als ze haar medebloggers niet ook zou uitdagen een lijstje op te stellen.

Mijn dag begon meteen met zo’n ‘ding’. De wekker ging en ik ontwaakte langzaam uit mijn dromen op de prachtige klanken van Roads (Portishead). En dat op de dag dat ik opnieuw spuiten ga laten zetten en malariapillen ga bestellen omdat ik terug ga naar Benin. De eerste keer malariapillen in combinatie met de cd Dummy van Portishead was een bijzondere ervaring. Zes meisjes dansten op blote voeten alsof de nacht nooit zou eindigen.

Andere doodgewone dingen waar mijn hart van gaat zingen:

  • Mijn nichtje die gesprekken voert met ons stoffen konijn.
  • Duiken in een leeg zwembad, of in elk geval in een zwembad waar genoeg plaats is om in te duiken.
  • Handgeschreven kaartjes die in mijn brievenbus vallen.
  • Opdrachten afronden meer dan vijf minuten voor de deadline en die dan afstrepen op mijn nog-te-doen-lijstje.
  • Met de auto op tijd aankomen op mijn bestemming met mijzelf als chauffeur (dit is eigenlijk niet doodgewoon, want ik rijd zelden).
  • Complimenten over wat ik schreef, zeker in de categorie ‘dankzij jouw teksten, hebben we meer klanten’.
  • Na het sporten verbaasd concluderen dat ik dit keer niet heb gefoeteld bij het opdrukken.
  • De zon die naar binnen schijnt en via de fruitschaal een sterrenhemel tekent op het plafond in de keuken.
  • De zon die schijnt. Punt.
  • Op vrijdag, na een week hard werken, de voordeur openen en de heerlijke geur opsnuiven van een perfect gebakken visje. Vervolgens de deur naar de woonkamer openen en mijn lief met een schort voor aan het fornuis zien staan.
  • Belgische supermarkten. Ze zijn iets duurder dan de Nederlandse winkels, maar Gini, braadhaantjes en witte chocolade met pistache maken dat meer dan goed. Om maar een paar producten te noemen.
  • Zwerven door Parijs, Brussel, Berlijn of gewoon door mijn eigen stad.
  • Gesprekken met vrienden. Ook als die gesprekken confronterend zijn.
  • Lezen, altijd en overal.
    DSCN0030

Onrecht

Sla de krant open, kijk het nieuws, of zwengel je computer aan. Overal lees je dat onze ‘westerse waarden’ in gevaar zijn. Iedereen solidair met Charlie. Maar hebben ‘wij’ alleen recht op vrijheid van meningsuiting?

Moeten journalisten en activisten in China, Rusland, Pakistan of Saoedi Arabië er maar mee leren leven dat ze een schietschijf op hun rug dragen? De Saoedische blogger Raif Badawi kreeg afgelopen week de eerste 50 van in totaal 1000 zweepslagen omdat hij op internet zijn mening uitte. Is er al ergens gedemonstreerd?

Moeten onschuldige burgers in het noordoosten van Nigeria er maar mee leren leven dat hun huis elk moment platgebrand kan worden door leden van Boko Haram? Niemand daar die vrijheid van meningsuiting als eerste levensbehoefte ziet. Te druk bezig met proberen te overleven in tijden van voortdurende angst. Koenders of Rutte hier al over gehoord?

Verdrietig ben ik. En boos. Maar ook zwak. Want wat doe ik zelf?

2014, wat een jaar

Vol plannen, wensen en dromen voor het komende jaar begon ik 2014 met de leuke jongen uit de trein aan de voet van de Brandenburger Tor. Wat een fantastisch feest was dat! Geen wonder dat ik dacht dat al mijn dromen uit zouden komen. Met zo’n mooi begin, moest het wel een topjaar worden.

DSCN1935

2014 was een mooi jaar, maar van alle plannen, wensen en dromen kwam er slechts ééntje uit: ik liep de tien kilometer onder de 1.10 en daar ben ik nog steeds trots op 🙂 Ik vond geen baan en maakte geen onverdeeld succes van mijn eigen bedrijf. Ik leerde geen nieuwe taal en volgde geen cursus in mijn eigen vakgebied. Ik sportte veel en probeerde op mijn voeding te letten, maar woog op de laatste dag van het jaar hetzelfde als op de eerste dag. We kochten geen huis en we hakten geen knopen door over wel of geen kinderen.

2014 was een mooi jaar, want ik kon nog steeds bouwen op mijn vrienden. Ik ben me er voortdurend van bewust dat mijn vrienden voor me klaar staan ‘no matter what’. Er mag dan misschien wat minder gefeest worden, aan goede gesprekken bij een kop thee, stedentripjes en mooie wandelingen had ik in 2014 geen gebrek. Het was ook dankzij een aantal vrienden dat ik zo lang ben blijven rennen en steeds sneller werd. (Inmiddels alweer drie maanden geen renschoenen aangehad, goed voornemen voor dit jaar…).

2014 was een mooi jaar, want mijn nichtje, aan wie ik nog zo veel meer brieven had willen schrijven, werd een echte persoonlijkheid. Ze weet heel goed wat ze wil en kan dat verwoorden in heuse volzinnen. Ze komt graag bij ons over de vloer en kan zich weken verheugen op uitstapjes die we gaan maken. De laatste dag van 2014 begonnen we in het zwembad waar ze weer onverschrokken van de glijbaan ging en in het diepe sprong, maar waar ze zich soms ook als een aapje aan me vastklampte als ze dreigde kopje onder te gaan.

2014 was een mooi jaar, want ik deelde het jaar weer met de leuke jongen uit de trein. We zijn nog steeds een heel leuk stel samen, ik kan niet anders zeggen. We hadden onze ruzietjes, die meestal over het huishouden gaan, maar we hadden het vooral heel fijn samen. Ik mag me al bijna zeven jaar in mijn handjes knijpen. De leuke jongen uit de trein zorgde ervoor dat de laatste avond van het jaar een perfecte avond was. Vers uit mijn werk werd ik verwelkomd met een zelf gebrouwen cocktail, daarna gingen we in onze zondagse outfit de deur uit om ons decadent ongans te eten aan voortreffelijke sushi en vervolgens buikten we uit in de woonkamer die hij met kaarsjes en lichtjes en kerstversiering super gezellig had gemaakt. De volgende dag hadden we een champagneontbijt en dronken we bubbels en biertjes in onze stamkroeg omringd door vrienden en bekenden. Als dat geen goed begin is?

2014 was een mooi jaar en 2015 wordt dat ook.

Wat ik jullie en mezelf toewens voor dit zo goed begonnen jaar, schreef ik op mijn zakelijke website

Papa in mijn hoofd

Vandaag twaalf jaar geleden maakte ik de langste treinreis van mijn leven. Terug naar huis. Waar ik werd ontvangen in een huiskamer vol huilende familieleden. Waar mijn mama me uit vandaan trok, mee de gang op. “Hij stierf in mijn armen”, snikte ze, waarna we minutenlang in een omhelzing bleven staan.

Vanmorgen was dat niet het eerste waar ik aan dacht. Er zat nog een bizarre droom in mijn hoofd over een vrouw die haar hand was verloren door een ongeluk met een fietsbel waardoor haar man alle fietsbellen in de wereld wilde vernietigen. Ehm… *koekoek*.

Heel lang was jij na het wakker worden mijn eerste gedachte papa. En dan de schok dat je er niet meer was. Soms meteen gevolgd door tranen. Inmiddels is het zo lang geleden dat ik vaak al duizenden gedachten heb gedacht, voordat jij je opwachting maakt in mijn hoofd.

Soms volgt er dan alsnog een schok, niet vanwege het besef dat jij er niet meer bent, maar omdat ik me zo weinig herinner. Toen het onlangs 25 jaar geleden was dat de Berlijnse Muur viel, moest ik aan mama vragen of ik dat echt samen met jullie op televisie heb gezien. Ik herinner me dat jij en mama zwaar onder de indruk waren en vertelden dat er geschiedenis geschreven werd. Gelukkig bleek ik die scène niet verzonnen te hebben.

Het zijn vooral voetnoten die ik me herinner. Zoals de King-pepermuntjes op de fiets. We fietsten vaak samen. Jij sabbelde op je pepermunt, ik had ‘m al opgeknauweld voor we onze straat uit waren. Toen ik een keer viel met mijn fiets en gewoon weer opstond om verder te gaan, zei je dat je trots op me was. Ik kreeg er een warm gevoel van, al kon ik je opmerking niet precies plaatsen. Zo’n pijn deed de schaafwond op mijn knie nou ook weer niet.

Wist ik veel wat pijn was.

Papa, ik hou van jou en hoop dat je nog steeds trots op me bent. Op ons allemaal. We kunnen klagen (ik het meest), we ploeteren soms, en niets komt zomaar aanwaaien, maar we hebben ons leven alle vier goed op de rit. En dat is mede te danken aan jou. Xxx

Koude kalkoen

Net heb ik in een opwelling op ‘Facebook account verwijderen’ geklikt. Of ik het ga redden om in de slim ingebouwde ‘afkoelperiode’ van 14 dagen weg te blijven, weet ik nog niet. Ik weet wel dat ik veel te veel tijd doorbracht op dit niet zo sociale medium. De kijk-hoe-leuk-mijn-leven-is-berichten van anderen kwamen mijn neus uit. Hoe veel foto’s van te goed gelukte maaltijden en zonovergoten vakanties kan ik nog aan? Niet veel meer volgens mij.

Maar erger nog dan de ergernis aan de blije posts en plaatjes van anderen, is dat ik me zelfs erger aan mijn eigen berichten. Want stiekem weet ik ook wel dat het mijn “vrienden” niet zo veel kan schelen dat ik het retedruk heb, dat ik van opdracht naar opdracht ren, dat ik tussendoor ook nog ‘ja’ zeg op van alles en dat mijn leven een chaos is. Ik hoorde ze al denken ‘Daar komt ze weer’ op het moment dat ik op ‘plaatsen’ duwde. Waarom ik die berichten dan toch deel met mijn Facebookende medemens? Geen idee. Hang naar aandacht misschien?

Met een tiental freelance opdrachten op mijn bord en feestdagendrukte met bijbehorende extra lange openingstijden bij mijn loondienstbaan heb ik wel wat anders te doen dan elk uur op Facebook kijken om te zien of ik nog iets heb gemist. Bloggen bijvoorbeeld 😉

Van een moment waarop ik zelf totaal niet met Facebook bezig was, verscheen een foto op Facebook.

Van een moment waarop ik zelf totaal niet met Facebook bezig was, verscheen een foto op Facebook.

Te bloot?

Een persoon die me lief is, vindt dat ik veel te veel online slinger. Dat ik te intieme dingen met het web deel en ook de privacy van anderen op het spel zet. Deze persoon is bang dat ik potentiële werkgevers afschrik en dat vrienden niet meer zichzelf durven zijn in mijn buurt. Vannacht lag ik daar serieus van wakker. Berokken ik mezelf en anderen schade met deze blog?

Mensen die mij kennen, weten wie de leuke jongen uit de trein is en hoe goed onze relatie in elkaar steekt. Mensen die mij kennen, weten hoe dol ik ben op mijn nichtje waar ik al veel te lang geen brief meer aan geschreven heb. Vrienden en vriendinnen, die ik nooit bij naam noem, zullen zichzelf ongetwijfeld herkennen als ze voorbij komen in mijn wondere schrijfwereld. Maar bezorg ik ze daar last mee?

Potentiële werkgevers die de link leggen tussen deze blog en mijzelf, schrik ik die af? Of zijn dat dan sowieso opdrachtgevers waar ik niet voor zou willen werken?

Dat ik mezelf te kwetsbaar opstel, daar maak ik me niet zo druk over. Ik ben over het algemeen een open boek, maar houd mijn lippen stijf op elkaar als het om vertrouwelijke informatie gaat of om afspraken met opdrachtgevers. Deze blog ik vrij toegankelijk voor wie ‘m weet te vinden, maar mijn Facebook- en LinkedIncontacten zijn in groepen verdeeld, waardoor lang niet iedereen alles kan lezen wat ik deel. Toch knaagt er iets. Moet ik stoppen met bloggen? Of moet het hier alleen nog over huis- tuin- en keukenonderwerpen gaan?

Dat laatste kan eenvoudig geregeld worden. Dan schrijf ik elke dag een verhaaltje als dit en weet ik zeker dat na verloop van tijd niemand meer leest:
“Ik heb vanmorgen 50 baantjes gezwommen, een eierkoek gegeten en de tuin geveegd. Wat een start van de dag.”

UPDATE: Reacties op deze blog kreeg ik vooral mondeling en via Facebook. ‘Men’ is van mening dat deze blog potentiële werkgevers zou kunnen afschrikken. Al is het maar doordat het lezen van deze blog werkgevers kan doen ontdekken dat ik karaktertrekken heb die ze niet aanstaan. Maar ‘men’ is het er gelukkig ook over eens dat mensen zich in mijn buurt echt niet anders gaan gedragen vanwege deze blog.

De verwende zzp’er

Officieel heeft het kabinet nog geen besluit genomen over het lot van de ongeveer 800.000 zzp’ers in Nederland. Maar als ik de kleine storm aan berichten op LinkedIn moet geloven naar aanleiding van een artikel in Het Financieele Dagblad gisteren, dan lijkt de overheid van plan de fiscale voordelen voor zzp’ers af te schaffen en dan lijkt het erop dat de gemiddelde zzp’er het daar niet mee eens is. Goh.

Zelfstandigen zouden te veel in de watten worden gelegd, wordt in het artikel gezegd. In de watten gelegd? Hoe dan? Door die zelfstandigenaftrek? Ik bouw geen pensioen op, heb geen arbeidsongeschiktheidsverzekering, moet zwaar onderhandelen om een redelijke vergoeding voor een tekst te krijgen, steek veel tijd en geld in het bezoeken van netwerkbijeenkomsten waarvan je vooraf nooit weet of het iets gaat opleveren en als ik zin heb in iets wat op collegialiteit en gezelligheid rond de koffieautomaat lijkt, moet ik tig euro per maand betalen voor een gedeelde werkruimte. Als ik ziek ben (wat gelukkig zelden het geval is) of op vakantie ga (wat naar mijn mening nooit vaak genoeg is), verdien ik niets. Als ik bij wil blijven op mijn vakgebied, heb ik geen werkgever die me op cursus stuurt. En voor een hypotheek hoef ik al helemaal niet aan te kloppen.

Het leven van een zzp’er kent vele voordelen, dat zal ik niet ontkennen. Ik werk deze hersenkronkels uit terwijl ik onopgemaakt in mijn kloffie aan de keukentafel zit met een grote pot thee binnen handbereik en de muziek op een geluidsniveau waar ik op kantoor nooit mee weg zou komen. Ik kan naar de supermarkt buiten de  spits, ik kan midden op de dag besluiten om te gaan sporten. Als de zon schijnt, maak ik een wandeling. Als het regent, hoef ik nergens heen. De ‘teamvergadering’ en het ‘competentiegesprek’, dingen waar ik in loondienst een kleine hekel aan had, komen in mijn agenda niet meer voor.Het grootste deel van mijn tijd doe ik wat ik leuk vind, namelijk mensen interviewen en teksten schrijven. Heerlijk.

Maar als iemand mij in de watten legt, dan ben ik het zelf. Of de leuke jongen uit de trein natuurlijk.

Het gaat goed. Maar toch, soms…

DSCN1853
Met mij gaat het goed. De vakantie heeft me een energieboost gekregen waar ik blij van word. Voordat we vertrokken was ik ontzettend moe. Nu voel ik me topfit en koester ik mijn bruine velletje. Afgelopen week sportte ik maar liefst drie keer en het koste me nauwelijks moeite.

Op werkgebied gaat het goed. Vanmorgen had ik een gesprek met een bevlogen en gepassioneerde vrouw. Ze had een wervingsmail die ik twee jaar geleden verstuurde al die tijd bewaard, omdat ze mijn tekst zo mooi vond. Tot nu toe had ze geen budget voor een communicatiemedewerker. Nu heeft ze ergens een potje gevonden en kan ik structureel voor haar aan de slag. Een andere vereniging waar ik één avond in de maand voor werkte als notulist, kan me sinds kort een dag per week bieden. Over een week start ik bovendien in deeltijd bij de klantendienst van een warenhuis. Deze drie ‘baantjes’ bij elkaar opgeteld, gaan me eindelijk voldoende basisinkomen opleveren om elke maand mijn vaste lasten te betalen. Alle opdrachten die ik extra binnenhaal, zijn vanaf nu voor “extra” dingen. Wat een luxe.

Op relatiegebied gaat het goed. De leuke jongen uit de trein is na de vakantie ook een stuk energieker dan ervoor (al moet ik even afwachten hoe lang dat nog duurt, vandaag was zijn eerste werkdag). Mijn lief heeft me de afgelopen week enorm verwend met culinaire hoogstandjes waar sommige deelnemers aan Master Chef nog een puntje aan kunnen zuigen. Voortreffelijke goulash. Smeuïge risotto. Crème brûlée en lemon curd meringue taart. Omdat ik bijna elke avond moest werken, hadden we nauwelijks tijd om samen te eten, maar dat mocht de pret niet drukken. We zitten sinds de vakantie allebei in de knuffelmodus en gedragen ons af en toe als verliefde pubers. Heerlijk.

Niets te klagen dus.

Maar toch.

Maar toch was er vorige week een ochtend waarop ik verdrietig wakker werd. En toen ging ik malen:
Ik ben 34 en wat heb ik nou helemaal bereikt? Ik ben een vrouw met overgewicht, onhandelbaar haar en een studieschuld; een vrouw zonder vaste baan en zonder eigen huis. Ik heb nauwelijks een carrière en barst van de in de ijskast gezette dromen en vervagende ambities. Ik vind nooit genoeg werk en nooit genoeg zekerheid omdat ik niet goed genoeg ben in wat ik doe. Het is mijn schuld dat de leuke jongen uit de trein geen ambities meer heeft. Hij zou gaan studeren en hij zou zangles nemen. Maar hij vindt dat daar geen geld en tijd voor is. Omdat ik niet genoeg binnen breng waardoor hij niet minder kan gaan werken. Grote beslissingen gaan we uit de weg. Over het kopen van huizen, het wel of niet willen van kinderen, het afsluiten van een samenlevingscontract. Als er met één van ons iets gebeurt, heeft de ander niets en verdomme ik weet hoe snel er iets kan gebeuren. We hebben werkelijk niets geregeld, we hebben niet eens een gezamenlijke bankrekening.”

Als ik zo lig te malen, word ik jaloers op vriendinnen bij wie allerlei dingen aan zijn komen waaien (zo lijkt het dan in elk geval). Vriendinnen die hooguit drie sollicitatiebrieven schreven in hun leven en de ene na de andere promotie krijgen aangeboden. Vriendinnen die zonder met hun ogen te knipperen een hypotheek konden afsluiten en ook nog geld over hebben om vier keer per jaar op vakantie te gaan. En dan word ik boos op mezelf. Want als ik iets haat is het jaloezie. Ik gun mijn vriendinnen het allerbeste en ben super blij voor voor ze als het goed met ze gaat.

Na een halve dag somberen, is zo’n bui meestal weer voorbij. Mijn problemen zijn slechts luxeproblemen. Peanuts.

Maar toch, soms… Ik zou wel wat vaker willen lezen dat iemand met dezelfde dingen worstelt als ik. Dat achter al die prachtige foto’s en blije berichten op Facebook ook mensen schuilgaan die soms twijfelen aan zichzelf en soms stiekem jaloers zijn op de mensen die het beter voor elkaar lijken te hebben.

Ik hartje avontuur in den vreemde

Nu ik met hart en ziel uitkijk naar onze vakantie, droom ik weg bij vakantieherinneringen. 

Een plastic achterbank, kinderslot op de deuren en een paar handboeien bungelend aan de achteruitkijkspiegel. We voelden ons op niet zo op ons gemak achterin de politieauto die ons naar het hoofdbureau moest brengen. De oude Lada met rood zwaailicht op het dak reed snel door de drukke straten van Havana. Het politiebureau zag eruit als een middeleeuws slot waarin je donkere kerkers vermoedt, wat ons er niet geruster op maakte.

“Yes we have been stupid”, moesten we toegeven toen we na uren wachten een Engels sprekende ambtenaar tegenover ons vonden. Eerder die dag hadden we vijf (!) lifters meegenomen in ons huurautootje. Onderweg stapte dit bonte gezelschap uit, terwijl wij doorreden naar Havana. Daar aangekomen ontdekten we dat de koordjes van onze hoedenplank waren doorgesneden en er een tas uit de kofferbak ontbrak. De tas van mijn reisgenoot S, met daarin gelukkig vooral makkelijk vervangbare spullen zoals kleding en toiletspullen. Het opnoemen van de waarde van de vermiste spullen, zorgde nog wel even voor een ongemakkelijk moment. In de tas zat onder andere Hugo Boss-deodorant die €40,- had gekost. De ambtenaar spreidde zijn armen en zei “That must have been a bottle this big!”

Dit was niet het enige avontuur dat S en ik beleefden op Cuba, waar we logeerden in de leukste casas particulare, salsa dansten bij zonsondergang en (te) veel mojitos dronken. We zagen de prachtigste landschappen aan ons voorbij trekken. Vooral de Sierra de los Organos, met zijn mogotes (grote, groene, losstaande kalkstenen bergen) die oprijzen uit de platte tabaksvelden van de Viñalesvallei, maakten indruk. We beklommen zelf een berg en daalden af in een kloof (beide keren totaal onvoorbereid zonder water en op slechte schoenen). We probeerden boodschappen te doen in een winkel die alleen voor Cubanen bedoeld was. Dat mislukte. Wel waren we de enige toeristen bij een bokstoernooi in een grote sporthal. 

Met de leuke jongen uit de trein zal het er iets beter georganiseerd en minder sportief aan toe gaan, Maar ik twijfel er niet aan dat het bijzonder en avontuurlijk wordt. Nog even volhouden…