Roetveegpiet

Mijn vorige blog ging over het uiterlijk van de over het dak buitelende pieten die ervoor zorgen dat veel kinderen in Nederland voor of op 5 december worden bedolven onder een stapel cadeaus. Ik was er daar één van afgelopen zaterdag. Van die pieten bedoel ik, niet van die kinderen.

Van mij mogen pieten dus best van uiterlijk veranderen. Als tradities nooit zouden veranderen, at ik iedere dag aardappelen, mocht ik niet buitenshuis werken of stemmen en was de dominee of pastoor al tientallen keren komen vragen waarom ik nog geen kinderen heb. Ik moet er niet aan denken!

Dus vroeg ik, gesteund door ‘mijn’ Sinterklaas, aan de mensen van de schmink om van mij een roetveegpiet te maken. De mensen van de schmink zijn hele aardige mensen die iedereen vriendelijk ontvangen en die zich met schminken en verhuren van pakken vrijwillig inzetten voor enkele lokale verenigingen.

Maar aardig of niet, de mensen van de schmink vonden mijn vraag absurd en dus kreeg ik commentaar in de vorm van: ‘Wat een onzin. Die hele discussie zou niet eens gevoerd moeten worden. Het is ons feest. Het was nooit een probleem, dus waarom moet het dan veranderen…’

Na nog wat gesputter dat een roetveegpiet veel moeilijker te schminken is dan een ‘gewone’ piet, kreeg ik wel mijn zin. Volgens de mensen van de schmink had nog niemand anders erom gevraagd, terwijl ze toch al tientallen bleke gezichten hadden getransformeerd. Benieuwd of dat volgend jaar anders is.

Roetveegpiet

Gewetensnood

Even werkontwijkend gedrag vertonen door op Facebook te kijken wat mijn vrienden en bekenden zoal bezig houdt, is in deze tijd van het jaar een pijnlijke confrontatie met denkwijzen die niet de mijne zijn.

Wat een dramatische filmpjes van huilende Pieten met sentimentele muziek eronder. Wat een uitroeptekens. Deel dit en deel dat en teken de petitie zodat Piet zwart blijft. Bron van dit soort berichten zijn vaak pagina’s met enge titels zoals ‘Nederland is mijn land’. Brrrrr. Laat Piet toch lekker van kleur veranderen.

Van de andere kant. Komende zaterdag speel ik Piet. Een diepdonkerbruine. Om de simpele reden dat de organisatie die voor de kleding en de schmink zorgt over niets anders beschikt. En omdat een aantal kinderen mij zonder schmink misschien herkent. Maakt dat me laf? Of nog erger? Want ik weet dat de verschijning van Zwarte Piet mensen kwetst en ik wil niemand kwetsen.

De familie die Sinterklaas en mij inhuurt is een warme, gastvrije familie waarvoor ik mijn hand in het vuur durf te steken dat ‘iedereen is gelijk, iedereen is welkom en behandel iedereen met respect’ één van de belangrijkste familieovertuigingen is.

Drie generaties zijn bij het jaarlijkse feest, waarvan een stuk of tien kinderen in de ‘gelovige’ leeftijd. Ik heb de grootste lol als ze mij op zolder vinden, waar ik zogenaamd in slaap ben gevallen tijdens het inpakken van de cadeautjes. Ik zing enthousiast mee met alle liedjes en ik dans op het Pietenlied.

Maar het is met buikpijn en in gewetensnood dat ik mij zaterdag in een zwarte maillot wring en in een groenpaars velours pakje hijs.

Waarin ik er uiteraard allercharmanst uitzie, dat dan weer wel:
Lieke is Piet

#ikweethetniet

Ik merk dat ik heel dubbel in het #metoo verhaal sta, om het maar even met een kromme zin te zeggen.

Ja, ik vind het een goed idee om te laten zien hoe groot het probleem is. Nee moet voor iedereen NEE zijn, met een kort rokje vraag je er niet om, seksuele handelingen in ruil voor promotie, onderdak of wat dan ook is altijd machtsmisbruik en in en in slecht. Maar ik krijg kromme tenen van allerlei vingerwijzen en geroep om strengere straffen en hele groepen of systemen ergens de schuld van geven, allemaal onder dezelfde hashtag.

Toen ik 10, 11, 12 was werd ik ieder weekend betast door een man die qua leeftijd mijn opa kon zijn. Handen onder mijn shirt en alles. Toch ging ik het volgende weekend weer. Want hij had een boerderij waar ik mocht paardrijden en met de hond wandelen en in het hooi spelen en fruit plukken. Ergens wist ik wel dat het niet klopte, juist daarom hield ik mijn mond. Als het uit zou komen, zou ik niet meer mogen gaan. En zo geschiedde.

Toen ik 16, 17, 18 was gingen jongens vaak verder dan ik eigenlijk wilde. Maar ik liet ze begaan, ik gaf mijn eigen grenzen niet aan en die jongens zullen dus niet eens geweten hebben dat ik het niet prettig vond. Al hadden ze het aan mijn verstijfde lichaam misschien wel kunnen merken.

Daar staat tegenover dat ik vaak mijn vrouwelijkheid heb ingezet om iets voor elkaar te krijgen. In het studentenhuis waar ik als enige vrouw woonde, deed ik mezelf vaak hulpelozer voor dan dat ik was, waardoor ik nooit zelf mijn banden hoefde te plakken. En ik flirtte in de kroeg met jongens waarvan ik verwachtte dat ze met gratis drankjes zouden reageren. Waar ligt de grens? Wanneer is het manipulatie?

Ik realiseer me dat steeds meer mannen bang zijn om te ver te gaan bij vrouwen. Dat ze niet meer durven te flirten en wel uitkijken om de eerste move te maken. En ondertussen klagen vrouwen dat er geen ‘echte mannen’ meer bestaan.

Ik voel me ongemakkelijk onder het gesis en de opmerkingen over mijn borsten en billen van de drugsdealers om de hoek van ons oude huis. Terwijl een ‘goedemorgen schoonheid’ van de vuilnisman of de hovenier mijn dag goed kan maken. Een opmerking die een andere vrouw misschien als zwaar ongepast ervaart.

Iedereen is anders. Voor iedereen ligt de grens ergens anders. Elke situatie is anders.

En ik denk dat kwetsbare, onzekere vrouwen (en mannen) die middenin (de verwerking van) een traumatische ervaring zitten, zich nog steeds niet uitspreken onder #metoo. Want actie kan reactie betekenen. Dat je over je ervaringen moet spreken, waar je nog helemaal niet aan toe bent. Dat de kans bestaat dat je uit je familie wordt verstoten of erger nog, iets van eerwraak op je hals haalt. De echte omvang van seksuele intimidatie zullen we nooit kennen.

Maar ik hoop wel dat #metoo mensen aan het denken zet. En misschien een kleine gedragsverandering veroorzaakt bij sommige mensen.

Om 8 uur in het winkelcentrum

lunch-e1507881562267.jpgOké, het is officieel, ik begin een oud zeikwijf te worden dat de jeugd van tegenwoordig niet snapt.

“Mevrouw, kom maar aan deze kassa”, roept de caissière achter de servicebalie in de supermarkt. “Dit is een betere plek”, knipoogt ze erachteraan.

Waarschijnlijk zag ze me met mijn ogen rollen achteraan in de rij voor de enige open kassa. Voor me staan acht identiek geklede meiden van een jaar of 12, die allemaal apart hun blikjes energiedrank, zakken chips en kaascroissantjes willen afrekenen. Om 8 uur ’s ochtends!!!

Het hele winkelcentrum wemelt op dat tijdstip trouwens van de brugklassers. Ze stoppen hun rugzakken vol met energiedrankjes en andere gezonde producten. De ‘stoerste’ jongens en meiden staan buiten te roken en sturen ‘ondergeschikten’ naar binnen.

“Het kwam echt niet in me op”, antwoord ik de caissière. “Om voor schooltijd langs de supermarkt te gaan en dan chips mee te nemen. Ik had mijn broodtrommel met zelf gesmeerde boterhammen en een appel.”

Die heb ik nog steeds. De beker ranja is inmiddels wel vervangen door koffie.

 

 

Vakantie

IMG-20170930-WA0000Wie mij een beetje kent, weet dat ik een aanbidder ben van vakanties ‘in den vreemde’. Ik wil daar naartoe waar de wind onbekende geuren naar mijn neus stuurt, waar ik mijn ogen uitkijk, waar de lichtinval zachter is en de kleuren feller. Naar waar ik de omgangsvormen niet altijd begrijp en waar ik soms handen en voeten nodig heb om iets voor elkaar te krijgen. Struinen door smalle steegjes waar ‘de koekjes om de hoekjes liggen’.

Toch is het grotendeels mijn schuld dat we deze vakantie niet verder weg gaan dan een paar dagen naar het mooie, groene en frisse Zeeuwse land. Er was geen plek in mijn hoofd om me in verre bestemmingen te verdiepen, want ik moest blijven watertrappelen om niet kopje onder te gaan in mijn -super leuke en gevarieerde- opdrachten.

Met enige verbazing kan ik zeggen dat het fijn is. We slapen uit. We rommelen wat in huis. We gaan uiteten, bestellen iets, of besluiten juist om uitgebreid te koken ‘want daar is nu tijd voor’. Ik negeer vakkundig mijn mailboxen, LinkedIn, mijn zakelijke Facebookpagina’s en websites van netwerkverenigingen en communicatiegroepen die ik normaal nauwgezet volg.

Ook al komen buiten vijftig tinten grijs voorbij en giert de wind om het huis, ook al loopt het huishouden gewoon door, ik kan oprecht zeggen: ik geniet ook van vakantie in Nederland 😀

Maar de volgende keer gaan we naar…

 

Gisteren begon de zomer en vandaag is het alweer bijna herfst

20151102_130543_resizedDe weken gaan zo snel de laatste tijd. Plotseling is het 19 september en wat heb ik nou helemaal gedaan?

Oké, ik heb natuurlijk heel veel gedaan. Behalve het fijne intermezzo in Brussel, bestond dat ‘veel’ vooral uit werk en het werk bestond vooral uit reistijd naar opdrachtgevers toe. Een project leiden dat zich in alle uithoeken van Parkstad afspeelt, is eigenlijk niet te doen zonder auto. Die auto komt er deze vakantie. En ondanks dat ik een hekel heb aan autorijden, is dat een zegen.

Maar jee wat vliegt de tijd. Ik durf bijna niet met mijn ogen te knipperen, bang dat als ik ze open doe Sinterklaas alweer voor de deur staat. Sinds een paar weken liggen de winkelrekken vol met pepernoten en gevulde speculaas. Daar ben ik echt nog niet klaar voor!

Eerst de herfst nog. Ik wens iedereen een kleurrijke herfst vol wandelingen, warme chocomel en fleecedekentjes.

In herhaling

RELAX-1
Een paar weken geleden schreef ik iets over een vork en te veel hooi. Over huilend naar huis rijden van een klant, omdat ik door de deadlines het bos niet meer zag. Gelukkig leer ik altijd van mijn fouten. NOT!

Nadat we terugkwamen uit Brussel had ik even niet zo veel te doen, ik sliep nog een dagje uit, ging met een vriendin koffiedrinken, maakte een wandeling. Toen begon ik me zorgen te maken. Want als ik niet werk, komt er geen geld binnen.

Gelukkig kwamen toen de aanvragen weer. Ja, natuurlijk wilde ik projectleider worden van die leuke opdracht. En ja, natuurlijk kan ik acht personen op één dag interviewen zodat alle portretten in één keer op de website kunnen. Als ik dan toch bezig ben, die presentatie knutsel ik ook nog wel even in elkaar. Facebook bijhouden voor dat fijne documentairefestival, dat kan tussen de bedrijven door. En wat is nu twee vergaderingen in een week? Oh moeten daar ook notulen van gemaakt en een afsprakenlijst? Past makkelijk naast 16 uur op de communicatieafdeling van gemeente Landgraaf.

Waarom ik dacht dat het haalbaar was? Geen idee. Omdat tot nu toe uiteindelijk alles goed komt? Het is maar goed dat ik bijna vakantie heb. Nog nét niet overspannen aan een vakantie beginnen, het is weer eens wat anders.

Ode aan Brussel

Deze galerij bevat 2 foto's.

Is het een mooie stad? Hooguit voor de helft. Word je overal vriendelijk bediend? Nee, op sommige plekken is het humeurigheid troef en zijn de prijzen belachelijk. Is het een aangename stad voor voetgangers en fietsers? Niet echt, want als je niet kijkt waar je je voeten neerzet, struikel je beslist over losse stoeptegels en … Lees verder

Zen zonder zen-activiteiten?

Kikker yogaOverpeinzing op de dinsdagmorgen:

Yoga om in balans te komen, meditatie om in contact te komen met je onderbewustzijn, magnetisme om je geblokkeerde energiebanen te openen, stiltewandelingen op blote voeten om je hoofd leeg te maken, bewustzijnstherapie om te komen tot je kern van vrijheid, coaching om jezelf in je kracht te zetten, intuïtief schilderen om je creativiteit te laten opbloeien, tai chi tao om één te worden met het universum, lachtherapie om negatieve gedachten uit te bannen, natuurlijke oliën voor rust in je hoofd en stenen die gecombineerd met bepaalde kruiden een helende werking hebben voor zo ongeveer alles.

Mijn tijdlijn op Facebook loopt er vol mee. En dat is best wel grappig, want ik sta totaal niet open voor dit soort dingen. Terwijl ik het vaak heel goed kan vinden met de mensen die werken in deze ‘branche’ (er is natuurlijk niet echt een verzamelnaam voor wat ik hierboven allemaal noem). Goede vriendinnen en zakenrelaties zijn yogadocent of tai chi adept en gaan af en toe op stilteretraite in een klooster. Dat verklaart de berichten op mijn tijdlijn.

Is mijn hoofd vol, dan ga ik een stuk hardlopen of baantjes zwemmen. Zijn mijn hoofd en agenda overvol, dan krijg ik buikpijn, huil ik een keer en zeg ik vervolgens een paar activiteiten af, zoals te lezen was in mijn vorige blog. Heb ik geen inspiratie, dan helpt het meestal om te brainstormen met mijn mede-flexwerkers of om even mijn oordopjes in te doen en naar fijne muziek te luisteren.

Mooi dat we allemaal op een andere manier voor onszelf zorgen. Wat doen jullie om je zen te voelen?

Iets met een vork en te veel hooi

Chaos

“Nanotechnologie, wat weet je daarvan?”
“Niets.”
“Kun je er een stuk over schijven, voor een projectplan waar miljoenen mee gemoeid zijn?”
“Ja hoor, geen probleem.”

“Dat interview vanmiddag, dat is met zes mensen tegelijk. Kan zijn dat ze af en toe door elkaar heen praten, want iedereen is heel enthousiast over de bouwplannen.”
“Maakt niet uit, ik zorg dat ik van iedereen een mooie quote krijg.”

“Crisiscommunicatie, wat denk je daarvan?”
“Lijkt me spannend, maar ik denk dat ik het wel kan.”

Over het algemeen ben ik geen stresskip en raak ik niet snel in paniek. Ik zeg ja op iedere opdracht en doe mijn uiterste best om alles wat me wordt verteld foutloos en lekker leesbaar op (digitaal) papier te zetten. In mijn vorige blog omschreef ik mijn werksituatie als ‘ongelofelijke luxe’.

Hard werken combineerde ik tussen augustus en april met een veeleisende verbouwing en sindsdien met een tjokvol sociaal leven. De afgelopen weken was ik meer avonden niet dan wel thuis.

Ineens, of misschien toch niet zo heel erg ineens, is de grens bereikt. Of erger, ik denk dat ik er al overheen ben gegaan. Maandag reed ik huilend van een opdrachtgever terug naar huis. Niet omdat het interview slecht ging. Niet omdat de koffie slecht was. Ook niet omdat ik zo’n hekel aan autorijden heb. Wel omdat ik op dat moment zeker wist dat ik niet de kwaliteit kon leveren die ik wilde. En de deadline was weer eens ‘gisteren’.

Weten dat je tekort gaat schieten, doet pijn. Vanaf dat moment zit er een knoop in mijn maag en onrust in mijn hoofd.

Is het al bijna vakantie?